<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2024:3066</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-04-10T14:14:30</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-04-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-02-22</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/673844 / KG RK 24-189</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2024:3066">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2024:3066</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-04-10T14:05:06</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-04-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2024:3066 Rechtbank Rotterdam , 22-02-2024 / C/10/673844 / KG RK 24-189</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2024:3066:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Beslagverlof op IE-rechten. Met het oog op een mogelijke doorstart van een betrokken onderneming en een toetsing van de proportionaliteit en subsidiariteit van het beslag wordt voorlopig beslagverlof verleend.</para>
        <para>Zie ook ECLI:NL:RBROT:2024:3067</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2024:3066:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="a05b6631-7487-4e5a-a027-049acce0536c" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="cc76fca1-b912-4359-b0da-5436bdc710d9" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>beschikking</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team handel en haven</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rekestnummer: C/10/673844 / KG RK 24-189</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van de voorzieningenrechter van 22 februari 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoekster]
        </emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,</para>
      <para>verzoekster,</para>
      <para>advocaat mr. T. Hekman te Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [belanghebbende]
        </emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [vestigingsplaats 2] ,</para>
      <para>belanghebbende,</para>
      <para>niet verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna aangeduid als [verzoekster] en [belanghebbende] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>1</nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>
        [verzoekster] heeft bij verzoekschrift van 16 februari 2024 verlof verzocht om beslag te mogen leggen op de octrooi- en merkenrechten (inclusief octrooiaanvragen) genoemd in het verzoekschrift (hierna: de Rechten). Dezelfde dag heeft de voorzieningenrechter vragen gesteld. Deze zijn bij brief van 16 februari 2024, ontvangen op 21 februari 2024, beantwoord. Telefonisch heeft (een kantoorgenoot van) de advocaat van [verzoekster] op 22 februari 2024 het verband tussen productie 6 en 7 en de omschrijving van de Rechten in het verzoekschrift nader toegelicht.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Uit de overgelegde stukken blijkt naar het oordeel van de voorzieningenrechter summierlijk het bestaan van de vordering genoemd in het verzoekschrift en dat de Rechten toebehoren aan [belanghebbende] . Uit de stukken blijkt verder dat de curator (hierna: de curator) van [naam VOF] , een dochtervennootschap van [belanghebbende] , bezig is met een doorstart waarbij het kennelijk de bedoeling is dat de Rechten worden betrokken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>De voorzieningenrechter is van oordeel dat voorlopig verlof kan worden verleend voor de beslaglegging. Partijen en de curator zullen nader gehoord worden om de proportionaliteit en subsidiariteit van de beslaglegging te kunnen beoordelen, dit in het licht van de kennelijk beoogde doorstart en het feit dat [verzoekster] goederen onder eigendomsvoorbehoud heeft geleverd aan [belanghebbende] .</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>2</nr>De beslissing</title>
    <para>De voorzieningenrechter:</para>
    <para />
    <para>( a) begroot de vordering van [verzoekster] op [belanghebbende] vooralsnog op € 1.718.464,80, inclusief rente en kosten;</para>
    <para />
    <para>( b) verleent <emphasis role="underline">voorlopig</emphasis> verlof tot het leggen van conservatoir beslag op de Rechten;</para>
    <para />
    <para>( c) bepaalt dat het beslag op <emphasis role="underline">vrijdag 15 maart 2024 om 12.00 uur </emphasis>vervalt, tenzij voor dat tijdstip: </para>
    <parablock>
      <para>- een beschikking die strekt tot verlening van definitief verlof is betekend aan [belanghebbende] , en </para>
      <para>- (ten aanzien van de octrooirechten) een proces-verbaal van definitieve beslaglegging is ingeschreven in het octrooiregister;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>( d) bepaalt dat [verzoekster] , [belanghebbende] en de curator zullen worden gehoord door de voorzieningenrechter voordat een definitieve beslissing wordt genomen; </para>
    <para />
    <para>( e) bepaalt dat [verzoekster] onverwijld na beslaglegging de verhinderdata van partijen en de curator tot 13 maart 2024 moet doorgeven voor het plannen van het onder (d) bedoelde verhoor;</para>
    <para />
    <para>( f) bepaalt dat het sub (b) genoemde verlof alleen gelding heeft indien de sub (c) en (d) genoemde bepalingen in het proces-verbaal van beslaglegging wordt opgenomen;</para>
    <para />
    <para>( g) bepaalt dat de termijn voor het instellen van een eis in de hoofdzaak op 4 weken na voorlopige beslaglegging;</para>
    <para />
    <para>( h) verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;</para>
    <para />
    <para>( i) houdt alle overige beslissingen aan.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. N. Doorduijn op 22 februari 2024.</para>
      <para>1876</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>