<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2023:5277</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-06-22T15:27:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-06-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-05-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10485144 / VZ VERZ 23-5394</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2023:5277">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2023:5277</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-06-22T15:25:33</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-06-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2023:5277 Rechtbank Rotterdam , 04-05-2023 / 10485144 / VZ VERZ 23-5394</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2023:5277:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Wisselbeschikking. Artikel 69 Rv.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2023:5277:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">
RECHTBANK ROTTERDAM
</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>
locatie Rotterdam
</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
zaaknummer: 10485144 / VZ VERZ 23-5394
</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
datum uitspraak: 4 mei 2023
</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
<emphasis role="bold">
Beschikking van de kantonrechter
</emphasis>
</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
in de zaak van
</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
<nr>
1.
</nr>
[verzoeker01] ,
</title>
    <parablock>
      <para>
<emphasis role="bold">
2. [verzoeker02]
</emphasis>
,
</para>
      <para>
beiden wonende in [woonplaats01] ,
</para>
      <para>
verzoekers,
</para>
      <para>
die zelf procederen,
</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
tegen
</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
<emphasis role="bold">
de Gemeente Molenlanden
</emphasis>
,
</para>
      <para>
zetelend in Molenlanden,
</para>
      <para>
verweerster.
</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
De partijen worden hierna ‘ [verzoeker01] ’, ‘ [verzoeker02] ’ en ‘de Gemeente’ genoemd.
</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
<nr>
1.
</nr>
Het verloop van de procedure
</title>
    <paragroup>
      <nr>
1.1.
</nr>
      <para>
Op 14 april 2023 is op de griffie van deze rechtbank een op 12 april 2023 gedateerd verzoekschrift van [verzoeker01] en [verzoeker02] ontvangen.
</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
<nr>
2.
</nr>
Het verzoek en de beoordeling daarvan
</title>
    <paragroup>
      <nr>
2.1.
</nr>
      <para>
De kantonrechter is op grond van artikel 69 Rv verplicht om - ook zonder een daartoe strekkend verweer - te onderzoeken of de procedure met het juiste procesinleidend stuk aanhangig is gemaakt. Als de kantonrechter vervolgens constateert dat de zaak op het verkeerde ‘spoor’ zit, moet hij de wissel omzetten en er zorg voor dragen dat de procedure wordt doorgeleid naar het juiste spoor.
</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
2.2.
</nr>
      <para>
De inhoud van het verzoekschrift van [verzoeker01] en [verzoeker02] komt er - kort samengevat - op neer, dat zij vorderen dat de verkoop van een groenstrook wordt teruggedraaid, omdat die verkoop op onrechtmatige wijze heeft plaatsgevonden. De kantonrechter is van oordeel dat [verzoeker01] en [verzoeker02] deze vordering op grond van het bepaalde in artikel 143 Rv bij exploot van dagvaarding aanhangig hadden moeten maken.
</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
2.3.
</nr>
      <para>
[verzoeker01] en [verzoeker02] hebben dan ook een verkeerd inleidend processtuk gebruikt. De procedure wordt - gelet op het bepaalde in artikel 69 Rv - voortgezet als een dagvaardingprocedure en [verzoeker01] en [verzoeker02] moeten de Gemeente alsnog bij exploot oproepen. Bij die oproeping moeten [verzoeker01] en [verzoeker02] een kopie van het bij de kantonrechter ingediende verzoekschrift van 12 april 2023 en deze beschikking aan de Gemeente laten meebetekenen. Voor informatie over het bij exploot laten oproepen van de Gemeente kunnen [verzoeker01] en [verzoeker02] contact opnemen met het Juridisch Loket, een advocaat en/of een gerechtsdeurwaarder.
</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
2.4.
</nr>
      <para>
[verzoeker01] en [verzoeker02] worden erop gewezen dat het verzoek niet-ontvankelijk wordt verklaard, als het uit te brengen exploot van oproeping niet uiterlijk op de dag vóór de hieronder vermelde rolzitting op de griffie is ingediend.
</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
<nr>
3.
</nr>
De beslissing
</title>
    <para>
De kantonrechter:
</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>
3.1.
</nr>
      <para>
beveelt dat de procedure in de stand waarin deze zich bevindt wordt voortgezet volgens de regels die gelden voor de dagvaardingsprocedure;
</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
3.2.
</nr>
      <para>
stelt [verzoeker01] en [verzoeker02] daarbij in de gelegenheid om hun stellingen zo nodig aan de op de dagvaardingsprocedure toepasselijke procesregels aan te passen;
</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
3.3.
</nr>
      <para>
bepaalt dat de zaak op de rolzitting van
<emphasis role="bold">
woensdag 21 juni 2023 om 14:30 uur
</emphasis>
komt;
</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
3.4.
</nr>
      <para>
beveelt dat [verzoeker01] en [verzoeker02] de Gemeente tegen de hiervoor genoemde dag en tijd - met inachtneming van de wettelijke termijnen - bij exploot oproepen, onder betekening van deze beschikking en het verzoekschrift van 12 april 2023;
</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
3.5.
</nr>
      <para>
bepaalt dat het door [verzoeker01] en [verzoeker02] te nemen processtuk uiterlijk op de dag voor de hiervoor genoemde rolzitting om 12:00 uur op de griffie moet zijn ontvangen;
</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
3.6.
</nr>
      <para>
houdt iedere verdere beslissing aan.
</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
Deze beschikking is gegeven door mr. W.J.J. Wetzels en in het openbaar uitgesproken.
</para>
        <para>
38671
</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>