<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2024:10186</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-10-17T11:20:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-10-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-10-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/687296 / HA RK 24-950</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#verschoning">Verschoning</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2024:10186">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2024:10186</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-10-17T11:19:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-10-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2024:10186 Rechtbank Rotterdam , 14-10-2024 / C/10/687296 / HA RK 24-950</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2024:10186:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verschoningskamer. Toewijzing. In de hoofdzaak gaat het om een verzoek van de officier van justitie om een zorgmachtiging voor maximaal zes maanden te verlenen, waaronder een machtiging tot opname in een instelling. Bij de beoordeling van het verzoek in de hoofdzaak gaat het onder andere om de vraag of bij betrokkene sprake is van een psychiatrische stoornis. Omdat de rechter eerder al een verzoek tot ondercuratelestelling van betrokkene heeft toegewezen vanwege een lichamelijke en/of geestelijke grond, voelt zij zich niet vrij om de hoofdzaak te behandelen. De rechter is er weliswaar van overtuigd dat er geen sprake is van persoonlijke vooringenomenheid, maar zij is van mening dat er sprake is van feiten en/of omstandigheden die de objectief gerechtvaardigde vrees voor een gebrek aan onpartijdigheid van haar kant kunnen wekken. Omdat de rechterlijke onpartijdigheid daardoor schade zou kunnen leiden, verzoekt de rechter om zich van de behandeling van de hoofdzaak te mogen verschonen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2024:10186:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold caps">Rechtbank Rotterdam</emphasis>
      <?linebreak?>
    </para>
    <para>Meervoudige kamer voor verschoningszaken</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaak- en rekestnummer: 687296 / HA RK 24-950</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslissing van 14 oktober 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het verzoek van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">mr. E. van Schouten</emphasis>,</para>
      <para>rechter-plaatsvervanger in de rechtbank Rotterdam, team Kanton (hierna: de rechter),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>dat ertoe strekt om zich te mogen verschonen in de zaak over het verzoek van de officier van justitie om een zorgmachtiging te verlenen voor</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [betrokkene]
        </emphasis>,</para>
      <para>woonplaats: Rotterdam,</para>
      <para>betrokkene.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop en de processtukken</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Bij de rechter is in behandeling de zaak over het verzoek van de officier van justitie om een zorgmachtiging te verlenen voor betrokkene, met het zaak- en rekestnummer 686984 / FA RK 24-7346 (‘de hoofdzaak’). </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Op 10 oktober 2024 heeft de rechter een schriftelijk verzoek tot verschoning gedaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Het dossier van de hoofdzaak is ter beschikking gesteld aan de verschoningskamer.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het verzoek</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De rechter heeft als onderbouwing van haar verzoek om zich te mogen verschonen – kort gezegd – het volgende aangevoerd. In de hoofdzaak gaat het om een verzoek van de officier van justitie om een zorgmachtiging voor maximaal zes maanden te verlenen, waaronder een machtiging tot opname in een instelling. Bij de beoordeling van het verzoek in de hoofdzaak gaat het onder andere om de vraag of bij betrokkene sprake is van een psychiatrische stoornis. Omdat de rechter op 8 maart 2021 al een verzoek tot ondercuratelestelling van betrokkene heeft toegewezen vanwege een lichamelijke en/of geestelijke grond, voelt zij zich niet vrij om de hoofdzaak te behandelen. De rechter is er weliswaar van overtuigd dat er geen sprake is van persoonlijke vooringenomenheid, maar zij is van mening dat er sprake is van feiten en/of omstandigheden die de objectief gerechtvaardigde vrees voor een gebrek aan onpartijdigheid van haar kant kunnen wekken. Omdat de rechterlijke onpartijdigheid daardoor schade zou kunnen leiden, verzoekt de rechter om zich van de behandeling van de hoofdzaak te mogen verschonen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Verschoning is een middel voor de verzekering van de onpartijdigheid van de rechter. Daarbij moet voorop staan dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen die zwaarwegende aanwijzingen opleveren voor het oordeel dat een rechter tegenover een partij een vooringenomenheid koestert of dat de vrees daarvoor die bij deze partij bestaat objectief gerechtvaardigd is.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Aan de door de rechter aangevoerde omstandigheden valt geen aanwijzing te ontlenen voor het oordeel dat de rechter – subjectief – niet onpartijdig is. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Vervolgens moet worden onderzocht of de aangevoerde omstandigheden toch een zwaarwegende aanwijzing opleveren voor het oordeel dat de vrees dat de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden – objectief – gerechtvaardigd is. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>De door de rechter aangevoerde omstandigheid, in samenhang met het feit dat de rechter daarin aanleiding zag om zelf een verzoek in te dienen om zich te mogen verschonen van de verdere behandeling van de zaak, levert naar het oordeel van de rechtbank op zichzelf een zwaarwegende aanwijzing als hiervoor onder 3.3. bedoeld op.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>Het verzoek wordt dan ook toegewezen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>wijst toe het verzoek van mr. E. van Schouten om zich in de zaak over het verzoek van de officier van justitie om een zorgmachtiging te verlenen voor [betrokkene] met het zaak- en rekestnummer 686984 / FA RK 24-7346 te mogen verschonen.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze beslissing is gegeven door mr. S.C.C. Hes-Bakkeren, voorzitter, mr. K.A. Baggerman en mr. L.E.M. Wilbers-Taselaar, rechters. Bij afwezigheid van de voorzitter is deze beslissing door mr. K.A. Baggerman en de griffier ondertekend op 14 oktober 2024. </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>de griffier							de oudste rechter</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>