<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2024:6155</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-07-11T15:03:29</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-07-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-05-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10804420 CV EXPL 23-31145</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2024:6155">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2024:6155</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-07-11T14:56:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-07-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2024:6155 Rechtbank Rotterdam , 03-05-2024 / 10804420 CV EXPL 23-31145</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2024:6155:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Huurovereenkomst met betrekking tot auto. Verhuurster eist schadevergoeding van huurder. Eiseres mag bewijzen dat gedaagde de auto met de door eiseres gestelde schade heeft ingeleverd.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2024:6155:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Rotterdam</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 10804420 CV EXPL 23-31145</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>datum uitspraak: 3 mei 2024 (bij vervroeging)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de kantonrechter</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Buena Vida Supercars B.V.</emphasis>,</para>
      <para>vestigingsplaats: Maassluis,</para>
      <para>eiseres, </para>
      <para>gemachtigde: mr. E.J.M.W. Bastian,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>,</para>
      <para>woonplaats: [woonplaats],</para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>die zelf procedeert.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De partijen worden hierna ‘Supercars’ en ‘[gedaagde]’ genoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de dagvaarding van 8 november 2023, met bijlagen;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het antwoord, met één bijlage,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de schriftelijke reactie van Supercars, met bijlagen.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Op 4 april 2024 is de zaak tijdens een zitting besproken. Daarbij waren aanwezig [naam] namens Supercars met de gemachtigde van Supercars en [gedaagde] met zijn echtgenote en een vriend.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling </title>
    <bridgehead role="italic">Waar gaat de zaak over? </bridgehead>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft van Supercars een auto gehuurd voor de periode 29 april 2023 10.00 uur tot en met 30 april 2023 10.00 uur. Volgens Supercars heeft [gedaagde] de auto na de huurperiode op 30 april 2023 omstreeks 11.30 uur ingeleverd met schade, namelijk met een afgebroken hendel van de richtingaanwijzer en met steenslag in de wielkast. Supercars stelt dat de herstelkosten  € 1.692,33 inclusief btw bedroegen en eist dit bedrag nu van [gedaagde] als schadevergoeding, met buitengerechtelijke kosten en rente. [gedaagde] is het niet eens met deze eis en stelt zich op het standpunt dat hij de auto helemaal niet heeft ingeleverd met een afgebroken hendel van de richtingaanwijzer en steenslag in de wielkast. Daar komt bij dat Supercars hem heeft meegedeeld dat de reparatiekosten voor de steenslag € 300,00 zouden bedragen en de reparatiekosten voor de hendel van de richtingaanwijzer € 700,00, aldus [gedaagde]. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Supercars mag bewijs leveren</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <parablock>
        <para>De kantonrechter zal Supercars in de gelegenheid stellen te bewijzen dat [gedaagde] de auto op 30 april 2023 met de door haar gestelde schade heeft ingeleverd.</para>
        <para>De kantonrechter legt hierna uit waarom.</para>
        <para>De bewijslast van de algemene stelling dat [gedaagde] de auto met schade heeft ingeleverd rust op Supercars (artikel 150 Rv). Op basis van de stukken die nu voorhanden zijn en dat wat partijen over en weer hebben gezegd, kan er niet van worden uitgegaan dat Supercars gelijk heeft. Supercars heeft ter onderbouwing van haar standpunt een “Opnameformulier Staat van de Supercar bij einde huurovereenkomst” overgelegd. Op dit opnameformulier dienen volgens de tekst op het formulier op een afbeelding nieuwe schades bij einde van de verhuur door verhuurder en huurder gezamenlijk ingevuld te worden en op beeldmateriaal te worden vastgelegd. Vast staat dat de afbeelding op het opnameformulier niet is ingevuld en dat zich bij de processtukken geen door Supercars vervaardigd beeldmateriaal bevindt, waaruit blijkt van schade bij het inleveren van de auto.</para>
        <para>Op het opnameformulier staat verder met de hand geschreven: <emphasis role="italic">6 kwartier te laat        </emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">€ 600 van borg € 500 borg verrekend Richtingaanwijzer hendel afgebroken + steenslag in wielkast € 1000 ex BTW nog voldoen.</emphasis> Het opnameformulier is ondertekend door een vertegenwoordiger van Supercars en door [gedaagde]. [gedaagde] heeft aangevoerd dat bij de inname van de auto geen schade is geconstateerd aan de auto en de tekst ‘<emphasis role="italic">Richtingaanwijzer hendel afgebroken + steenslag in wielkast € 1000 ex BTW nog voldoen</emphasis>’ pas is toegevoegd nadat hij zijn handtekening op het opnameformulier had gezet, zonder dat hij daar weet van had en zonder dat hij daarbij aanwezig was. </para>
        <para>Dat het ondertekenen van het opnameformulier geen erkenning van de gestelde schade meebrengt, blijkt volgens [gedaagde] uit het feit dat Supercars de vermeende schade aan de richtingaanwijzer pas op 30 april 2023 om 17.15 uur via whatsApp aan hem heeft gemeld en de vermeende steenslag pas op 4 mei 2023, eveneens via whatsApp. Hiermee ligt er een gemotiveerde betwisting tegenover de onderbouwing van Supercars.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De kantonrechter zal vanuit het oogpunt van proceseconomie Supercars ook alvast in de gelegenheid stellen de door haar gestelde schadeomvang te bewijzen. De overgelegde verzamelfactuur van € 1.692,33 (inclusief btw) die Supercars aan [gedaagde] heeft verzonden is onvoldoende om als bewijs van de schadeomvang te dienen. Zo zijn de daarin genoemde transportkosten niet nader onderbouwd. Ook is geen onderliggende factuur voor de daarin opgenomen reparatiekosten voor de schade aan de wielkast overgelegd. Bovendien geldt voor de gestelde schade aan de hendel van de richtingaanwijzer dat uit de onderliggende factuur van de reparatie daarvan ook andere reparatiekosten blijken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Direct nadat Supercars bewijs heeft geleverd, mag [gedaagde] tegenbewijs leveren. De partijen mogen pas op elkaars bewijs reageren als het leveren van bewijs door beide partijen is afgerond. De kantonrechter beoordeelt daarna of het bewijs geleverd is. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">aanhouding andere beslissingen</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>De kantonrechter houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De kantonrechter:</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>stelt Supercars in de gelegenheid om te bewijzen dat [gedaagde] de auto (van het merk Morgan met kenteken [kentekennummer]) op 30 april 2023 met de door haar gestelde schade aan de auto heeft ingeleverd;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>stelt Supercars in de gelegenheid om te bewijzen dat de schade aan de auto als gevolg van het afbreken van de hendel van de richtingaanwijzer en de steenslag in de wielkast in totaal € 1.692,33 bedraagt;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">schriftelijk bewijs</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>bepaalt dat als Supercars schriftelijk bewijs wil leveren, dit bewijs uiterlijk een dag voor de rolzitting van <emphasis role="bold">donderdag 30 mei 2024 om 11:30 uur</emphasis> in tweevoud moet zijn ontvangen op de rechtbank;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">getuigenbewijs</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>bepaalt dat als Supercars getuigen wil laten horen, zij uiterlijk een dag voor de rolzitting die hiervoor is genoemd het aantal en de personalia van de getuigen moet opgeven en de verhinderdata van de getuigen en <emphasis role="underline">beide</emphasis> partijen voor de maanden juli, augustus en september 2024;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>wijst erop dat Supercars na het bepalen van een datum en plaats voor het getuigenverhoor zelf de getuigen moet oproepen;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">ander bewijs</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>bepaalt dat als Supercars op een andere manier bewijs wil leveren, zij uiterlijk een dag voor de rolzitting die hiervoor is genoemd aan de kantonrechter moet laten weten hoe;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. F. Aukema-Hartog en in het openbaar uitgesproken.</para>
        <para>757</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>