<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2023:6854</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-08-17T15:53:31</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-07-31</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-07-18</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10578650 / VV EXPL 23-303</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#procesverbaal">Proces-verbaal</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2023:6854">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2023:6854</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-08-17T14:53:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-08-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2023:6854 Rechtbank Rotterdam , 18-07-2023 / 10578650 / VV EXPL 23-303</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2023:6854:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Mondelinge uitspraak. Kort geding. Huur van woonruimte. Ontruiming woning toegewezen</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2023:6854:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
<uitspraak.info>
<bridgehead role="bold">
RECHTBANK ROTTERDAM
</bridgehead>
<para />
<parablock>
<para>
locatie Rotterdam
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
zaaknummer: 10578650 / VV EXPL 23-303
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de kantonrechter op 18 juli 2023
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
in de zaak van
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
Stichting Hef Wonen
</emphasis>
,
</para>
<para>
gevestigd in Rotterdam,
</para>
<para>
eiseres,
</para>
<para>
gemachtigde: mr. S.E. Roeters van Lennep te Rotterdam,
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
tegen
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
De Maas Dienstverlening B.V.
</emphasis>
, in haar hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen van de heer [persoon01] ,
</para>
<para>
gevestigd in Spijkenisse,
</para>
<para>
gedaagde,
</para>
<para>
vertegenwoordigd door [naam01] en [naam02] .
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
De partijen worden ‘Hef Wonen’ en ‘De Maas Dienstverlening q.q.’ genoemd. De onder bewind gestelde persoon wordt hierna ‘ [persoon01] ’ genoemd.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
De kantonrechter is mr. M. Fiege en de griffier is mr. R.W.H. van Rijkom.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Aanwezig zijn:
</para>
</parablock>
<itemizedlist mark="-">
<listitem>
<para>
namens Hef Wonen mevrouw [naam03] (medewerker sociaal beheer) en de heer [naam04] (wijkbeheerder), bijgestaan door de gemachtigde van Hef Wonen; en
</para>
</listitem>
<listitem>
<para>
namens De Maas Dienstverlening q.q. mevrouw [naam01] en mevrouw [naam02] .
</para>
</listitem>
</itemizedlist>
<para />
</uitspraak.info>
<section role="overwegingen">
<title>
<nr>
1
</nr>
De beoordeling
</title>
<paragroup>
<nr>
1.1.
</nr>
<para>
Een eis in kort geding kan worden toegewezen als de eisende partij hierbij zoveel spoed heeft dat die de uitkomst van een gewone procedure niet hoeft af te wachten (artikel 254 lid 1 Rv). Uit de stellingen van Hef Wonen volgt dat deze spoed aanwezig is.
</para>
<para />
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
1.2.
</nr>
<para>
Het is voldoende aannemelijk dat in een bodemprocedure de huurovereenkomst zal worden ontbonden. Hef Wonen heeft haar stelling dat [persoon01] ernstige langdurige overlast veroorzaakt voldoende aannemelijk gemaakt en dit is ook niet weersproken. Het is daarom gerechtvaardigd om in deze procedure vooruit te lopen op de ontbinding en De Maas Dienstverlening q.q. te veroordelen om er zorg voor te dragen dat het gehuurde wordt ontruimd. De ontruimingstermijn wordt gesteld op veertien dagen na de datum van dit vonnis.
</para>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
De Maas Dienstverlening q.q. moet de proceskosten betalen
</emphasis>
</para>
</parablock>
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
1.3.
</nr>
<para>
Hef Wonen krijgt gelijk. De Maas Dienstverlening q.q. moet daarom de proceskosten betalen (artikel 237 Rv). De kantonrechter stelt deze kosten aan de kant van Hef Wonen tot vandaag vast op € 107,32 aan dagvaardingskosten, € 128,00 aan griffierecht en € 529,00 aan salaris voor de gemachtigde. Dit is in totaal € 764,32. Voor kosten die Hef Wonen maakt na deze uitspraak moet De Maas Dienstverlening q.q. een bedrag betalen van € 132,00. Hier kan nog een bedrag bijkomen als de uitspraak wordt betekend. In dit vonnis hoeft hierover niet apart te worden beslist (zie de uitspraak van de Hoge Raad van 10 juni 2022, gepubliceerd onder ECLI:NL:HR:2022:853).
</para>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
Uitvoerbaarheid bij voorraad
</emphasis>
</para>
</parablock>
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
1.4.
</nr>
<para>
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 233 Rv).
</para>
<para />
</paragroup>
</section>
<section role="beslissing">
<title>
<nr>
2
</nr>
De beslissing
</title>
<para>
De kantonrechter:
</para>
<para />
<paragroup>
<nr>
2.1.
</nr>
<para>
veroordeelt De Maas Dienstverlening q.q. om er zorg voor te dragen dat de woning aan het adres [adres01] ( [postcode01] ) in Rotterdam binnen veertien dagen na de datum van dit vonnis is ontruimd met alle personen en zaken die zich daar vanwege [persoon01] bevinden en de woning met alle sleutels ter beschikking van Hef Wonen te stellen;
</para>
<para />
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
2.2.
</nr>
<para>
veroordeelt De Maas Dienstverlening q.q. in de proceskosten, die aan de kant van Hef Wonen tot vandaag worden vastgesteld op € 764,32;
</para>
<para />
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
2.3.
</nr>
<para>
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
</para>
<para />
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
2.4.
</nr>
<para>
wijst al het andere af.
</para>
<para />
<parablock>
<para>
Dit proces-verbaal is op 18 juli 2023 opgemaakt en ondertekend door de kantonrechter.
</para>
<para>
38671
</para>
</parablock>
</paragroup>
</section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>