<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2022:9836</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-11-25T14:40:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-11-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-11-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/646190 / JE RK 22-2383</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2022:9836">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2022:9836</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-11-25T14:39:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-11-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2022:9836 Rechtbank Rotterdam , 04-11-2022 / C/10/646190 / JE RK 22-2383</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2022:9836:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>verlenging ondertoezichtstelling</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2022:9836:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
<uitspraak.info>
<para>
beschikking
</para>
<para />
<para />
<bridgehead role="bold">
RECHTBANK ROTTERDAM
</bridgehead>
<para />
<parablock>
<para>
Team Jeugd
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Zaakgegevens: C/10/646190 / JE RK 22-2383
</para>
<para>
datum uitspraak: 4 november 2022
</para>
</parablock>
<para />
<bridgehead role="bold">
beschikking verlenging ondertoezichtstelling
</bridgehead>
<para />
<para />
<parablock>
<para>
in de zaak van
</para>
</parablock>
<para />
<bridgehead role="bold">
de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming west,
</bridgehead>
<para>
hierna te noemen de GI, gevestigd te Dordrecht,
</para>
<para />
<parablock>
<para>
betreffende
</para>
</parablock>
<para />
<bridgehead role="bold">
[naam kind01] , geboren op [geboortedatum01] 2008 te [geboorteplaats01] ,
</bridgehead>
<para>
hierna te noemen [naam kind01] .
</para>
<para />
<parablock>
<para>
De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:
</para>
</parablock>
<para />
<bridgehead role="bold">
[naam01] , hierna te noemen de moeder,
</bridgehead>
<para>
wonende te [woonplaats01] ,
</para>
<para />
<bridgehead role="bold">
[naam02] , hierna te noemen de vader,
</bridgehead>
<para>
wonende te [woonplaats02] .
</para>
<para />
</uitspraak.info>
<section role="procesverloop">
<title>
Het procesverloop
</title>
<para>
Het procesverloop blijkt uit het verzoek met bijlagen van de GI van 14 oktober 2022, ingekomen bij de griffie op 14 oktober 2022.
</para>
<para />
<parablock>
<para>
Op 4 november 2022 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld.
</para>
<para>
Gehoord zijn:
</para>
</parablock>
<para>
- de minderjarige [naam kind01] , die afzonderlijk voorafgaand aan de zitting is gesproken,
</para>
<para>
- de moeder,
</para>
<para>
- de vader,
<?linebreak?>
- een tweetal vertegenwoordigers van de GI, te weten dhr. [naam03] en mw. [naam04] .
</para>
<para />
</section>
<section>
<title>
De feiten
<?linebreak?>
Het ouderlijk gezag over [naam kind01] wordt uitgeoefend door de ouders.
</title>
<para />
<parablock>
<para>
[naam kind01] woont bij de vader.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Bij beschikking van 2 augustus 2022 is de ondertoezichtstelling van [naam kind01] verlengd tot
</para>
<para>
13 november 2022.
</para>
</parablock>
<para />
<para />
</section>
<section>
<title>
Het verzoek
</title>
<para>
De GI heeft verzocht de ondertoezichtstelling van [naam kind01] te verlengen voor de duur van zes maanden.
</para>
</section>
<section>
<title>
De standpunten
</title>
<parablock>
<para>
De GI heeft ter zitting het verzoek gehandhaafd en als volgt nader toegelicht.
</para>
<para>
In de afgelopen maanden zijn de zorgen over [naam kind01] opnieuw toegenomen. Het gaat met [naam kind01] thuis en op school niet meer goed. De Raad voor de Kinderbescherming (de Raad) heeft niet ingestemd met het voorgenomen besluit van de GI om de ondertoezichtstelling van [naam kind01] te beëindigen en de casus over te dragen aan het vrijwillig kader. Bekeken moet worden welke hulpverlening nog nodig is en of [naam kind01] en de ouders daarvoor nog draagkracht hebben.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
De ouders hebben ter zitting verklaard dat de ondertoezichtstelling moet worden verlengd. Daarbij hebben zij hun zorgen over [naam kind01] toegelicht.
</para>
</parablock>
</section>
<section role="overwegingen">
<title>
De beoordeling
</title>
<parablock>
<para>
Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat [naam kind01] nog steeds ernstig in zijn ontwikkeling wordt bedreigd. In de afgelopen periode hebben [naam kind01] en de ouders positieve stappen gezet. De ouders voeren gezamenlijk hun ouderschap uit, overleggen met elkaar en kunnen in het belang van [naam kind01] samen beslissingen nemen. Tijdens het toetsingsgesprek met de Raad op 13 oktober 2022 blijken de zorgen over [naam kind01] echter fors en in een rap tempo te zijn toegenomen. [naam kind01] luistert niet, is veel buiten, zoekt het conflict op en laat veel schoolverzuim zien. Ook heeft [naam kind01] hechtingsproblematiek. Hij is op zoek naar bevestiging en veiligheid. Dit vraagt echter veel van de ouders en school.
</para>
<para>
De ouders staan open voor hulpverlening. Zij hebben echter moeite om met de forse problematiek van [naam kind01] om te gaan. De ingezette hulpverlening lijkt daarbij onvoldoende aan te sluiten bij de problematiek van [naam kind01] .
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Nu de ouders nog niet zelfstandig in staat zijn de bedreigde ontwikkeling van [naam kind01] af te wenden, blijft gelet op al het voorgaande ook de komende periode hulpverlening in het gedwongen kader noodzakelijk.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Uit voorgaande volgt dat is voldaan aan het wettelijke criterium genoemd in artikel 1:255 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Daarom zal de kinderrechter de ondertoezichtstelling van [naam kind01] verlengen voor de duur van zes maanden.
</para>
</parablock>
</section>
<section role="beslissing">
<title>
De beslissing
</title>
<para>
De kinderrechter:
</para>
<para />
<parablock>
<para>
verlengt de ondertoezichtstelling van [naam kind01] tot 13 mei 2023;
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
</para>
</parablock>
<para />
<informaltable>
<tgroup cols="3">
<colspec colname="colA" />
<colspec colname="colB" />
<colspec colname="colC" />
<tbody>
<row>
<entry nameend="colC" namest="colA">
<para>
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 4 november 2022 door mr. A. Verweij, kinderrechter, in tegenwoordigheid van D. van der Aa als griffier.
</para>
<para>
De griffier is buiten staat om deze beschikking mede te ondertekenen.
</para>
<para />
<para>
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 15 november 2022.
</para>
<para />
<para />
<para />
<para />
</entry>
</row>
<row>
<entry>
<para />
</entry>
<entry>
<para />
</entry>
<entry>
<para />
</entry>
</row>
<row>
<entry>
<para />
</entry>
<entry>
<para />
</entry>
<entry>
<para />
</entry>
</row>
<row>
<entry nameend="colC" namest="colA">
<para>
Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:
</para>
<para>
- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
</para>
<para>
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
</para>
<para>
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof
<?linebreak?>
Den Haag.
</para>
</entry>
</row>
<row>
<entry>
<para />
</entry>
<entry>
<para />
</entry>
<entry>
<para />
</entry>
</row>
</tbody>
</tgroup>
</informaltable>
<para />
<para />
</section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>