<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2023:7305</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-08-17T11:20:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-08-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-07-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10/307386-20</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2023:7305">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2023:7305</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-08-17T11:19:57</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-08-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2023:7305 Rechtbank Rotterdam , 21-07-2023 / 10/307386-20</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2023:7305:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Veroordeling overtreding van art. 6 van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW), terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander lichamelijk letsel is toegebracht.</para>
        <para>Straf: een geldboete van € 1.500,00, een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden met een proeftijd van 2 jaren en een OBM van 12 maanden (met aftrek van de tijd dat het rijbewijs ingevorderd en ingehouden is geweest), waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2023:7305:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
<uitspraak.info>
<bridgehead role="bold caps">
Rechtbank Rotterdam
</bridgehead>
<para />
<parablock>
<para>
Team straf 2
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Parketnummer: 10/307386-20
</para>
<para>
Datum uitspraak: 21 juli 2023
</para>
<para>
Verstek
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
[verdachte01] ,
</emphasis>
</para>
<para>
geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 1980,
</para>
<para>
laatst opgegeven woon- of verblijfplaats:
</para>
<para>
[adres01] , [postcode01] [plaats01] , België.
</para>
</parablock>
</uitspraak.info>
<section>
<title>
<nr>
1
</nr>
Onderzoek op de terechtzitting
</title>
<para>
Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 21 juli 2023.
</para>
</section>
<section>
<title>
<nr>
2
</nr>
Tenlastelegging
</title>
<para>
Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.
</para>
</section>
<section>
<title>
<nr>
3
</nr>
Eis officier van justitie
</title>
<para>
De officier van justitie mr. R.P.L. van Loon heeft gevorderd:
</para>
<itemizedlist mark="-">
<listitem>
<para>
bewezenverklaring van het primair ten laste gelegde (uitgaande van schuld in de zin van zeer onvoorzichtig, onoplettend en onachtzaam rijgedrag);
</para>
</listitem>
<listitem>
<para>
veroordeling van de verdachte tot:
</para>
</listitem>
</itemizedlist>
<parablock>
<para>
- een geldboete ter hoogte van € 1.500,-, subsidiair 25 dagen hechtenis;
</para>
<para>
- een ontzegging van de bevoegdheid om motorrijtuigen te besturen voor de duur van 12 maanden met aftrek, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren;
</para>
<para>
- een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 2 maanden, met een proeftijd van 2 jaren.
</para>
</parablock>
</section>
<section>
<title>
<nr>
4
</nr>
Bewezenverklaring
</title>
<para>
In bijlage II heeft de rechtbank de inhoud van wettige bewijsmiddelen opgenomen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Op grond daarvan is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het primair ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:
</para>
<para />
<para />
<para />
<parablock>
<para>
hij op 27 november 2020 te Ooltgensplaat, gemeente Goeree-Overflakkee, als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig (een vrachtauto met een aangekoppelde oplegger) zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden door met dat motorrijtuig zeer onvoorzichtig en onoplettend en onachtzaam en met aanmerkelijke verwaarlozing van de te dezen geboden zorgvuldigheid te rijden op de voor het openbaar verkeer openstaande weg, de N59, welk genoemd rijgedrag hierin heeft bestaan dat hij, verdachte, toen daar, terwijl
</para>
<para>
-die N59 ter plaatse bestond uit twee rijbanen bestemd voor verkeer in beide rijrichtingen en
</para>
<para>
-tussen die twee rijbanen een dubbele doorgetrokken streep was gelegen en
</para>
<para>
-ter plaatse een maximumsnelheid gold van 100 km/u en
</para>
<para>
-er sprake was van (complete) duisternis en een onverlichte weg, die dubbele doorgetrokken streep heeft overschreden door met die vrachtwagencombinatie te gaan keren en hij, verdachte, die keermanoeuvre aldaar niet eenvoudig en niet in één beweging kon maken en die keermanoeuvre niet in korte tijd kon voltooien, gezien de totale lengte van die vrachtwagencombinatie in verhouding tot de breedte van die weg en met die vrachtwagencombinatie dwars op de rijbaan (stil) kwam te staan en
</para>
<para>
aldus de vrije doorgang voor het overige verkeer in beide rijrichtingen heeft belemmerd, als gevolg waarvan de bestuurder van een personenauto, genaamd [slachtoffer01] , in botsing of aanrijding is gekomen met die in de duisternis slecht zichtbare, dwars op de rijbaan stilstaande, vrachtwagencombinatie, waardoor:
</para>
<para>
-die [slachtoffer01] zodanig lichamelijk letsel werd toegebracht, dat daaruit tijdelijke ziekte is ontstaan;
</para>
<para>
- [slachtoffer02] (inzittende van die personenauto) zwaar lichamelijk letsel te weten een gebroken nekwervel en een gebroken kuitbeen werd toegebracht
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.
</para>
</parablock>
</section>
<section>
<title>
<nr>
5
</nr>
Strafbaarheid feit
</title>
<para>
Het bewezen feit levert op:
</para>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
primair
</emphasis>
</para>
<para>
<emphasis role="bold">
overtreding van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994, terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander lichamelijk letsel wordt toegebracht, meermalen gepleegd.
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Het feit is dus strafbaar.
</para>
</parablock>
</section>
<section>
<title>
<nr>
6
</nr>
Strafbaarheid verdachte
</title>
<para>
Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.
</para>
</section>
<section role="overwegingen">
<title>
<nr>
7
</nr>
Motivering straffen
</title>
<para>
De straffen die aan de verdachte worden opgelegd zijn gegrond op de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden en de draagkracht van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.
</para>
<para />
<parablock>
<para>
De verdachte heeft een verkeersongeval veroorzaakt door zich zeer onvoorzichtig en onoplettend te gedragen in het verkeer. Op 27 november 2020 heeft de verdachte zijn vrachtwagencombinatie gekeerd op een openbare weg, waar een maximale snelheid van 100 kilometer per uur gold, door de dubbele doorgetrokken streep te overschrijden. Daarbij komt dat het op dat moment compleet donker was en hij de vrachtwagencombinatie, gelet op de lengte daarvan en de breedte van de weg, niet gemakkelijk kon keren. Achter de auto waarin de slachtoffers zich bevonden reden meerdere auto’s en ook uit de tegemoetkomende richting kwam verkeer. De verdachte heeft met de slachtoffers en de overige verkeersgebruikers geen rekening gehouden. Door de aanrijding hebben twee slachtoffers (zwaar) lichamelijk letsel opgelopen. Het verkeersongeval heeft een grote impact gehad op hun levens. De verdachte is beroepschauffeur en heeft zeer onverantwoord gehandeld. Dit rekent de rechtbank hem zwaar aan.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie van 5 juni 2023, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Gelet op hetgeen de rechtbank hierboven heeft overwogen, komt zij tot de volgende conclusies. Door zijn vrachtwagen te keren heeft de verdachte een zeer groot risico genomen, met ernstige gevolgen. Omdat de verdachte niet ter zitting is verschenen, is over de persoon van de verdachte weinig bekend. Bij het bepalen van de straf houdt de rechtbank in strafmatigende zin rekening gehouden met het forse tijdsverloop in deze zaak en de omstandigheid dat de verdachte een first offender is. De straf die de officier van justitie heeft geëist vindt de rechtbank passend en geboden.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
De rechtbank zal daarom aan de verdachte opleggen een geldboete van € 1.500,-, een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van twee maanden met een proeftijd van twee jaren en een ontzegging van de bevoegdheid om motorrijtuigen te besturen voor de duur van twaalf maanden met aftrek, waarvan zes maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren.
</para>
</parablock>
</section>
<section>
<title>
<nr>
8
</nr>
Toepasselijke wettelijke voorschriften
</title>
<para>
Gelet is op de artikelen 14a, 14b, 14c, 23, en 24c van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 6, 175 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994.
</para>
</section>
<section>
<title>
<nr>
9
</nr>
Bijlagen
</title>
<para>
De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.
</para>
</section>
<section role="beslissing">
<title>
<nr>
10
</nr>
Beslissing
</title>
<para>
De rechtbank:
</para>
<para />
<parablock>
<para>
verklaart bewezen, dat de verdachte het primair ten laste gelegde feit, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert het hiervoor vermelde strafbare feit;
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
verklaart de verdachte strafbaar;
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
veroordeelt de verdachte tot een
<emphasis role="bold">
geldboete van € 1.500,00 (vijftienhonderd euro),
</emphasis>
bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal te vervangen door
<emphasis role="bold">
25 (vijfentwintig) dagen hechtenis;
</emphasis>
<?linebreak?>
</para>
<para>
veroordeelt de verdachte alsmede tot een
<emphasis role="bold">
gevangenisstraf voor de duur van 2 (twee) maanden;
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
bepaalt dat deze gevangenisstraf
<emphasis role="bold">
niet ten uitvoer zal worden gelegd
</emphasis>
, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
verbindt hieraan een proeftijd, die wordt gesteld op
<emphasis role="bold">
2 (twee) jaren
</emphasis>
;
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
tenuitvoerlegging kan worden gelast als de veroordeelde de algemene voorwaarde niet naleeft;
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
stelt als algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich vóór het einde van de proeftijd niet aan een strafbaar feit schuldig zal maken.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
ontzegt
</emphasis>
de verdachte
<emphasis role="bold">
de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen
</emphasis>
voor de tijd van
<emphasis role="bold">
12 (twaalf) maanden;
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
bepaalt dat de duur van de ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen, wordt verminderd met de duur van de invordering en inhouding van het rijbewijs op grond van artikel 164 van de Wegenverkeerswet 1994;
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
bepaalt dat van deze ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen een gedeelte,
<emphasis role="bold">
groot 6 (zes) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd
</emphasis>
, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
verbindt hieraan een proeftijd, die wordt gesteld op
<emphasis role="bold">
2 (twee) jaren
</emphasis>
;
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
tenuitvoerlegging kan worden gelast als de veroordeelde de algemene voorwaarde niet naleeft;
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
stelt als algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich vóór het einde van de proeftijd niet aan een strafbaar feit schuldig zal maken.
</para>
</parablock>
<para />
<para />
<para />
<para />
<para />
<para />
<para />
<parablock>
<para>
Dit vonnis is gewezen door mr. A.M.G. van de Kragt, voorzitter,
</para>
<para>
en mrs. L. Daum en J.L. Luiten, rechters,
</para>
<para>
in tegenwoordigheid van mr. J. Knook, griffier,
</para>
<para>
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 21 juli 2023.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
De jongste rechter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Bijlage I
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
Tekst tenlastelegging
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
hij op of omstreeks 27 november 2020 te Ooltgensplaat, gemeente Goeree-Overflakkee, als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig (een vrachtauto met een aangekoppelde oplegger) zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden door met dat motorrijtuig zeer, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig en/of onoplettend en/of onachtzaam en/of met aanmerkelijke verwaarlozing van de te dezen geboden zorgvuldigheid te rijden op de voor het openbaar verkeer openstaande weg, de N59, welk genoemd rijgedrag hierin heeft bestaan dat hij, verdachte, toen daar, terwijl
</para>
<para>
-die N59 ter plaatse bestond uit twee rijbanen bestemd voor verkeer in beide rijrichtingen en/of
</para>
<para>
-tussen die twee rijbanen een dubbele doorgetrokken streep was gelegen en/of
</para>
<para>
-ter plaatse een maximumsnelheid gold van 100 km/u en/of
</para>
<para>
-er sprake was van (complete) duisternis en/of een onverlichte weg, die dubbele doorgetrokken streep heeft overschreden door met die vrachtwagencombinatie naar links te sturen en/of te gaan keren en/of hij, verdachte, die keermanoeuvre aldaar niet eenvoudig en/of niet in één beweging kon maken en/of die keermanoeuvre niet in korte tijd kon voltooien, gezien de totale lengte van die vrachtwagencombinatie in verhouding tot de (geringe) breedte van die weg en/of met die vrachtwagencombinatie dwars op de rijbaan (stil) kwam te staan en/of (aldus) de vrije doorgang voor het overige verkeer in beide rijrichtingen heeft belemmerd, als gevolg waarvan de bestuurder van een personenauto, genaamd [slachtoffer01] , in botsing of aanrijding is gekomen met die in de duisternis slecht zichtbare, dwars op de rijbaan (stil)staande, vrachtwagencombinatie, waardoor:
</para>
<para>
-die [slachtoffer01] zwaar lichamelijk letsel (te weten een gebroken borstbeen en/of een gebroken borstwervel) of zodanig lichamelijk letsel werd toegebracht, dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan;
</para>
<para>
- [slachtoffer02] (inzittende van die personenauto) zwaar lichamelijk letsel (te weten een gebroken nekwervel en een gebroken kuitbeen) of zodanig lichamelijk letsel werd toegebracht, dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan;
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
hij op of omstreeks 27 november 2020 te Ooltgensplaat, gemeente Goeree-Overflakkee als bestuurder van een motorrijtuig (vrachtaut met een aangekoppelde oplegger), daarmee rijdende op de voor het openbaar verkeer openstaande weg, de N59, zich zodanig heeft gedragen dat gevaar op die weg werd veroorzaakt, althans kon worden veroorzaakt, en/of het verkeer op die weg werd gehinderd, althans kon worden gehinderd; welk gedrag hierin heeft bestaan dat hij, verdachte, toen daar, terwijl
</para>
<para>
-die N59 ter plaatse bestond uit twee rijbanen bestemd voor verkeer in beide rijrichtingen en/of
</para>
<para>
-tussen die twee rijbanen een dubbele doorgetrokken streep was gelegen en/of
</para>
<para>
-ter plaatse een maximumsnelheid gold van 100 km/u en/of
</para>
<para>
-er sprake was van (complete) duisternis en/of een onverlichte weg,
</para>
<para>
die dubbele doorgetrokken streep heeft overschreden door met die vrachtwagencombinatie naar links te sturen en/of te gaan keren en/of hij, verdachte, die keermanoeuvre aldaar niet eenvoudig en/of niet in één beweging kon maken en/of die keermanoeuvre niet in korte tijd kon voltooien, gezien de totale lengte van die vrachtwagencombinatie in verhouding tot de (geringe) breedte van die weg en/of met die vrachtwagencombinatie dwars op de rijbaan (stil) kwam te staan en/of (aldus) de vrije doorgang voor het overige verkeer in beide rijrichtingen heeft belemmerd, waardoor een personenauto in botsing of aanrijding is gekomen met die in de duisternis slecht zichtbare, dwars op de rijbaan (stil)staande,
</para>
<para>
vrachtwagencombinatie.
</para>
</parablock>
<para />
<para />
</section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>