<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2024:9296</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-09-25T09:43:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-09-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-08-30</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11092830 CV EXPL 24-11955</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2024:9296">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2024:9296</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-09-25T09:43:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-09-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2024:9296 Rechtbank Rotterdam , 30-08-2024 / 11092830 CV EXPL 24-11955</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2024:9296:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Huurzaak. Bewijsopdracht handtekening borgstellingsformulier.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2024:9296:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Rotterdam</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 11092830 CV EXPL 24-11955</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>datum uitspraak: 30 augustus 2024</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de kantonrechter</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Gotthard Vastgoed B.V.,</emphasis>
      </para>
      <para>vestigingsplaats: Luchthaven Schiphol,</para>
      <para>eiseres, </para>
      <para>gemachtigde: gerechtsdeurwaarder mr. O.J. Boeder,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [gedaagde 1] ,</title>
    <parablock>
      <para>woonplaats: [woonplaats 1] ,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">2. [gedaagde 2] ,</emphasis>
      </para>
      <para>woonplaats: [woonplaats 2] ,</para>
      <para>gedaagden,</para>
      <para>die zelf procederen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De partijen worden hierna ‘Gotthard’, ‘ [gedaagde 1] ’ en ‘ [gedaagde 2] ’ genoemd. [gedaagde 1] en [gedaagde 2] worden tezamen aangeduid als ‘ [gedaagde 1] c.s.’.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de dagvaardingen van 2 en 3 mei 2024, met bijlagen;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het antwoord van [gedaagde 2] ;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de brief van de zijde van Gotthard van 15 augustus 2024, met bijlagen;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de e-mail van de zijde van Gotthard van 20 augustus 2024, met bijlagen;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een nadere productie van Gotthard, overhandigd tijdens de zitting op 21 augustus 2024.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Op 21 augustus 2024 is de zaak tijdens een zitting besproken. Daarbij waren aanwezig: </para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de heer [persoon A] (financieel medewerker bij Gotthard) met de gemachtigde van Gotthard;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            [gedaagde 1] c.s.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Waar gaat de zaak over?</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [gedaagde 1] huurt de woning aan de [adres] in Hoogvliet Rotterdam van Gotthard. De huur is nu € 695,76 per maand. Er is een huurachterstand ontstaan. Gotthard eist dat [gedaagde 1] c.s. die huurachterstand betalen, dat de kantonrechter de huurovereenkomst ontbindt en dat [gedaagde 1] de woning moet verlaten. De kantonrechter neemt hierover nog geen beslissing, omdat hij daarvoor nadere informatie nodig heeft. Hierna wordt uitgelegd waarom. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Heeft [gedaagde 2] zich garant gesteld?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde 1] c.s. hebben niet weersproken dat de huurachterstand op het moment van de zitting € 3.435,12 was. De huur tot en met de maand augustus 2024 zit hier dus bij. Ten aanzien van [gedaagde 1] is dit bedrag in beginsel toewijsbaar. Om te beoordelen of dat voor [gedaagde 2] ook geldt, heeft de kantonrechter nadere informatie nodig. Volgens Gotthard en [gedaagde 1] heeft [gedaagde 2] zich namelijk garant gesteld voor een bedrag van € 7.337,16, maar [gedaagde 2] is het daar niet mee eens. Hij voert aan dat hij [gedaagde 1] niet kent, dat hij nooit in de betreffende woning is geweest, dat hij ook nooit garant heeft willen staan en dat de handtekening op het borgstellingsformulier niet van hem is. Door [gedaagde 1] wordt dit (voor zover nu relevant) weersproken. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>In de op 14 februari 2019 door [gedaagde 1] en namens Gotthard getekende huurovereenkomst is ten aanzien van de vermeende garantstelling – voor zover van belang - het volgende opgenomen:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>“(…) 10.30 Huurder zal zorg dragen voor een garantstelling van de heer [gedaagde 2] , geboren op [geboortedatum] 1984, groot een bedrag gelijk aan 12 maanden huur inclusief voorschot servicekosten en warmtelevering zijne € 7.337,16, conform bijgevoegd borgstellingsformulier. (…)”</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Gotthard heeft een schriftelijke verklaring, voorzien van een handtekening, overgelegd waarin – voor zover van belang - het volgende is opgenomen:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>“(…) <emphasis role="bold underline">De ondergetekende: (degenen die borg staat)</emphasis></para>
        <para>	Naam				: De heer [gedaagde 2]</para>
        <para>	(…)</para>
        <para>
          <emphasis role="bold underline">Verklaart zich hierbij voor: (verhuurder)</emphasis>
        </para>
        <para>	Naam				: Gotthard Vastgoed B.V.</para>
        <para>	(…)</para>
        <para>
          <emphasis role="bold underline">te stellen tot borg voor en hoofdelijk medeschuldenaar met de na te noemen hoofdschuldenaar, te weten: (huurder)</emphasis>
        </para>
        <para>Naam				: Mevrouw [gedaagde 1]</para>
        <para>	(…)</para>
        <para>
          <emphasis role="bold underline">Voor alle betalingsverplichtingen van de hoofdschuldenaar uit hoofde van de huurovereenkomst met ingangsdatum 1 januari 2019 voor:</emphasis>
        </para>
        <para>	Adres				: [adres]</para>
        <para>	Postcode en woonplaats		: [postcode] Hoogvliet</para>
        <para>
          <emphasis role="bold underline">Een en ander onder de volgende voorwaarden:</emphasis>
        </para>
        <para>(…) Het maximum bedrag van de borgstelling bedraagt (…) totaal een bedrag van € 7.337,16 (…).”</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Gotthard krijgt een bewijsopdracht</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Een onderhandse akte (zoals het voornoemde borgstellingsformulier), waarvan de ondertekening stellig wordt ontkend, levert echter geen bewijs op zolang niet bewezen is van wie de ondertekening afkomstig is (artikel 159 lid 2 Rv). Gotthard beroept zich op het stuk en draagt daarom de bewijslast van de echtheid van de handtekening. De door Gotthard in reactie op het verweer van [gedaagde 2] overgelegde stukken, waaronder een kopie van het (oude) rijbewijs geven onvoldoende duidelijkheid, omdat de verschillende handtekeningen op het eerste gezicht niet identiek lijken te zijn en ook niet volledig overeen lijken te komen met de handtekening op het (oude, inmiddels verlopen) rijbewijs. Dit wordt als zodanig ook door [gedaagde 2] aangevoerd die op de zitting aan de kantonrechter zijn huidige rijbewijs heeft laten zien en erop heeft gewezen dat de diverse handtekeningen van elkaar afwijken. Het borgstellingsformulier zelf biedt ook onvoldoende aanknopingspunten om vast te kunnen stellen of de ondertekening van [gedaagde 2] afkomstig is. Gotthard krijgt daarom, mede in het kader van haar uitdrukkelijke bewijsaanbod, een bewijsopdracht. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Direct nadat Gotthard bewijs heeft geleverd, mag [gedaagde 2] (tegen)bewijs leveren. De partijen mogen pas op elkaars bewijs reageren als het leveren van bewijs door beide partijen is afgerond. De kantonrechter beoordeelt daarna of het bewijs geleverd is.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De kantonrechter:</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>draagt Gotthard op om te bewijzen dat de ondertekening op het borgstellings-formulier behorende bij de huurovereenkomst met ingangsdatum 1 januari 2019 afkomstig is van [gedaagde 2] ;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">schriftelijk bewijs</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>bepaalt dat als Gotthard schriftelijk bewijs wil leveren dit bewijs uiterlijk een dag voor de rolzitting van <emphasis role="bold">dinsdag 1 oktober 2024 om 11:30 uur</emphasis> in tweevoud moet zijn ontvangen op de rechtbank;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">getuigenbewijs</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>bepaalt dat als Gotthard getuigen willen laten horen, zij uiterlijk een dag voor de rolzitting die hiervoor is genoemd het aantal en de personalia van de getuigen moet opgeven en de verhinderdata van de getuigen en <emphasis role="underline">alle</emphasis> partijen voor de maanden november 2024 tot en met maart 2025;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>wijst erop dat Gotthard na het bepalen van een datum en plaats voor het getuigenverhoor zelf de getuigen moet oproepen;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">ander bewijs</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>bepaalt dat als Gotthard op een andere manier bewijs wil leveren, zij uiterlijk een dag voor de rolzitting die hiervoor is genoemd aan de kantonrechter moet laten weten hoe;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. B.J.R. van Tongeren en in het openbaar uitgesproken.</para>
        <para>43416</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>