<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2023:5257</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-07-11T11:04:37</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-06-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-05-12</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">9865203 / VZ VERZ 22-6461</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2023:5257">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2023:5257</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-07-11T11:04:05</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-07-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2023:5257 Rechtbank Rotterdam , 12-05-2023 / 9865203 / VZ VERZ 22-6461</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2023:5257:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Niet-ontvankelijkverklaring verzoek gelasten voorlopig getuigenverhoor bij gebreke van voldoende informatie om de getuigen van het verzoek op de hoogte te stellen en hen in de gelegenheid te stellen kenbaar te maken of zij bezwaar willen maken.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2023:5257:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
<uitspraak.info>
<bridgehead role="bold">
RECHTBANK ROTTERDAM
</bridgehead>
<para />
<parablock>
<para>
locatie Rotterdam
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
zaaknummer: 9865203 / VZ VERZ 22-6461
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
datum uitspraak: 12 mei 2023
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
Beschikking van de kantonrechter
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
op het verzoek van
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
[verzoeker01]
</emphasis>
,
</para>
<para>
wonende in [woonplaats01] ,
</para>
<para>
verzoeker,
</para>
<para>
die zelf procedeert,
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
om als getuigen te horen
</para>
</parablock>
<para />
</uitspraak.info>
<section>
<title>
<nr>
1
</nr>
[getuige01] ,
</title>
<para>
<emphasis role="bold">
2. [getuige02]
</emphasis>
,
</para>
<para>
<emphasis role="bold">
3. [getuige03]
</emphasis>
.
</para>
<para />
<parablock>
<para>
De bovenstaande personen worden hierna ‘ [verzoeker01] ’, ‘ [getuige01] ’, ‘ [getuige02] ’ en ‘ [getuige03] ’ genoemd.
</para>
</parablock>
<para />
</section>
<section role="overwegingen">
<title>
<nr>
1
</nr>
De verdere beoordeling
</title>
<paragroup>
<nr>
1.1.
</nr>
<para>
Bij tussenbeschikking van 14 april 2023 is [verzoeker01] in de gelegenheid gesteld om zich schriftelijk uit te laten over het antwoord op de vragen (a) wie als zijn wederpartij moet(en) worden aangemerkt en (b) wat de adresgegevens, dan wel geboortedata van zijn wederpartij(en) zijn.
</para>
<para />
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
1.2.
</nr>
<para>
Bij e-mail van 15 april 2023 heeft [verzoeker01] de kantonrechter het volgende bericht:
</para>
<para />
<parablock>
<para>
“
<emphasis role="italic">
Uw beschikking d.d. 14 april 2023 heb ik ontvangen.
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
In dit stadium van de procedure wens ik alleen te procederen m.b.t. de drie (nep)deskundigen, omdat in eerste instantie het gaat om een potentiële claim tegen hen.
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
Formeel kent een verzoekschriftprocedure m.b.t. het horen van getuigen geen wederpartijen en is het bovendien een zelfstandige procedure, die (logisch) los staat van een misschien/mogelijk te voeren hoofdprocedure.
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
U maakt het onnodig verwarrend, bij een voorlopig getuigenverhoor is een (potentiële) wederpartij geen noodzaak. Diverse wensmoeders/zogenaamde slachtoffers zijn ook zelfstandig gehoord.
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
Ik beschik niet over geboortedata of woongegevens, wel over een aantal e-mailgegevens:
</emphasis>
</para>
<para>
1)
<emphasis role="italic">
[getuige02] - [e-mailadres01]
</emphasis>
</para>
<para>
2)
<emphasis role="italic">
[getuige03] - [e-mailadres02]
</emphasis>
</para>
<para>
3)
<emphasis role="italic">
[getuige01] - geen idee (…)
</emphasis>
”.
</para>
</parablock>
<para />
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
1.3.
</nr>
<para>
De kantonrechter brengt in herinnering dat op grond van artikel 187 lid 4 Rv niet eerder op het verzoek van [verzoeker01] kan worden beslist, dan nadat een mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden, waartoe [verzoeker01] en zijn wederpartij worden opgeroepen. Met “wederpartij” wordt dan bedoeld de partij(en) waartegen [verzoeker01] mogelijk een bodemprocedure wil starten. Een dergelijke mondelinge behandeling moet dus in principe nog plaatsvinden, aangezien bij de kantonrechter te Den Haag alleen een aantal voorvragen ten aanzien van de ontvankelijkheid en bevoegdheid is besproken, waarna de zaak ter verdere behandeling en beslissing naar de kantonrechter te Rotterdam is verwezen. Van de mondelinge behandeling wordt enkel afgezien, als de wederpartij van [verzoeker01] aangeeft/aangeven dat hij/zij geen bezwaar maakt/maken tegen het verzoek van [verzoeker01] (zie overweging 3.2. van de tussenbeschikking) dan wel in geval van onverwijlde spoed.
</para>
<para />
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
1.4.
</nr>
<para>
Omdat [verzoeker01] in zijn schriftelijke reactie van 15 april 2023 geen adresgegevens of geboortedata van de door hem inmiddels als wederpartij aangeduide personen ( [getuige01] , [getuige02] en [getuige03] ) heeft opgegeven, terwijl hij daartoe uitdrukkelijk in de gelegenheid is gesteld (zie overweging 3.6 van de tussenbeschikking), is het voor de kantonrechter niet mogelijk om hen op de hoogte te stellen van het verzoek van [verzoeker01] en hen in de gelegenheid te stellen kenbaar te maken of zij bezwaar willen maken tegen dat verzoek. Het is voor de kantonrechter zonder die gegevens ook niet mogelijk om [getuige01] , [getuige02] en [getuige03] voor een eventuele mondelinge behandeling van het verzoek van [verzoeker01] of - als het zo ver zou komen - een getuigenverhoor op te roepen. De door [verzoeker01] opgegeven e-mailadressen kunnen de adresgegevens, dan wel geboortedata van [getuige02] en [getuige03] niet vervangen. Het is voor de kantonrechter namelijk op geen enkele manier te controleren of deze e-mailadressen daadwerkelijk van [getuige02] en [getuige03] zijn en, als dat al het geval zou zijn, of e-mails die naar die e-mailadressen worden gestuurd ook daadwerkelijk worden ontvangen. [verzoeker01] heeft van [getuige01] in het geheel geen nadere gegevens verstrekt.
</para>
<para />
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
1.5.
</nr>
<para>
Bij deze stand van zaken wordt het verzoek van [verzoeker01] om [getuige01] , [getuige02] en [getuige03] als getuigen te horen - bij gebreke van voldoende informatie om hen van het verzoek van [verzoeker01] op de hoogte te stellen en hen in de gelegenheid te stellen kenbaar te maken of zij bezwaar willen maken tegen dat verzoek - niet-ontvankelijk verklaard (zie ook overweging 3.8. van de tussenbeschikking).
</para>
<para />
</paragroup>
</section>
<section role="beslissing">
<title>
<nr>
2
</nr>
De beslissing
</title>
<para>
De kantonrechter:
</para>
<para />
<paragroup>
<nr>
2.1.
</nr>
<para>
verklaart [verzoeker01] niet-ontvankelijk in zijn verzoek.
</para>
<para />
<parablock>
<para>
Deze beschikking is gegeven door mr. drs. E. van Schouten en in het openbaar uitgesproken.
</para>
<para>
38671
</para>
</parablock>
</paragroup>
</section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>