<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2022:8677</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-10-20T10:00:43</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-10-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-10-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10/158780-22</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2022:8677">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2022:8677</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-10-20T09:59:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-10-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2022:8677 Rechtbank Rotterdam , 13-10-2022 / 10/158780-22</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2022:8677:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Gevangenisstraf voor voorhanden hebben 18kg cocaïne en voorbereidingshandelingen Opiumwet. Voornemen om drugsdeal te sluiten bewezen. Vrijspraak witwassen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2022:8677:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">Rechtbank Rotterdam</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team straf 3</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 10/158780-22</para>
      <para>Datum uitspraak: 13 oktober 2022</para>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam verdachte]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren te [geboorteplaats verdachte] ( [geboorteland verdachte] ) op [geboortedatum verdachte] ,</para>
      <para>niet ingeschreven in de basisregistratie personen,</para>
      <para>ten tijde van het onderzoek op de terechtzitting preventief gedetineerd in de </para>
      <para>P.I. Ter Apel, HvB,</para>
      <para>raadsman mr. J.W. Vedder, advocaat te Dordrecht.</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1.</nr>Onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para>Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 29 september 2022.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2.</nr>Tenlastelegging</title>
    <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3.</nr>Eis officier van justitie</title>
    <para>De officier van justitie mr. A. de Bruijne heeft gevorderd:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>bewezenverklaring van het ten laste gelegde te weten het medeplegen van het opzettelijk aanwezig hebben gehad van 18 kilo cocaïne, witwassen en het uitvoeren van voorbereidingshandelingen voor de verkoop van cocaïne;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 jaren met aftrek van voorarrest.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4.</nr>Waardering van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>
        <emphasis role="underline">Vrijspraak feit 2</emphasis>
      </para>
      <paragroup>
        <nr>4.1.1.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Standpunt officier van justitie</emphasis>
          </para>
          <para>De officier heeft aangevoerd dat wettig en overtuigend kan worden bewezen dat de medeverdachte het geldbedrag in vereniging voorhanden heeft gehad nu meerdere verbalisanten hebben waargenomen dat er contact was tussen de verdachte en de medeverdachte.</para>
        </parablock>
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.1.2.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Beoordeling door de rechtbank</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan witwassen. Het geldbedrag is aangetroffen in de Renault Clio van medeverdachte [naam medeverdachte] . Er is door de verbalisanten niet gezien dat de verdachte bij of in dit voertuig geweest. Nu niet kan worden aangetoond dat de verdachte beschikkingsmacht had over het geld, kan het onder 2 ten laste gelegde niet wettig en overtuigend worden bewezen.</para>
        </parablock>
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.1.3.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Conclusie</emphasis>
          </para>
          <para>Het onder 2 ten laste gelegde is niet wettig en overtuigend bewezen. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken.</para>
        </parablock>
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bewijswaardering feit 3</emphasis>
      </para>
      <paragroup>
        <nr>4.2.1.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Standpunt verdediging</emphasis>
          </para>
          <para>De verdediging heeft vrijspraak bepleit van het onder 3 ten laste gelegde. Daartoe is aangevoerd dat er enkel bewijs is dat de verdachte de cocaïne voorhanden heeft gehad.</para>
        </parablock>
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.2.2.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Beoordeling door de rechtbank</emphasis>
          </para>
          <para>Naar aanleiding van TCI-informatie, inhoudende dat de Opel Corsa met kenteken [kentekennummer] een verborgen ruimte bevat bestemd voor het vervoer van wapens, verdovende middelen of geld, is dit kenteken in het ANPR-systeem gezet. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Op 24 juni 2022 kregen verbalisanten een ANPR-hit binnen aangaande deze Opel Corsa. Het voertuig kwam uit de richting van de Belgische grens en reed in de richting van Rotterdam. De verbalisanten volgden de Opel Corsa en zagen dat de bestuurder, die later de verdachte bleek te zijn, het voertuig richting de Rijnsingel te Ridderkerk reed, hier de parkeerplaats gelegen aan de Spuistraat opreed en zijn voertuig hier in het parkeervak parkeerde. De verbalisanten hebben tot dat moment onafgebroken zicht op het voertuig gehad. Zij zagen dat de verdachte gedurende tien minuten op de achterbank ging zitten en meerdere keren omhoog en omlaag en beurtelings van links naar rechts bewoog. Vervolgens ging de verdachte weer op de bestuurdersstoel zitten en van de parkeerplaats wegreed en de Rijnsingel weer opreed.  </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Zij zagen dat het voertuig hier linksaf de Hellingbaan opreed, om vervolgens via de Pontonweg terug te komen op de kruising Ringdijk en Werfkade. Zij verloren hier het voertuig enkele minuten uit het zicht.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De verbalisanten zagen de verdachte later zoekend rondlopen, op zijn telefoon kijken en weer in de Opel Corsa stappen. Kort daarna kwam medeverdachte [naam medeverdachte] aangelopen. Hij maakte contact met de verdachte, liep naar een Renault Clio, opende de kofferbak en liep terug naar de Opel Corsa. Op dat moment pleegden de verbalisanten een interventie. Op de achterbank van de Opel Corsa troffen zij de verdachte en twee bigshoppers met in plastic verpakte blokken aan, die zij direct herkenden als verdovende middelen. In de kofferbak van de Renault Clio troffen zij een bigshopper aan die tot aan de bovenkant volledig was gevuld met pakketten eurobiljetten. Ook in de Opel Corsa bleek een verborgen ruimte aanwezig te zijn.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De verdachte heeft zich op zijn zwijgrecht beroepen.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Gezien het voorgaande kan het niet anders dan dat verdachte en de medeverdachte het voornemen hadden tot het sluiten van een drugsdeal. Zij zijn beiden bij de ontmoeting gearriveerd in een auto met een verborgen ruimte en ze hadden beiden een cryptotelefoon bij zich. De verdachte had 18 kg cocaïne bij zich en de medeverdachte had een groot geldbedrag bij zich. Deze situatie had de uiterlijke schijn dat er een transactie zou plaatsvinden en dat de verdachten het geld en de cocaïne hebben meegebracht om dat mogelijk te maken. Nu daarmee een gezamenlijke uitvoering vast staat, is er sprake van medeplegen. Het uitvoeren van de transactie is echter onderbroken door het ingrijpen van de politie. </para>
        </parablock>
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.2.3.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Conclusie</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank acht het onder 3 ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen.</para>
        </parablock>
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Bewezenverklaring</emphasis>
        </para>
        <para>In bijlage II heeft de rechtbank de inhoud van wettige bewijsmiddelen opgenomen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Op grond daarvan, en op grond van de redengevende inhoud van het voorgaande, is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 en 3 ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:</para>
      </parablock>
      <para />
      <para>1<?linebreak?>hij op of omstreeks 24 juni 2022 te Ridderkerk, opzettelijk heeft vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, ongeveer 18 kilogram van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet; </para>
      <para />
      <para>3<?linebreak?>hij op 24 juni 2022 te Ridderkerk, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voor te bereiden , te weten<?linebreak?>- het opzettelijk binnen  het grondgebied van Nederland brengen en<?linebreak?>- het opzettelijk verkopen, afleveren en verstrekken van 18 kilo cocaïne,  een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van de Opiumwet<?linebreak?>- zich en een ander gelegenheid, middelen en inlichtingen tot het plegen van dat feit heeft getracht te verschaffen en  de verkoper te ontmoeten ten einde de aankoop van de cocaïne te kunnen voltooien en<?linebreak?>- voorwerpen en vervoermiddelen voorhanden heeft gehad, waarvan hij, verdachte en zijn mededaders, wisten  dat zij bestemd waren tot het plegen van dat feit, te weten<?linebreak?>* 18 kilo cocaïne en<?linebreak?>* 470.000 euro en* twee personenauto's met verboden verborgen ruimten<?linebreak?>waarvan verdachte wist dat die bestemd waren tot het plegen van die feiten.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet ook daarvan worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in cursief verbeterd. De verdachte is hierdoor niet geschaad in de verdediging.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5.</nr>Strafbaarheid feiten</title>
    <para>De bewezen feiten leveren op:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">1</emphasis>. <emphasis role="bold">opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod;</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">2</emphasis>. <emphasis role="bold">medeplegen van om een feit, bedoeld in het vierde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voor te bereiden, een ander trachten te bewegen om daartoe gelegenheid, middelen en inlichtingen te verschaffen.</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. De feiten zijn dus strafbaar.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6.</nr>Strafbaarheid verdachte</title>
    <para>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.</para>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7.</nr>Motivering straf</title>
    <paragroup>
      <nr>7.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Algemene overweging</emphasis>
        </para>
        <para>De straf die aan de verdachte wordt opgelegd, is gegrond op de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Feiten waarop de straf is gebaseerd</emphasis>
        </para>
        <para>De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het in Nederland invoeren en vervoeren van ongeveer 18 kg cocaïne en aan handelingen ter voorbereiding daarvan en van de verkoop van die cocaïne. Door zijn handelen heeft de verdachte ervoor gezorgd dat de drugshandel in stand wordt gehouden, met alle daaraan verbonden negatieve effecten. Het gebruik van harddrugs werkt verslavend en is zeer schadelijk voor de gezondheid. Daarnaast is het een feit van algemene bekendheid dat drugsgebruik leidt tot (vermogens)criminaliteit en aanzienlijke maatschappelijke schade. Bovendien zorgt de met drugsgebruik samenhangende criminaliteit voor gevoelens van onrust in de samenleving.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.3.</nr>
      <para>
        <emphasis role="underline">Persoonlijke omstandigheden van de verdachte</emphasis>
      </para>
      <paragroup>
        <nr>7.3.1.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Strafblad</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie van de verdachte van 6 september 2022, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.</para>
        </parablock>
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.4.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Conclusies van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Gelet op hetgeen de rechtbank hierboven heeft overwogen, komt zij tot de volgende conclusies.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Gezien de ernst van de feiten kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een forse gevangenisstraf. Bij de bepaling van de duur van de gevangenisstraf heeft de rechtbank acht geslagen op straffen die in soortgelijke zaken plegen te worden opgelegd. Alhoewel de rechtbank de verdachte heeft vrijgesproken van feit 2, ziet zij voldoende redenen, gelegen in de ernst van het feit en de straffen die in soortgelijke zaken worden opgelegd, om geen lagere straf op te leggen dan geëist door de officier van justitie. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Alles afwegend acht de rechtbank de hierna te noemen straf passend en geboden. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Tenuitvoerlegging van de op te leggen gevangenisstraf zal plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat de veroordeelde in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire beginselenwet, dan wel de regeling van voorwaardelijke invrijheidsstelling als bedoeld in artikel 6:2:10 Wetboek van Strafvordering aan de orde is.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8.</nr>In beslag genomen voorwerpen</title>
    <paragroup>
      <nr>8.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Standpunt officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft gevorderd de Opel Corsa en de Google Pixel telefoon te onttrekken aan het verkeer en de Apple iPhone telefoon terug te geven aan de verdachte.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Standpunt verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De verdediging heeft zich ten aanzien van het beslag gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.3.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>De in beslag genomen Opel Corsa en Google Pixel telefoon zullen worden onttrokken aan het verkeer. De bewezen feiten zijn met behulp van de Opel Corsa begaan. De Google Pixel telefoon behoort toe aan de verdachte, is bij gelegenheid van het onderzoek naar de door de verdachte begane feiten waarvan de verdachte werd verdacht aangetroffen en dit voorwerp  kan dienen tot de voorbereiding van soortgelijke feiten.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Ten aanzien van de in beslag genomen Apple iPhone telefoon zal een last worden gegeven tot teruggave aan de verdachte.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9.</nr>Toepasselijke wettelijke voorschriften</title>
    <para>Gelet is op de artikelen 47 en 57 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>10.</nr>Bijlagen</title>
    <para>De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.</para>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>11.</nr>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart niet bewezen, dat de verdachte het onder 2 ten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart bewezen, dat de verdachte de onder 1 en 3 ten laste gelegde feiten, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert de hiervoor vermelde strafbare feiten;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de verdachte strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf voor de duur van 4 (vier) jaren</emphasis>; <?linebreak?></para>
      <para>beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover deze tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beslist ten aanzien van de voorwerpen, geplaatst op de lijst van inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerpen, als volgt;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart onttrokken aan het verkeer:</para>
    </parablock>
    <para>- Opel Corsa, kleur grijs, kenteken [kentekennummer] , chassisnummer [chassisnummer] ;</para>
    <para>- telefoon Google Pixel, kleur zwart;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>gelast de teruggave aan verdachte van: </para>
    </parablock>
    <para>- telefoon Apple iPhone, kleur wit.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door:</para>
      <para>mr. A.M. van der Leeden, voorzitter,</para>
      <para>en mrs. G.P. van de Beek en A.M.J. van Buchem-Spapens, rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. I. Wuijckhuijse, griffier,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De oudste rechter en de jongste rechter zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
      <para>Bijlage I </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Tekst tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1<?linebreak?>hij op of omstreeks 24 juni 2022 te Ridderkerk, althans in Nederland,<?linebreak?>tezamen en in vereniging met een ander, althans alleen </para>
    <para>opzettelijk heeft vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, ongeveer 18 kilogram, in elk geval een (grote) hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet; </para>
    <para />
    <para>2<?linebreak?>hij op of omstreeks 24 juni 2022, te Ridderkerk, althans in Nederland<?linebreak?>tezamen en in vereniging met een ander, althans alleen </para>
    <para>(van) een groot geldbedrag (te weten 470.000 euro), heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen, heeft omgezet, en/of gebruik heeft gemaakt terwijl hij, verdachte, wist dat dit - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig misdrijf;</para>
    <para />
    <para>3<?linebreak?>hij op of omstreeks 24 juni 2022 te Ridderkerk, althans in Nederland<?linebreak?>tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, </para>
    <para>om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voor te bereiden en/of te bevorderen, te weten<?linebreak?>- het opzettelijk binnen en/of buiten het grondgebied van Nederland brengen en/of<?linebreak?>- het opzettelijk verkopen, afleveren, verstrekken van 18 kilo, in elk geval een (grote) hoeveelheid cocaine, in elk geval een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van de Opiumwet<?linebreak?>- zich en/of een ander gelegenheid, middelen en/of inlichtingen tot het plegen van dat feit heeft getracht te verschaffen, door met een verkoper/tussenpersoon afspraken te maken over de hoeveelheid/prijs/levering van/voor de cocaine en/of (vervolgens) deze verkoper/tussenpersoon te ontmoeten ten einde de drugsdeal/de aankoop van de cocaine te kunnen voltooien en/of<?linebreak?>- voorwerpen, vervoermiddelen, stoffen, gelden en/of andere betaalmiddelen voorhanden heeft gehad, waarvan hij, verdachte en/of zijn mededader(s), wist(en) of ernstige reden had(den) om te vermoeden dat zij bestemd waren tot het plegen van dat feit, te weten<?linebreak?>* 18 kilo cocaine en/of<?linebreak?>* 470.000 euro en/of<?linebreak?>* twee, althans een personenauto('s) met (een) (verboden) verborgen ruimte(n)<?linebreak?>waarvan verdachte wist of ernstige redenen had te vermoeden dat dat/die zij bestemd was/waren tot het plegen van dat/die feit(en).</para>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>