<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2022:3139</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-04-28T09:40:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-04-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-04-08</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">9695807 VZ VERZ 22-1385</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_burgerlijkProcesrecht">Civiel recht; Burgerlijk procesrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2022:3139">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2022:3139</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-04-28T09:39:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-04-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2022:3139 Rechtbank Rotterdam , 08-04-2022 / 9695807 VZ VERZ 22-1385</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2022:3139:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Voorlopig getuigenverhoor toegewezen. Verweerster verklaart zich akkoord met het getuigenverhoor.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2022:3139:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para>zaaknummer: 9695807 VZ VERZ 22-1385</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>uitspraak: 8 april 2022</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">beschikking van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoekster],</emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [woonplaats verzoekster], </para>
      <para>verzoekster,</para>
      <para>gemachtigde: mr. L. Akkanat,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de naamloze vennootschap</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">TVM Verzekeringen,</emphasis>
      </para>
      <para>(mede) gevestigd te Hoogeveen,</para>
      <para>wonende te , </para>
      <para>verweerster,</para>
      <para>vertegenwoordigd door: mr. M.A.C. van Guldener,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna aangeduid als ‘[verzoekster]’ en ‘TVM’.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1. </nr>Het verloop van de procedure</title>
    <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>het verzoekschrift van 10 februari 2022, met bijlagen,</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Het schrijven van (de vertegenwoordiger van) TVM.</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De beschikking is bepaald op heden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2. </nr>Het geschil</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>
        [verzoekster] verzoekt een voorlopig getuigenverhoor te bevelen. Zij legt aan haar verzoek het volgende ten grondslag. [verzoekster] is als bestuurder van een voertuig op 2 mei 2020 betrokken geraakt bij een verkeersongeval op de A20 richting Rotterdam. [verzoekster] is door de verzekerde van TVM op de middelste rijstrook van achteren aangereden. De verzekerde van TVM remde niet tijdig en heeft daardoor de auto waarin [verzoekster] zat van achteren geraakt. Zij heeft hierdoor letsel opgelopen. [verzoekster] heeft daarop TVM aansprakelijk gesteld en heeft haar verzocht de schade te vergoeden. TVM heeft daarop verklaard dat zij op basis van de huidige stukken geen aansprakelijkheid kan erkennen.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Om duidelijkheid te verkrijgen over wat er is gebeurd op die bewuste dag op de ongevalslocatie verzoekt [verzoekster] de kantonrechter om een datum te bepalen waarop een voorlopig getuigenverhoor zal geschieden, met oproeping van haarzelf – [verzoekster], wonende aan de [adres] – als getuige.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3. </nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Alvorens de kantonrechter kan besluiten tot een voorlopig getuigenverhoor, dient er in de regel een mondelinge behandeling te hebben plaatsgevonden.<footnote-ref linkend="_58377672-83c2-49f4-91ee-2d37c3057623" /> Omdat TVM zich echter akkoord heeft verklaard met een voorlopig getuigenverhoor, kan een mondelinge behandeling achterwege blijven.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>De kantonrechter is van oordeel dat het verzoek tot een voorlopig getuigenverhoor dient te worden toegewezen. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Het initiële verhoor zou plaatsvinden op woensdag 18 mei 2022, maar vanwege een rechterswissel kan het verhoor op die datum geen doorgang vinden. Partijen zullen in dat kader worden verzocht hun verhinderdata op te geven voor de komende drie maanden, ten einde een nieuwe datum voor het voorlopige getuigenverhoor te bepalen. </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4. </nr>De beslissing</title>
    <para>De kantonrechter<emphasis role="bold">:</emphasis></para>
    <para />
    <parablock>
      <para>beveelt een voorlopig getuigenverhoor;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verwijst de zaak naar de rolzitting van <emphasis role="bold">dinsdag 19 april 2022 om 13.30 uur</emphasis> voor het opgeven van verhinderdata;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat [verzoekster] de verhinderdata van alle betrokkenen, inclusief haarzelf als (partij)getuige, voor de maanden mei tot en met juli 2022 moet opgeven;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat TVM de verhinderdata van haar zijde voor de bovengenoemde maanden eveneens moet opgeven;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat partijen de bovenbedoelde opgave ook bij akte mogen insturen, te ontvangen door de griffie uiterlijk de dag voorafgaand aan voornoemde rolzitting, om 12.00 uur;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat een getuigenverhoor wordt gehouden in het gerechtsgebouw aan het Wilhelminaplein 100 in Rotterdam ten overstaan van de kantonrechter die deze beschikking wijst.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gewezen door mr. S.H. Poiesz en uitgesproken ter openbare terechtzitting.</para>
      <para>44236</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_58377672-83c2-49f4-91ee-2d37c3057623" label="1">
    <para> Artikel 187, lid 4 Rv.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>