<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2022:11567</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-01-06T10:21:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-01-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-05-09</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">637806 / HA RK 22-461</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#verschoning">Verschoning</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_burgerlijkProcesrecht">Civiel recht; Burgerlijk procesrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2022:11567">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2022:11567</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-01-06T10:20:21</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-01-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2022:11567 Rechtbank Rotterdam , 09-05-2022 / 637806 / HA RK 22-461</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2022:11567:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verschoningsverzoek toegewezen. De rechter is voor hij rechter werd werkzaam geweest bij een organisatie die rechtsbijstand verleent aan één van de procespartijen. De rechter verricht ook nu nog bezoldigde nevenactiviteiten voor die organisatie. Door deze omstandigheden voelt de rechter zich niet vrij de zaak te behandelen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2022:11567:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold caps">Rechtbank Rotterdam</emphasis>
      <?linebreak?>
    </para>
    <para>Meervoudige kamer voor verschoningszaken</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer / rekestnummer: 637806 / HA RK 22-461</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslissing van 9 mei 2022 </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het verzoek van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">mr. W.J.J. Wetzels</emphasis>,</para>
      <para>senior rechter A in de rechtbank Rotterdam, team kanton 1 (hierna: de rechter),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>ertoe strekkende zich te mogen verschonen in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam verzoeker]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>verzoeker,</para>
      <para>gemachtigde mr. M. Can,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam vennootschap] B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Rotterdam,</para>
      <para>verweerster,</para>
      <para>gemachtigden mr. Z.N. Aliar en mr. R.P.R. Nolten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop en de processtukken</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Verzoeker heeft bij deze rechtbank een verzoekschrift ex artikel 7:681 BW, tevens houdende verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening ex artikel 223 Rv ingediend. Verweerster heeft daartegen een verweerschrift ingediend. De mondelinge behandeling is gepland op 12 mei 2022. Deze procedure heeft als kenmerk 9779562 \ VZ VERZ 22-3873.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Op 6 mei 2022 heeft de rechter een schriftelijk verzoek tot verschoning gedaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Aan de verschoningskamer is ter beschikking gesteld het dossier van de hiervoor omschreven procedure.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het verzoek</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Ter adstructie van het verzoek om verschoning heeft de rechter het volgende aangevoerd – verkort en zakelijk weergegeven – :</para>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>2.1.1.</nr>
        <para>In de zaak van [naam verzoeker] tegen [naam vennootschap] B.V. wordt verzoeker [naam verzoeker]  bijgestaan door een medewerker van de FNV.</para>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>2.1.2.</nr>
        <parablock>
          <para>De rechter is - inmiddels circa 30 jaar geleden - werkzaam geweest bij de FNV als</para>
          <para>medewerker van de toenmalige Rechtskundige Dienst van de FNV op het kantoor Rotterdam. Na zijn overstap naar de rechterlijke macht in 1992 is de rechter voor de FNV nevenactiviteiten blijven verrichten. Tot op heden is de rechter voorzitter van de Permanente Geschillencommissie van de FNV, die belast is met de behandeling van arbeidsgeschillen die rijzen tussen FNV als werkgever en medewerkers van FNV als werknemer. Tevens is de rechter voorzitter van de Klachtencommissie van de FNV, die klachten behandelt van leden van de FNV die niet tevreden zijn over de dienstverlening door FNV. Deze nevenactiviteiten, die bezoldigd zijn, zijn vermeld in het register van nevenfuncties op rechtspraak.nl.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>2.1.3.</nr>
        <para>Door deze bezoldigde nevenfuncties ten behoeve van FNV voelt de rechter zich niet vrij om zaken te behandelen waarin een medewerker van de FNV een  partij bijstaat. Door de betrokkenheid van de rechter bij de FNV kan bij partijen de vrees ontstaan dat de rechterlijke onpartijdigheid schade lijdt. Normaal gesproken worden dergelijke zaken niet aan de rechter toebedeeld, doch in dit geval is dat abusievelijk toch gebeurd.</para>
        <para />
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Verschoning is een middel ter verzekering van de onpartijdigheid van de rechter. Voorop dient te staan dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen die zwaarwegende aanwijzingen opleveren voor het oordeel dat een rechter jegens een partij een vooringenomenheid koestert, althans dat de bij deze partij dienaangaande bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Aan de door de rechter aangevoerde omstandigheden valt geen aanwijzing te ontlenen voor het oordeel dat de rechter - subjectief - niet onpartijdig is. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Te onderzoeken staat vervolgens of de aangevoerde omstandigheden niettemin een zwaarwegende aanwijzing opleveren voor het oordeel dat de vrees dat de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden - objectief - gerechtvaardigd is. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>De door de rechter aangevoerde omstandigheid, in samenhang met het gegeven dat de rechter daarin aanleiding heeft gevonden zelf een verzoek in te dienen zich te mogen verschonen van de verdere behandeling van de zaak, levert naar het oordeel van de rechtbank op zichzelf een zwaarwegende aanwijzing als hiervoor onder 3.3 bedoeld op.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>Het verzoek wordt om deze reden toegewezen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- wijst toe het verzoek van mr. W.J.J. Wetzels zich in de civielrechtelijke procedure met kenmerk 9779562 \ VZ VERZ 22-3873 van [naam verzoeker] als verzoeker tegen [naam vennootschap] B.S. als verweerster te mogen verschonen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beslissing is gegeven door mr. M.G.L. de Vette, voorzitter, mr. A. Buizer en </para>
      <para>mr. N. Doorduijn, rechters en door de voorzitter en de griffier ondertekend op 9 mei 2022.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>