<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2022:7149</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-11-10T15:32:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-08-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-07-26</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/639814 / JE RK 22-1382</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2022:7149">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2022:7149</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-11-10T15:32:05</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-11-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2022:7149 Rechtbank Rotterdam , 26-07-2022 / C/10/639814 / JE RK 22-1382</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2022:7149:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verlenen ondertoezichtstelling en een machtiging tot uithuisplaatsing</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2022:7149:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking</para>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaakgegevens: C/10/639814 / JE RK 22-1382</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>datum uitspraak: 26 juli 2022. </para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">beschikking ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing</bridgehead>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de Raad voor de Kinderbescherming regio Rotterdam-Dordrecht, </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de Raad, gevestigd te Rotterdam, </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam kind]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum kind] 2007 te [geboorteplaats kind], hierna te noemen [naam kind].</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam moeder], hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats moeder],</bridgehead>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam vader], hierna te noemen de vader, wonende te [woonplaats vader].</bridgehead>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <para>Het procesverloop blijkt uit de volgende stukken:</para>
    <para>- het verzoek met bijlagen van de Raad van 15 juni 2022, ingekomen bij de griffie op <?linebreak?>15 juni 2022;</para>
    <para>- een brief met bijlagen van de moeder van 26 juni 2022, ingekomen bij de griffie op <?linebreak?>28 juni 2022.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 20 juli 2022 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. </para>
      <para>Gehoord zijn:</para>
    </parablock>
    <para>- de minderjarige [naam kind], die apart is gesproken, </para>
    <para>- de moeder,</para>
    <para>- de vader,<?linebreak?>- de pleegvader als informant, </para>
    <para>- een vertegenwoordigster van de Raad, te weten [naam 1], </para>
    <para>- een vertegenwoordiger van de GI, te weten [naam 2].</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De feiten<?linebreak?>Het ouderlijk gezag over [naam kind] wordt uitgeoefend door de ouders. </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [naam kind] verblijft in een netwerkpleeggezin</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het verzoek</title>
    <para>De Raad heeft een ondertoezichtstelling en een machtiging tot uithuisplaatsing van [naam kind] in een pleeggezin verzocht voor de duur van twaalf maanden. </para>
  </section>
  <section>
    <title>Het standpunt van belanghebbenden</title>
    <parablock>
      <para>De Raad heeft ter zitting het verzoek gehandhaafd en als volgt nader toegelicht.</para>
      <para>In het verleden heeft [naam kind] op verschillende plekken gewoond. Vanaf jonge leeftijd heeft hij zijn vader moeten missen. [naam kind] heeft veel schoolverzuim laten zien en heeft last gehad van angst en depressieve gevoelens. De moeder is voor [naam kind] minder beschikbaar geweest. Sinds het verblijf van [naam kind] in het netwerkpleeggezin krijgt hij de structuur die hij nodig heeft. Daardoor gaat [naam kind] weer naar school. De moeder heeft moeite om de zorgen te (h)erkennen en vindt dat het slechter met [naam kind] gaat sinds zijn plaatsing in het netwerkpleeggezin. Ook vindt zij hulpverlening niet nodig. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De GI heeft ter zitting het verzoek van de Raad ondersteund. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De moeder heeft ter zitting verklaard dat zij het niet eens is met het verzoek van de Raad. Zij bestrijdt dat er bij [naam kind] sprake is geweest van depressieve gevoelens en suïcidegedachten. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vader heeft zich ter zitting niet verzet tegen het verzoek van de Raad. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De pleegvader heeft ter zitting desgevraagd verklaard dat [naam kind] in het netwerkpleeggezin kan blijven wonen. </para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling</title>
    <parablock>
      <para>Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat [naam kind] ernstig in zijn ontwikkeling wordt bedreigd. [naam kind] is opgegroeid zonder de aanwezigheid van zijn vader. In de periode dat [naam kind] bij zijn moeder heeft gewoond, heeft hij op veel verschillende plekken gewoon en veelvuldig schoolverzuim laten zien. Door haar persoonlijke problematiek heeft de moeder moeite om voor [naam kind] voldoende emotioneel beschikbaar en responsief te zijn. De relatie tussen hen is verstoord geraakt.</para>
      <para>Vanwege de zorgen is [naam kind] in het netwerkpleeggezin geplaatst. De moeder staat niet achter deze plaatsing en geeft [naam kind] geen emotionele toestemming om op deze plek te zijn.</para>
      <para>In het netwerkpleeggezin heeft [naam kind] stabiliteit en gaat hij weer naar school. </para>
      <para>Nu de ouders nog niet zelfstandig in staat zijn de bedreigde ontwikkeling van [naam kind] af te wenden, is op dit moment hulpverlening in het gedwongen kader noodzakelijk. Ook is het in het belang van de ontwikkeling van [naam kind] dat de plaatsing in het netwerkpleeggezin wordt voortgezet. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit voorgaande volgt dat is voldaan aan het wettelijke criterium genoemd in artikel 1:255 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Daarom zal de kinderrechter [naam kind] onder toezicht stellen voor de duur van twaalf maanden. Ook is de kinderrechter van oordeel dat de uithuisplaatsing van [naam kind] noodzakelijk is in het belang van de verzorging en de opvoeding, zoals genoemd in artikel 1:265b BW.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt [naam kind] onder toezicht van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond, gevestigd te Rotterdam, met ingang van 26 juli 2022 tot 26 juli 2023;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verleent een machtiging tot uithuisplaatsing van [naam kind] in een netwerkpleeggezin, te weten bij mw. C.J.A. van Brummen en dhr. O. van Laanen, met ingang van 26 juli 2022 tot 26 juli</para>
      <para>2023;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is gegeven door mr. C.N. Melkert, kinderrechter, in tegenwoordigheid van <?linebreak?>D. van der Aa als griffier en in het openbaar uitgesproken op 26 juli 2022.</para>
              <para>De griffier is buiten staat deze beschikking mede te ondertekenen. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
              <para />
              <para />
              <para />
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
              <para>-	door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,</para>
              <para>-	door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
              <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof<?linebreak?>Den Haag. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>