<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2024:296</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-01-30T09:35:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-01-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-01-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10686835</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2024:296">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2024:296</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-01-30T09:33:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-01-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2024:296 Rechtbank Rotterdam , 19-01-2024 / 10686835</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2024:296:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Koopovereenkomst. Eis afgewezen. Onvoldoende onderbouwd dat goederen zijn afgeleverd.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2024:296:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
<uitspraak.info>
<bridgehead role="bold">
RECHTBANK ROTTERDAM
</bridgehead>
<para />
<parablock>
<para>
locatie Rotterdam
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
zaaknummer: 10686835 CV EXPL 23-24182
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
datum uitspraak: 19 januari 2024
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
Vonnis van de kantonrechter
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
in de zaak van
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
Viking Netherlands B.V.
</emphasis>
,
</para>
<para>
vestigingsplaats: Venlo,
</para>
<para>
eiseres,
</para>
<para>
gemachtigde: [naam01] ,
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
tegen
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
[gedaagde01]
</emphasis>
, die voorheen handelde onder de naam
<emphasis role="bold">
[handelsnaam01]
</emphasis>
,
</para>
<para>
woonplaats: [woonplaats01] ,
</para>
<para>
gedaagde,
</para>
<para>
die zelf procedeert en namens wie ook [naam02] heeft gereageerd.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
De partijen worden hierna ‘Viking’ en ‘ [gedaagde01] ’ genoemd.
</para>
</parablock>
<para />
</uitspraak.info>
<section>
<title>
<nr>
1
</nr>
De procedure
</title>
<paragroup>
<nr>
1.1.
</nr>
<para>
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
</para>
<itemizedlist mark="-">
<listitem>
<para>
de dagvaarding van 17 augustus 2023, met bijlagen;
</para>
</listitem>
<listitem>
<para>
de mails van [gedaagde01] van 6 en 7 september 2023, met bijlagen;
</para>
</listitem>
<listitem>
<para>
de aantekeningen van de griffier van het mondelinge antwoord namens [gedaagde01] ;
</para>
</listitem>
<listitem>
<para>
de repliek, met een bijlage.
</para>
</listitem>
</itemizedlist>
<para />
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
1.2.
</nr>
<para>
De kantonrechter heeft [gedaagde01] de gelegenheid gegeven om op de repliek te reageren. [gedaagde01] heeft eerst om uitstel gevraagd en dat ook gekregen. Daarna heeft ze niet meer gereageerd.
</para>
<para />
</paragroup>
</section>
<section role="overwegingen">
<title>
<nr>
2
</nr>
De beoordeling
</title>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
Waar gaat het om?
</emphasis>
</para>
</parablock>
<paragroup>
<nr>
2.1.
</nr>
<para>
[gedaagde01] heeft online een aantal artikelen gekocht bij Viking, voor haar eenmanszaak. De artikelen kostten bij elkaar € 463,54. Viking heeft facturen gestuurd, maar die heeft [gedaagde01] niet betaald. De vraag in deze procedure is of dit terecht is.
</para>
<para />
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
2.2.
</nr>
<para>
Viking eist dat [gedaagde01] wordt veroordeeld om € 463,54 te betalen, met rente, buitengerechtelijke kosten en de kosten van deze procedure. [gedaagde01] is het daar niet mee eens. Volgens haar zijn de artikelen nooit bezorgd en hoeft zij daarom niets te betalen. De kantonrechter wijst alle eisen van Viking af. In dit vonnis legt zij dat uit.
</para>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
[gedaagde01] hoeft de facturen niet te betalen
</emphasis>
</para>
</parablock>
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
2.3.
</nr>
<para>
De kantonrechter oordeelt dat [gedaagde01] de facturen niet hoeft betalen. Op grond van de wet hoeft [gedaagde01] de artikelen namelijk pas te betalen bij de aflevering (artikel 7:26 lid 2 BW). Viking heeft niet gesteld dat partijen andere afspraken hebben gemaakt. Dat is ook niet gebleken. De kantonrechter vindt dat Viking onvoldoende heeft onderbouwd dat de artikelen zijn afgeleverd. Hiervoor is het volgende van belang.
</para>
<para />
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
2.4.
</nr>
<para>
[gedaagde01] heeft haar standpunt dat de artikelen nooit bezorgd zijn onderbouwd. Zij heeft screenshots van de online omgeving van Viking opgestuurd. Daarop staat dat de bestelling gedeeltelijk geleverd is. Verder staat daarin bij de afzonderlijke artikelen ‘bestelling is onderweg’ of ‘bestelling bij vervoerder’.
</para>
<para />
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
2.5.
</nr>
<para>
Viking heeft hier niet inhoudelijk op gereageerd. Zij heeft alleen een afleverbewijs van GLS bij de repliek gevoegd, om te onderbouwen dat de artikelen wel zijn bezorgd op 26 augustus 2022. De kantonrechter vindt dit afleverbewijs onvoldoende, gezien de gemotiveerde betwisting van [gedaagde01] . Ten eerste omdat uit het afleverbewijs niet blijkt welke goederen op 26 augustus 2022 door GLS op het adres van [gedaagde01] zijn geleverd. Dit vindt de kantonrechter extra belangrijk, omdat uit één van de facturen blijkt dat de artikelen die daarop staan (bijlage 2c bij dagvaarding) pas zijn verzonden op 31 augustus 2022. Ten tweede is uit het afleverbewijs ook niet op te maken dat de producten door of namens [gedaagde01] in ontvangst zijn genomen.
</para>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
[gedaagde01] hoeft de bijkomende kosten ook niet te betalen
</emphasis>
</para>
</parablock>
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
2.6.
</nr>
<para>
[gedaagde01] hoeft de rente en incassokosten ook niet te betalen, omdat zij de facturen niet hoeft te betalen.
</para>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
[gedaagde01] moet de proceskosten betalen
</emphasis>
</para>
</parablock>
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
2.7.
</nr>
<para>
Viking moet de proceskosten betalen, omdat zij ongelijk krijgt (artikel 237 Rv). De kantonrechter stelt deze kosten aan de kant van [gedaagde01] vast op € 0,-. [gedaagde01] heeft namelijk niet gesteld dat zij onkosten heeft gemaakt en dit is ook niet gebleken.
</para>
<para />
</paragroup>
</section>
<section role="beslissing">
<title>
<nr>
3
</nr>
De beslissing
</title>
<para>
De kantonrechter:
</para>
<para />
<paragroup>
<nr>
3.1.
</nr>
<para>
wijst de eis af;
</para>
<para />
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
3.2.
</nr>
<para>
veroordeelt Viking in de proceskosten, die aan de kant van [gedaagde01] worden vastgesteld op € 0,-.
</para>
<para />
<parablock>
<para>
Dit vonnis is gewezen door mr. drs. D.L. Spierings en in het openbaar uitgesproken.
</para>
<para>
33394
</para>
</parablock>
</paragroup>
</section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>