<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2024:12660</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-12-30T09:24:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-12-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-12-12</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/687957 / KG ZA 24-1002</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2024:12660">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2024:12660</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-12-30T09:22:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-12-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2024:12660 Rechtbank Rotterdam , 12-12-2024 / C/10/687957 / KG ZA 24-1002</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2024:12660:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Kort geding. Vordering tot verwijdering van goederen. Gedeeltelijke toewijzing. Het is onduidelijk op welke grond gedaagde sub 2 persoonlijk kan worden veroordeeld om de goederen uit de loods van eiseres te verwijderen. Gedaagde sub 1 wordt wel veroordeeld om de goederen uit de loods van eiseres te verwijderen, omdat eiseres voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij de betreffende goederen tijdelijk voor gedaagde sub 1 heeft opgeslagen in haar loods. Dwangsom en vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten toegewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2024:12660:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="76474867-154c-44ec-8f97-003125390f40" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="4da88295-6ce9-4d5c-89c9-0177e990adab" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team handel en haven</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/10/687957 / KG ZA 24-1002</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in kort geding van 12 december 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiseres]
        </emphasis>,</para>
      <para>statutaire vestigingsplaats: Kinderdijk,</para>
      <para>eiseres,</para>
      <para>advocaten mrs. M.E.J. van Bunge en A. Snelders te Rotterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [naam bedrijf] , tevens handelend onder de naam </title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde 1]
        </emphasis>,</para>
      <para>statutaire vestigingsplaats: Rotterdam,</para>
      <para>gedaagde sub 1,</para>
      <para>vertegenwoordigd door gedaagde sub 2,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr> [gedaagde 2] ,</title>
    <parablock>
      <para>woonplaats: Zwijndrecht,</para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>die zelf is verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De partijen worden hierna ‘ [eiseres] ’, ‘ [gedaagde 1] ’ en ‘ [gedaagde 2] ’ genoemd. [gedaagde 1] en [gedaagde 2] worden hierna samen ‘ [gedaagde 1] c.s.’ genoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Waar gaat de zaak over?</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>
        [eiseres] en [gedaagde 1] hebben in de periode van eind oktober 2023 tot en met eind april 2024 samengewerkt. [gedaagde 2] is bestuurder van [gedaagde 1] . Volgens [eiseres] is zij tijdens de samenwerking bereid geweest om tijdelijk een aantal goederen van [gedaagde 1] c.s. in haar loods op te slaan, maar hebben [gedaagde 1] c.s. die goederen – ondanks dat dit mondeling is afgesproken en ondanks dat [eiseres] hier meerdere keren om heeft gevraagd – nooit meer opgehaald. In deze zaak vordert [eiseres] daarom, na vermindering van haar eis, dat [gedaagde 1] c.s. worden veroordeeld om de goederen (onder druk van een dwangsom) uit de loods van [eiseres] te verwijderen en om € 925,00 aan vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten te betalen. [gedaagde 1] c.s. zijn het hier niet mee eens. Volgens [gedaagde 1] c.s. heeft [eiseres] de goederen voor een klein prijsje van haar overgenomen en zijn de spullen daarom in de loods van [eiseres] gezet. De voorzieningenrechter veroordeelt [gedaagde 1] om de goederen (onder druk van een dwangsom) binnen veertien dagen na vandaag uit de loods van [eiseres] te verwijderen en veroordeelt [gedaagde 1] om € 925,00 aan vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten te betalen. Dit wordt hierna uitgelegd.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de dagvaarding van 20 november 2024, met bijlagen 1 tot en met 20;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de akte houdende aanvullende productie van [eiseres] , met bijlage 21;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de mondelinge behandeling op 28 november 2024;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het schriftelijke verweer van [gedaagde 1] c.s., dat tijdens de mondelinge behandeling door [gedaagde 2] is voorgedragen;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de pleitaantekeningen van mr. Snelders;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de schriftelijke eisvermindering van [eiseres] , die tijdens de mondelinge behandeling is overhandigd.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <bridgehead role="underline">
      [gedaagde 1] c.s. konden geen tegenvordering instellen</bridgehead>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Uit het schriftelijke verweer van [gedaagde 1] c.s. volgt dat zij in deze zaak tegenvorderingen willen instellen. Voor het instellen van tegenvorderingen in een kort geding bij de voorzieningenrechter is evenwel bijstand van een advocaat vereist en [gedaagde 1] c.s. procederen in deze zaak zonder bijstand van een advocaat. Daardoor is het voor hen niet mogelijk om in deze zaak tegenvorderingen in te stellen. De voorzieningenrechter laat de tegenvorderingen van [gedaagde 1] c.s. daarom buiten beschouwing.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Het spoedeisend belang</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Het spoedeisend belang van [eiseres] bij haar vorderingen vloeit voort uit haar – door [gedaagde 1] c.s. onweersproken gelaten – stelling dat zij in haar bedrijfsvoering wordt belemmerd doordat de goederen in haar loods staan.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">De vordering van [eiseres] wordt toegewezen tegenover [gedaagde 1] en afgewezen tegenover [gedaagde 2]</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>De voorzieningenrechter stelt vast dat tussen de partijen niet in geschil is dat de goederen waar het in deze zaak over gaat, komen uit een winkel die [gedaagde 1] in Goes exploiteerde. De factuur die voor de beweerdelijke verkoop van de goederen aan [eiseres] is verstuurd, is ook afkomstig van [gedaagde 1] . Er is door [eiseres] niets gesteld op grond waarvan kan worden geconcludeerd dat de goederen (ook) aan [gedaagde 2] persoonlijk toebehoren. Het is de voorzieningenrechter daardoor onduidelijk op welke grond [gedaagde 2] persoonlijk kan worden veroordeeld om de goederen uit de loods van [eiseres] te verwijderen. Gelet hierop wordt deze vordering van [eiseres] tegenover [gedaagde 2] afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>De vordering van [eiseres] tegen [gedaagde 1] wordt wel toegewezen. [eiseres] heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat zij de betreffende goederen tijdelijk voor [gedaagde 1] heeft opgeslagen in haar loods. [eiseres] heeft ter onderbouwing hiervan onder meer gewezen op de reactie van [gedaagde 2] op schriftelijke verzoeken van [eiseres] aan hem om de betreffende spullen te komen ophalen. Uit deze reacties kan worden opgemaakt dat [gedaagde 2] toezegt de spullen te zullen (laten) ophalen (zie een WhatsApp-bericht van 25 april 2024 en een e-mail van 27 juni 2024, bijlagen 3 en 5 van [eiseres] ). Als [gedaagde 1] , zoals zij aanvoert als verweer, de goederen aan [eiseres] had verkocht en de goederen daarom in de loods van [eiseres] stonden, lag het op de weg van [gedaagde 1] om dat verweer te onderbouwen en ook uit te leggen waarom zij desondanks genoemde berichten aan [eiseres] heeft gestuurd. Dat heeft [gedaagde 1] niet gedaan. De enkele verwijzing naar een door haar kort na deze berichten aan [eiseres] verzonden factuur voor betaling van deze goederen is in dat verband onvoldoende. Het verweer van [gedaagde 1] wordt dan ook verworpen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>
        [gedaagde 1] wordt veroordeeld om de goederen die beschreven staan in randnummer 13 van de dagvaarding en die te zien zijn op de foto die als bijlage 4 bij de dagvaarding is gevoegd uit het magazijn van [eiseres] te verwijderen. [gedaagde 1] krijgt daarvoor een termijn van veertien dagen na vandaag.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Dwangsom</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>
        [eiseres] heeft [gedaagde 1] meerdere keren zonder resultaat gesommeerd om de goederen uit haar loods te verwijderen. De voorzieningenrechter ziet aanleiding om, zoals gevorderd, een dwangsom op te leggen voor het geval dat [gedaagde 1] nu nog steeds niet op tijd overgaat tot het verwijderen van de goederen uit de loods van [eiseres] . Die dwangsom wordt gesteld op € 100,00 per dag met een maximum van € 2.500,00 euro.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>
        [eiseres] heeft [gedaagde 1] meerdere keren schriftelijk gesommeerd om de goederen uit haar loods te verwijderen. Om die reden is [gedaagde 1] de door [eiseres] gevorderde vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten van € 925,00 verschuldigd. Die vergoeding wordt dan ook toegewezen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">De proceskosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.8.</nr>
      <para>
        [eiseres] moet de proceskosten van [gedaagde 2] betalen, omdat de vorderingen van [eiseres] tegen [gedaagde 2] worden afgewezen en [eiseres] daarom in hun onderlinge verhouding de in het ongelijk gestelde partij is. De proceskosten van [gedaagde 2] worden begroot op € 320,00 aan griffierecht.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.9.</nr>
      <para>
        [gedaagde 1] moet de proceskosten (inclusief nakosten) van [eiseres] betalen, omdat de vorderingen van [eiseres] tegen [gedaagde 1] worden toegewezen en [gedaagde 1] daarom in hun onderlinge verhouding de in het ongelijk gestelde partij is. De proceskosten van [eiseres] worden begroot op:</para>
      <para>- dagvaarding	€	   115,74</para>
      <para>- griffierecht	€	   688,00</para>
      <para>- salaris advocaat	€	   715,00 (tarief eenvoudige zaak)</para>
      <para>- nakosten	€	   <emphasis role="underline">178,00</emphasis> (plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)</para>
      <para>Totaal		€	1.696,74</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.10.</nr>
      <para>De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Uitvoerbaarheid bij voorraad</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.11.</nr>
      <para>Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para>De voorzieningenrechter:</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde 1] om de bij [eiseres] op locatie [adres] ( [postcode] ) in Leusden opgeslagen goederen van [gedaagde 1] , zoals beschreven in randnummer 13 van de dagvaarding en te zien op de foto die als bijlage 4 bij de dagvaarding is gevoegd, binnen veertien dagen na vandaag te verwijderen en verwijderd te houden;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde 1] om aan [eiseres] een dwangsom te betalen van € 100,00 per dag dat zij het in overweging 4.1. geformuleerde verbod niet op tijd nakomt, met dien verstande dat [gedaagde 1] maximaal € 2.500,00 aan dwangsommen kan verbeuren;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>veroordeelt [eiseres] in de proceskosten van [gedaagde 2] van € 320,00;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde 1] in de proceskosten van [eiseres] van € 1.696,74, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Als [gedaagde 1] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, dan moet [gedaagde 1] € 92,00 extra betalen, plus de kosten van betekening;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde 1] in de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn voldaan;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <para>wijst al het andere af.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.F. Koekebakker en in het openbaar uitgesproken op 12 december 2024.</para>
        <para>3349 / 1582</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>