<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2024:7364</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-08-13T15:42:40</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-08-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-08-08</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/681752 / KG ZA 24-634</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2024:7364">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2024:7364</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-08-13T15:40:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-08-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2024:7364 Rechtbank Rotterdam , 08-08-2024 / C/10/681752 / KG ZA 24-634</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2024:7364:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Kort geding. Erkende geldvordering.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2024:7364:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="d4ff1f2d-add6-4ab2-921a-1e0fb9282849" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="d3a00bbe-7563-4499-a80b-2823b652cbe8" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team handel en haven</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/10/681752 / KG ZA 24-634</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in kort geding van 8 augustus 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiseres]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te Rijswijk,</para>
      <para>eiseres,</para>
      <para>advocaat mr. R.M. van der Zwan te Den Haag,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde] H.O.D.N. [handelsnaam]</emphasis>,</para>
      <para>wonende te Rotterdam,</para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>verschenen in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna [eiseres] en [gedaagde] genoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het dossier bestaat uit de betekende dagvaarding van 16 juli 2024, met producties 1 tot en met 4. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 1 augustus 2024. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [eiseres] en [gedaagde] hebben een overeenkomst tot aanneming van werk gesloten voor de renovatie van het appartement van [eiseres] . [eiseres] heeft deze overeenkomst op 19 maart 2024 ondertekend; [gedaagde] op 5 januari 2024. In de overeenkomst is, voor zover nu van belang, het volgende opgenomen:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>“<emphasis role="bold">Costs:</emphasis></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>The total cost of the project is agreed upon at €44,830, broken down as follows:</para>
      </parablock>
      <para />
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>Labour and management cost: €27,830.</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>Cost of materials: Not exceeding €17,000.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Payment Terms:</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>The Client agrees to make payments in installments as follows:</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="bold">30%</emphasis> of the total labor cost upon signing this Contract and no later than the start date of the execution. <emphasis role="bold">€8349</emphasis></para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            <emphasis role="bold">30%</emphasis> upon execution of a substantial 50% of the project <emphasis role="bold">€8349</emphasis>.</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>The remaining 40% upon final completion and Client’s acceptance of the project <emphasis role="bold">€11132</emphasis>.</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>The payment for material Cost divided in Different invoices depending on the orders and the materials needed.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
      <para> <emphasis role="bold">Timeline:</emphasis></para>
      <para>The project is expected to commence on first week of 2024 or later in consultation with the Client and to be completed within 45 days (about 1 and a half months) from the starting day(..).”</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <parablock>
        <para>Op verzoek van [gedaagde] heeft [eiseres] aanvullend op de eerste betaling van </para>
        <para>€ 8.349,-, op verschillende momenten een bedrag van in totaal € 24.056,16 aan [gedaagde] betaald. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde] is op 2 april 2024 gestart met de werkzaamheden. [gedaagde] heeft de werkzaamheden in het appartement van [eiseres] niet afgerond conform de termijn uit de overeenkomst. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Op 31 mei 2024 heeft [gedaagde] de volgende e-mail aan [eiseres] gestuurd:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>I will drop the keys on your mailbox within the next few days and will let you know when that’s done.</para>
        <para>(..)</para>
        <para>The total amount to be refunded by V-Design solutions is € 18.208,5.</para>
        <para>We propose to refund the amount in 3 splits each of €6069,5 with the first payment being done no later than 3 weeks from the date of this email.(..)”</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        [eiseres] vordert om bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagde] te veroordelen tot betaling van: </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>I. € 18.208,50, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 31 mei 2024 tot aan de dag der algehele voldoening; </para>
        <para>II. € 250,- voor de slotenmaker, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 31 mei 2024 tot aan de dag der algehele voldoening;</para>
        <para>III. de proces- en nakosten van deze procedure. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>
        [eiseres] legt aan haar vorderingen ten grondslag dat [eiseres] te veel heeft betaald voor de werkzaamheden die [gedaagde] heeft verricht. De werkzaamheden zijn niet afgerond en zij moet een andere aannemer inhuren om het werk wel af te ronden. Ook heeft [gedaagde] ondanks toezegging de sleutels van het appartement nog niet teruggegeven waardoor zij de sloten noodgedwongen moet vervangen. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Met betrekking tot een geldvordering in kort geding is terughoudendheid bij toewijzing op zijn plaats. Bij de beoordeling speelt een rol of de vordering voldoende aannemelijk is, of een onmiddellijke voorziening vereist is en of er een restitutierisico is.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde] erkent dat hij € 18.208,50 aan [eiseres] moet terugbetalen. De overige vorderingen van [eiseres] heeft [gedaagde] niet weersproken. Dit betekent dat de geldvorderingen van [eiseres] voldoende aannemelijk zijn. [eiseres] heeft ook aannemelijk gemaakt dat zij een spoedeisend belang heeft bij haar vorderingen, omdat zij met het geld dat [gedaagde] aan haar moet betalen, een nieuwe aannemer kan inhuren om de verbouwing af te ronden. De vorderingen worden daarom toegewezen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde] krijgt ongelijk en wordt in de proceskosten veroordeeld. De voorzieningenrechter ziet aanleiding om de proceskosten te matigen, omdat [eiseres] deze zaak ook had kunnen aanbrengen bij de kantonrechter. Omdat zij dit niet heeft gedaan, is [gedaagde] zelf ook een aanzienlijk bedrag aan griffierecht verschuldigd, terwijl hij bij de kantonrechter geen griffierecht verschuldigd zou zijn. De voorzieningenrechter kent om die reden het salaris advocaat toe van een eenvoudig kanton kort geding. De kosten van [eiseres] worden daarmee begroot op:</para>
      <para>- kosten dagvaarding	€ 	139,42</para>
      <para>- griffierecht	€	1.325,00</para>
      <para>- salaris advocaat	€	543,00</para>
      <para>- nakosten	€	<emphasis role="underline">178,00 </emphasis>(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)</para>
      <para>Totaal	€ 	2.185,42</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para>De voorzieningenrechter</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] om aan [eiseres] te betalen een bedrag van € 18.208,50 (achttienduizendtweehonderdacht euro en vijftig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW over dit bedrag, met ingang van 31 mei 2024 tot de dag van volledige betaling,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] om aan [eiseres] te betalen een bedrag van € 250,00 (tweehonderdvijftig euro), vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW over dit bedrag, met ingang van 31 mei 2024 tot de dag van volledige betaling,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 2.185,42, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe; als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, dan moet [gedaagde] € 92,00 extra betalen, plus de kosten van betekening, </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,</para>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5.</nr>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A.F.L. Geerdes. Het is ondertekend en in het openbaar uitgesproken door mr. P. de Bruin op 8 augustus 2024.3608/676</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>