<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2023:6539</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-07-24T15:00:35</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-07-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-07-24</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">83.314327.21</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2023:6539">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2023:6539</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-07-24T12:03:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-07-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2023:6539 Rechtbank Rotterdam , 24-07-2023 / 83.314327.21</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2023:6539:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Tenlastegelegd zijn drie feiten ter zake valsheid in geschrift. Vrijspraak feiten 1 en 2, geen bewijs dat met globale omschrijving gefactureerde werkzaamheden niet zijn verricht. Veroordeling voor feit 3, ten aanzien waarvan geen straf of maatregel wordt opgelegd.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2023:6539:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">Rechtbank Rotterdam</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team straf 1</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 83.314327.21</para>
      <para>Datum uitspraak: 24 juli 2023</para>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte01],</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01],</para>
      <para>ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres [adres01].</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1. </nr>Onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para>Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 10 juli 2023.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2. </nr>Tenlastelegging</title>
    <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht. </para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3. </nr>Eis officier van justitie</title>
    <para>De officier van justitie mr. V.E. Broeders heeft gevorderd:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>bewezenverklaring van het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeling van de verdachte tot een taakstraf van 120 uur, te vervangen door 60 dagen hechtenis.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4. </nr>Vrijspraken</title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>De verdachte heeft samen met zijn medeverdachte [medeverdachte01] zes valse facturen opgemaakt. De in de tenlastelegging onder 1 en 2 genoemde facturen van [bedrijf01] aan [bedrijf02] enerzijds en van [bedrijf02] aan [bedrijf03] (hierna: [bedrijf03]) anderzijds, zijn vals, omdat op die facturen staat vermeld dat een Marketing Management fee dan wel consultancy fees in rekening worden gebracht, terwijl er feitelijk geen marketing management diensten of consultancy diensten zijn verricht. </para>
      <para>Het onder 1 en 2 ten laste gelegde is wettig en overtuigend bewezen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>
        [bedrijf02] is de vennootschap van de verdachte. [bedrijf01] is een vennootschap van medeverdachte [medeverdachte01] en [bedrijf03] (hierna: [bedrijf03]) is een vennootschap waarvan [medeverdachte01] indirect aandeelhouder is. De verdachte heeft verklaard dat er werkzaamheden zijn verricht door de [bedrijf02] voor [bedrijf03] en door [bedrijf01] voor [bedrijf02] en dat hij en de medeverdachte [medeverdachte01] bij het over en weer factureren van hun werkzaamheden aan elkaars vennootschappen als het ware één grote afrekening hebben gemaakt. Voor deze werkzaamheden als geheel hebben zij de overkoepelende omschrijvingen gebruikt zoals op de facturen staat vermeld. De verdachte heeft ter terechtzitting een toelichting gegevens op deze werkzaamheden, zo heeft [bedrijf02] onder meer videoproducties voor [bedrijf03] gemaakt en verschillende projecten voor de vennootschappen van [medeverdachte01] gedaan en heeft [medeverdachte01] [bedrijf02] geadviseerd over de boekhouding en de uiteindelijke ontbinding van zijn vennootschap. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten laste is gelegd dat er facturen zijn opgemaakt voor werkzaamheden die niet zijn verricht. Dat betekent dat de rechtbank, om tot een bewezenverklaring te komen, moet kunnen vaststellen dat er daadwerkelijk geen werkzaamheden zijn verricht door voornoemde vennootschappen die onder de noemers <emphasis role="italic">consultancy</emphasis> of <emphasis role="italic">marketing management diensten</emphasis> kunnen vallen. Dit zijn echter zulke globale omschrijvingen dat niet eenduidig kan worden vastgesteld dat deze omschrijvingen als vals, onwaar, zijn aan te merken. Ook kan niet worden vastgesteld dat de door de verdachte genoemde werkzaamheden niet zijn verricht. Dat betekent dat niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat de verdachte de valsheid in geschrift zoals onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan en hij wordt daarvan dan ook vrijgesproken. </para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5. </nr>Bewezenverklaring</title>
    <para>In bijlage II heeft de rechtbank de inhoud van wettige bewijsmiddelen opgenomen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Op grond daarvan, en op grond van de redengevende inhoud van het voorgaande, is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 3 ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij<?linebreak?>in de periode van 6 november 2016 tot en met 7 december 2016<?linebreak?>te Dirksland, gemeente Goeree-Overflakkee, en/of Utrecht en/of Amsterdam,<?linebreak?>althans in Nederland,<?linebreak?>tezamen en in vereniging met een ander,<?linebreak?>facturen ten name van [bedrijf02] gericht aan [bedrijf04]<?linebreak?>[bedrijf04], te weten<?linebreak?>- factuurnummer 2016-11 gedateerd 6 november 2016 ad EUR 12.100,- <?linebreak?>en<?linebreak?>- factuurnummer 2016-12 gedateerd 6 november 2016 ad EUR 6.050,- <?linebreak?>- elk zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te<?linebreak?>dienen -<?linebreak?>valselijk heeft opgemaakt ,<?linebreak?>immers hebben hij, verdachte, en zijn mededader toen en daar<?linebreak?>telkens in strijd met de waarheid -zakelijk weergegeven- op die facturen<?linebreak?>vermeld dat marketing werkzaamheden over de maanden tot<?linebreak?>en met september 2016 en de maand oktober 2016 in rekening<?linebreak?>worden gebracht terwijl er in werkelijkheid door of namens [bedrijf02] geen<?linebreak?>marketing werkzaamheden zijn verricht voor [bedrijf04],<?linebreak?>telkens met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst te<?linebreak?>gebruiken of door anderen te doen gebruiken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet ook daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6. </nr>Strafbaarheid feit</title>
    <para>Het bewezen feit levert op:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">medeplegen van valsheid in geschrift, meermalen gepleegd.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is dus strafbaar.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7. </nr>Strafbaarheid verdachte</title>
    <para>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte is dus strafbaar.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>8. </nr>Motivering schuldigverklaring zonder oplegging van straf of maatregel</title>
    <para>De beslissing of een sanctie passend is en zo ja, welke, is gegrond op de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte heeft zich, met het valselijk opmaken van verschillende facturen schuldig gemaakt aan valsheid in geschrift. Immers, twee door hem en op naam van zijn bedrijf opgemaakte facturen zagen niet op door hem of namens zijn bedrijf verrichte werkzaamheden. Hij heeft zijn bedrijf en zijn factuurrelatie met [bedrijf04] laten gebruiken door zijn medeverdachte [medeverdachte01] die de werkzaamheden feitelijk had verricht. Met deze valsheden heeft de verdachte het vertrouwen ondermijnd dat burgers, organisaties en overheid in het maatschappelijk verkeer moeten kunnen hebben in de juistheid van dergelijke geschriften.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie van </para>
      <para>9 juni 2023, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Redelijke termijn</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>De redelijke termijn is in de onderhavige zaak gaan lopen vanaf de datum van verzending van de regiebrief aan de verdachte op 14 december 2021, waarin het voornemen tot vervolging aan de verdachte kenbaar werd gemaakt. De zaak is daarmee binnen de redelijke termijn van twee jaar afgedaan. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>Bij de berechting van een zaak, waarbij geen sprake is van bijzondere omstandigheden heeft als uitgangspunt te gelden dat de behandeling van de zaak op de terechtzitting dient te zijn afgerond met een eindvonnis binnen twee jaar na aanvang van de redelijke termijn. De redelijke termijn vangt aan op het moment dat een verdachte in redelijkheid de verwachting kan hebben dat tegen hem ter zake van een bepaald strafbaar feit door het openbaar ministerie een strafvervolging zal worden ingesteld. Het eerste verhoor van een verdachte kan als een zodanige handeling worden aangemerkt. De verdachte is in de onderhavige zaak op 15 mei 2020 voor de eerste keer door opsporingsambtenaren van de FIOD verhoord. Op deze datum is de redelijke termijn derhalve aangevangen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is er in deze zaak geen sprake van bijzondere omstandigheden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is dan ook van oordeel dat tussen de aanvang van de redelijke termijn zoals hiervoor vastgesteld en de datum van het eindvonnis een periode van ruim drie jaar ligt. Nu in deze zaak, zoals hiervoor is overwogen, wordt uitgegaan van een redelijke termijn van twee jaar, is sprake van een overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) van veertien maanden. Deze overschrijding niet is toe te rekenen aan de verdachte en dient daarom gecompenseerd te worden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op de vrijspraak van het onder 1 en 2 ten laste gelegde en daarnaast rekening houdend met de ouderdom van de feiten, de overschrijding van de redelijke termijn en met het gegeven dat de verdachte na het  thans onder 3 bewezenverklaarde feit geen strafbare feiten meer heeft begaan, is de rechtbank van oordeel dat met het opleggen van enige straf thans in redelijkheid geen met de strafrechtstoepassing na te streven doel meer wordt gediend. Daarom zal de rechtbank bepalen dat aan de verdachte geen straf of maatregel zal worden opgelegd.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9. </nr>Bijlagen</title>
    <para>De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.</para>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>10</nr>. Beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart niet bewezen, dat de verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart bewezen, dat de verdachte het onder 3 ten laste gelegde feit, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte ook daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert het hiervoor vermelde strafbare feit;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de verdachte strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat ten aanzien van het bewezenverklaarde feit geen straf of maatregel wordt opgelegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A.J.P. van Essen, voorzitter en mr. M. Timmerman en </para>
      <para>mr. S.W.H. Bootsma, rechters in tegenwoordigheid van R. Meulendijk, griffier,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting op 24 juli 2023.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De oudste en de jongste rechter zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bijlage I </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Tekst tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1</para>
      <para>hij</para>
      <para>op één of meer tijdstip(pen) gelegen</para>
      <para>in of omstreeks de periode van 16 april 2018 tot en met 4 juni 2018</para>
      <para>te Dirksland, gemeente Goeree-Overflakkee, en/of Utrecht en/of Amsterdam,</para>
      <para>althans in Nederland,</para>
      <para>tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen,</para>
      <para>meermalen, althans eenmaal,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>opzettelijk één of meer valse of vervalste factu(u)r(en) ten name van [bedrijf01]</para>
      <para> gericht aan [bedrijf02], te weten</para>
    </parablock>
    <para>- Invoice No. 18.007 gedateerd 31 maart 2018 ad EUR 9.800,- (excl. BTW)</para>
    <para>(DOC-042) en/of</para>
    <para>- Invoice No. 18.008 gedateerd 31 maart 2018 ad EUR 9.800,- (excl. BTW)</para>
    <para>(DOC-043) en/of</para>
    <para>- Invoice No. 18.009 gedateerd 31 maart 2018 ad EUR 9.800,- (excl. BTW)</para>
    <parablock>
      <para>(DOC-044),</para>
      <para>-(elk) zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te</para>
      <para>dienen-</para>
      <para>voorhanden heeft gehad, terwijl hij, verdachte, wist of redelijkerwijs moest</para>
      <para>vermoeden dat dat/die geschrift(en) bestemd was/waren om gebruik van te maken</para>
      <para>als ware(n) het/deze echt en onvervalst,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bestaande die valsheid (telkens) hierin dat in strijd met de waarheid -zakelijk</para>
      <para>weergegeven- op die factu(u)r(en) was/waren vermeld dat "Marketing Management</para>
      <para>fee" over de maand(en) januari, februari en/of maart in rekening wordt gebracht</para>
      <para>(terwijl er in werkelijkheid door of namens [bedrijf01] geen marketing</para>
      <para>management diensten zijn verleend aan [bedrijf02]);</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2</para>
      <para>hij</para>
      <para>op één of meer tijdstip(pen) gelegen</para>
      <para>in of omstreeks de periode van 26 maart 2018 tot en met 22 mei 2018</para>
      <para>te Dirksland, gemeente Goeree-Overflakkee, en/of Utrecht en/of Amsterdam,</para>
      <para>althans in Nederland,</para>
      <para>tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen,</para>
      <para>meermalen, althans eenmaal,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>één of meer factu(u)r(en) ten name van [bedrijf02] gericht aan [bedrijf03]</para>
      <para>, te weten</para>
    </parablock>
    <para>- factuurnummer 2018-33 gedateerd 30 april 2018 ad EUR 9.800,- (0% BTW)</para>
    <para>(DOC-039) en/of</para>
    <para>- factuurnummer 2018-34 gedateerd 30 april 2018 ad EUR 9.800,- (0% BTW)</para>
    <para>(DOC-040) en/of</para>
    <para>- factuurnummer 2018-35 gedateerd 30 april 2018 ad EUR 9.800,- (0% BTW)</para>
    <para>(DOC-041),</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>-(elk) zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te</para>
      <para>dienen-</para>
      <para>valselijk heeft opgemaakt en/of heeft vervalst en/of valselijk heeft doen</para>
      <para>opmaken en/of heeft doen vervalsen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>immers heeft/hebben hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) toen en daar</para>
      <para>(telkens) in strijd met de waarheid -zakelijk weergegeven- op die factu(u)r(en)</para>
      <para>vermeld en/of doen vermelden dat "consultancy fees" over de</para>
      <para>maand(en) januari, februari en/of maart in rekening wordt gebracht</para>
      <para>(terwijl er in werkelijkheid door of namens [bedrijf02] geen consultancy</para>
      <para>diensten zijn verleend aan [bedrijf03].),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>(telkens) met het oogmerk om dat/die geschrift(en) als echt en onvervalst te</para>
      <para>gebruiken of door anderen te doen gebruiken;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3</para>
      <para>hij</para>
      <para>op één of meer tijdstip(pen) gelegen</para>
      <para>in of omstreeks de periode van 6 november 2016 tot en met 7 december 2016</para>
      <para>te Dirksland, gemeente Goeree-Overflakkee, en/of Utrecht en/of Amsterdam,</para>
      <para>althans in Nederland,</para>
      <para>tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen,</para>
      <para>meermalen, althans eenmaal,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>één of meer factu(u)r(en) ten name van [bedrijf02] gericht aan [bedrijf04]</para>
      <para>, te weten</para>
    </parablock>
    <para>- factuurnummer 2016-11 gedateerd 6 november 2016 ad EUR 12.100,- (DOC-079),</para>
    <para>en/of</para>
    <para>- factuurnummer 2016-12 gedateerd 6 november 2016 ad EUR 6.050,- (DOC-078)</para>
    <parablock>
      <para>-(elk) zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te</para>
      <para>dienen-</para>
      <para>valselijk heeft opgemaakt en/of heeft vervalst en/of valselijk heeft doen</para>
      <para>opmaken en/of heeft doen vervalsen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>immers heeft/hebben hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) toen en daar</para>
      <para>(telkens) in strijd met de waarheid -zakelijk weergegeven- op die</para>
      <para>factu(u)r(en) vermeld en/of doen vermelden dat marketing werkzaamheden over de</para>
      <para>maanden tot en met september 2016 en/of de maand oktober 2016 in rekening</para>
      <para>worden gebracht (terwijl er in werkelijkheid door of namens [bedrijf02] geen</para>
      <para>marketing werkzaamheden zijn verricht voor [bedrijf04]),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>(telkens) met het oogmerk om dat/die geschrift(en) als echt en onvervalst te</para>
      <para>gebruiken of door anderen te doen gebruiken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>