<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2023:7486</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-08-23T15:36:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-08-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-08-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10/103006-23</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2023:7486">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2023:7486</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-08-23T15:33:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-08-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2023:7486 Rechtbank Rotterdam , 11-08-2023 / 10/103006-23</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2023:7486:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Diefstal door middel van woninginsluiping en pinnen met gestolen pinpas</para>
        <para>Veroordeling tot een gevangenisstraf voor de duur van 105 dagen</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2023:7486:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">Rechtbank Rotterdam</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team straf 2</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 10/103006-23</para>
      <para>Datum uitspraak: 11 augustus 2023</para>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte01]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01],</para>
      <para>ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres:</para>
      <para>
        [adres01],</para>
      <para>verblijvende op het adres: [verblijfadres01],</para>
      <para>ten tijde van het onderzoek op de terechtzitting preventief gedetineerd in [detentieadres01],</para>
      <para>raadsman: mr. L.A. Alderlieste, advocaat te Rotterdam.</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1. </nr>Onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para>Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 28 juli 2023.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2. </nr>Tenlastelegging</title>
    <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3. </nr>Eis officier van justitie</title>
    <para>De officier van justitie mr. C. de Kimpe heeft gevorderd:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>bewezenverklaring van het onder 1 en 2 primair ten laste gelegde;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 maanden met aftrek van voorarrest.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4. </nr>Waardering van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Bewezenverklaring zonder nadere motivering feit 1</emphasis>
        </para>
        <para>Het onder 1 ten laste gelegde is door de verdachte bekend. Dit feit zal zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bewijswaardering ten aanzien van feit 2 primair</emphasis>
      </para>
      <paragroup>
        <nr>4.2.1.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Standpunt verdediging</emphasis>
          </para>
          <para>De verdachte heeft bekend dat hij de rugtas uit de woning van de aangevers heeft meegenomen maar wist niet wat daarin zat. De verdediging heeft - behoudens de diefstal van de rugtas - vrijspraak bepleit van alle onder 2 primair overige tenlastegelegde goederen die in de rugtas zaten, omdat de verdachte geen oogmerk tot wederrechtelijke toe-eigening van die goederen gehad heeft, hetgeen ook niet op andere wijze uit het dossier blijkt.  </para>
        </parablock>
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.2.2.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Beoordeling</emphasis>
          </para>
          <para>De verdachte heeft bekend dat hij een rugzak heeft meegenomen uit een woning aan de Kleiweg. De verdachte heeft uit het gewicht en het voorkomen van de rugzak kunnen afleiden dat deze gevuld was met een of meerdere goederen. Met het wegnemen van de rugzak heeft de verdachte derhalve ook het oogmerk gehad om zich de inhoud van de rugzak wederrechtelijk toe te eigenen. </para>
          <para>Gelet op het bovenstaande en de overige bewijsmiddelen in het dossier is naar het oordeel van de rechtbank voldoende wettig en overtuigend bewijs voorhanden van het onder 2 ten laste gelegde.</para>
        </parablock>
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Bewezenverklaring</emphasis>
        </para>
        <para>In bijlage II heeft de rechtbank een opgave gedaan van wettige bewijsmiddelen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Met deze opgave wordt volstaan, nu de verdachte het onder 1 bewezen verklaarde heeft bekend en geen verweer is gevoerd dat strekt tot vrijspraak. Op grond daarvan is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>1.</para>
        <para>hij op 15 april 2023 te Rotterdam en Nieuwerkerk aan den IJssel </para>
        <para>(telkens) een hoeveelheid geld, te weten:</para>
      </parablock>
      <para>- 30,19 euro en</para>
      <para>- 10,00 euro en- 9,00 euro en</para>
      <para>- 11,15 euro en</para>
      <para>- 23,20 euro en- 0,60 euro,</para>
      <parablock>
        <para>die  aan [naam01]</para>
        <para> toebehoorde heeft weggenomen </para>
        <para>met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte,  die weg te nemen goederen onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel,</para>
        <para>door (telkens) te pinnen met de bankpas en/of betaalkaart van die [naam01], tot welk gebruik hij, verdachte, niet gerechtigd was. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>In bijlage III heeft de rechtbank de inhoud van wettige bewijsmiddelen opgenomen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Op grond daarvan, en op grond van de redengevende inhoud van het voorgaande, is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 2 primair ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>2.</para>
        <para>hij in de periode van 14 april 2023 tot en met 15 april 2023 te Rotterdam, uit een woning gelegen aan de [adres02], alwaar verdachte zich buiten weten of tegen de wil van de rechthebbende bevond, </para>
      </parablock>
      <para>- een hoofdtelefoon en</para>
      <para>- een babyfoon en</para>
      <para>- een portemonnee en- een laptop en-  betaalkaarten en- een creditcard en</para>
      <para>- een rijbewijs en</para>
      <para>- een Idkaart en</para>
      <para>- een rugzak,</para>
      <parablock>
        <para>die  aan [naam02] en/of </para>
        <para>
          [naam01],  toebehoorden </para>
        <para>heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5. </nr>Strafbaarheid feiten</title>
    <para>De bewezen feiten leveren op:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">diefstal, waarbij de schuldige zich de goederen onder zijn bereik heeft gebracht door middel van valse sleutels, meermalen gepleegd;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">diefstal, in een woning, door iemand die zich aldaar buiten weten of tegen de wil van de rechthebbende bevindt.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De feiten zijn dus strafbaar.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6. </nr>Strafbaarheid verdachte</title>
    <para>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte is dus strafbaar.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7. </nr>Strafmotivering straf </title>
    <paragroup>
      <nr>7.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Algemene overweging</emphasis>
        </para>
        <para>De straf die aan de verdachte wordt opgelegd, is gegrond op de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan, de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Feiten en omstandigheden waarop de straf is gebaseerd</emphasis>
        </para>
        <para>De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan diefstal uit een woning. Hij is ‘s nachts een woning ingeslopen, terwijl de bewoners in deze woning aanwezig waren en lagen te slapen. De verdachte nam diverse goederen mee, onder meer een rugtas met een laptop, een rijbewijs, een identiteitskaart en bankpassen. Met deze bankpassen heeft hij vervolgens diverse geldbedragen ter hoogte van (in totaal) ongeveer € 83,- gepind. </para>
        <para>Insluiping wordt in het algemeen door bewoners als zeer onaangenaam en beangstigend ervaren, omdat een vreemde persoon zonder hun toestemming en medeweten in hun woning is geweest. Dit zorgt niet alleen voor gevoelens van onveiligheid voor de bewoners maar ook in de buurt en in de maatschappij in bredere zin. Bovendien geven dit soort feiten overlast en financieel nadeel. De verdachte heeft zich niet bekommerd om de bovengenoemde gevolgen en was slechts gericht op eigen financieel voordeel. Dit rekent de rechtbank de verdachte aan. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.3.</nr>
      <para>
        <emphasis role="underline">Persoonlijke omstandigheden van de verdachte</emphasis>
      </para>
      <paragroup>
        <nr>7.3.1.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Strafblad</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank heeft in een uittreksel uit de justitiële documentatie van 2 juni 2023 gezien dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor vermogensdelicten. De openstaande strafzaken worden niet in het nadeel van verdachte meegewogen. </para>
        </parablock>
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>7.3.2.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Rapportages </emphasis>
          </para>
          <para>Reclasseringsinstelling Fivoor heeft op 25 juli 2023 een rapport over de verdachte opgemaakt. Dit rapport houdt onder meer, voor zover relevant, het volgende in. </para>
          <para>De verdachte is een arbeidsmigrant uit de EU en verblijft ongeveer twee jaar in Nederland. Hij heeft na een jaar zijn baan en inkomsten verloren, waardoor zijn zelfredzaamheid beperkt werd. Een maatschappelijk afglijden is waarneembaar. De reclassering vindt het zorgwekkend dat de verdachte recentelijk meerdere malen in aanraking is geweest met de politie. Eveneens  is het ontbreken van werk en huisvesting zorgwekkend. </para>
          <para>De verdachte ontkende bij de reclassering de feiten. Hierdoor kan een delictrelatie niet worden gelegd door de reclassering. De reclassering kan het recidiverisico niet inschatten en schat het inschatten op onttrekken aan voorwaarden als hoog in. Er is namelijk geen basis voor vertrouwen en medewerking en de verdachte spreekt geen Nederlands. De reclassering adviseert bij een veroordeling een straf zonder oplegging van bijzondere voorwaarden. </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.4.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Strafoplegging</emphasis>
        </para>
        <para>Gezien de ernst van de feiten kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Bij de bepaling van de duur van de gevangenisstraf heeft de rechtbank gelet op straffen die in min of meer vergelijkbare strafzaken zijn opgelegd en op de Oriëntatiepunten voor straftoemeting en LOVS-afspraken ten aan zien van “insluiping in een woning”. De rechtbank komt op grond daarvan tot een lagere strafoplegging dan door de officier van justitie is gevorderd. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Alles afwegend acht de rechtbank de oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 105 dagen passend en geboden. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8. </nr>Toepasselijke wettelijke voorschriften</title>
    <para>Gelet is op de artikelen 57 en 311 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9. </nr>Bijlagen</title>
    <para>De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.</para>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>10</nr>. Beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart bewezen, dat de verdachte de onder 1 en onder 2 primair ten laste gelegde feiten, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte  daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert de hiervoor vermelde strafbare feiten;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de verdachte strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf voor de duur van 105 dagen; </emphasis><?linebreak?></para>
      <para>beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover deze tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;</para>
      <para>
        <?linebreak?>heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte, die bij eerdere beslissing is geschorst.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. L. Stevens, voorzitter,</para>
      <para>en mrs. W.A.F. Damen en S.M. den Hollander, rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. R. van Puffelen, griffier,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De oudste en de jongste rechter zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bijlage I </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Tekst tenlastelegging </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>hij op 15 april 2023 te Rotterdam en/of Nieuwerkerk aan den IJssel en/of elders in </para>
      <para>Nederland</para>
      <para>tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, </para>
      <para>althans eenmaal,</para>
      <para>(telkens) een hoeveelheid geld, te weten:</para>
    </parablock>
    <para>- 30,19 euro en/of</para>
    <para>- 10,00 euro en/of</para>
    <para>- 9,00 euro en/of</para>
    <para>- 11,15 euro en/of</para>
    <para>- 23,20 euro en/of</para>
    <para>- 0,60 euro,</para>
    <parablock>
      <para>in elk geval een of meerdere geldbedragen, dat/die geheel of ten dele aan [naam01]</para>
      <para> in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen </para>
      <para>met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen,</para>
      <para>terwijl verdachte, telkens, zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft </para>
      <para>verschaft en/of die/dat weg te nemen goed/goederen onder zijn bereik heeft </para>
      <para>gebracht door middel van een valse sleutel,</para>
      <para>door (telkens) te pinnen met de bankpas en/of betaalkaart van die [naam01]</para>
      <para>, tot welk gebruik hij, verdachte, niet gerechtigd was;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>(art 310 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 14 april 2023 tot en met 15 april 2023 te </para>
      <para>Rotterdam, in/uit een woning gelegen aan de [adres02], alwaar verdachte zich </para>
      <para>buiten weten of tegen de wil van de rechthebbende bevond,</para>
    </parablock>
    <para>- een hoofdtelefoon en/of</para>
    <para>- een babyfoon en/of</para>
    <para>- een portemonnee en/of</para>
    <para>- een laptop en/of</para>
    <para>- een (of meerdere) betaalkaar(ten) en/of</para>
    <para>- een creditcard en/of</para>
    <para>- een rijbewijs en/of</para>
    <para>- een Idkaart en/of</para>
    <para>- een rugzak,</para>
    <parablock>
      <para>in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan [naam02] en/of </para>
      <para>
        [naam01], in elk geval aan een ander dan verdachte toebehoorde(n) </para>
      <para>heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>(art 310 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 3 Wetboek van Strafrecht)</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou </para>
      <para>kunnen leiden:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op 16 april 2023 te Rotterdam,</para>
    </parablock>
    <para>- een cardhouder en/of</para>
    <para>- een bankpas/betaalkaart en/of,</para>
    <para>- een rijbewijs en/of</para>
    <para>- een Idkaart en/of</para>
    <para>- een zorgpas en/of</para>
    <para>- een rugtas en/of</para>
    <para>- een laptop</para>
    <parablock>
      <para>althans een of meer goed(eren) heeft verworven, voorhanden heeft gehad, en/of </para>
      <para>heeft overgedragen,</para>
      <para>terwijl hij ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van dit/deze</para>
      <para>goed(eren) wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden dat het een door </para>
      <para>misdrijf verkregen goed(eren) betrof;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>(art 416 lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht, art 417bis lid 1 ahf/ond a Wetboek </para>
      <para>van Strafrecht)</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>