<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2022:1138</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-02-17T09:44:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-02-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-01-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/629600 / JE RK 21-3147</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2022:1138">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2022:1138</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-02-17T09:43:27</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-02-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2022:1138 Rechtbank Rotterdam , 11-01-2022 / C/10/629600 / JE RK 21-3147</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2022:1138:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>verzoek ondertoezichtstelling</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2022:1138:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking</para>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaakgegevens: C/10/629600 / JE RK 21-3147</para>
      <para>datum uitspraak: 11 januari 2022</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">beschikking ondertoezichtstelling</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de Raad voor de Kinderbescherming regio Rotterdam-Dordrecht, </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de Raad, gevestigd te Rotterdam,</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam kind], </bridgehead>
    <para>geboren op [geboortedatum kind] 2007 te [geboorteplaats kind], hierna te noemen [naam kind].</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam moeder], </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de moeder, wonende op een bij de rechtbank bekend adres,</para>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam vader], </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de vader, wonende te [woonplaats vader].</para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <para>Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen van de Raad van 1 december 2021, ingekomen bij de griffie op diezelfde datum.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 11 januari 2022 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. </para>
      <para>Gehoord zijn:</para>
    </parablock>
    <para>- de moeder, bijgestaan door haar advocaat mr. H.M. Hueting,</para>
    <para>- de vader,</para>
    <para>- een vertegenwoordigster van de Raad, [naam 1],</para>
    <para>- een tweetal vertegenwoordigsters van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming </para>
    <para>  Rotterdam Rijnmond (hierna: de GI), [naam 2] en [naam 3].</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [naam kind] heeft zijn mening schriftelijk kenbaar gemaakt.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>De feiten<?linebreak?>Het ouderlijk gezag over [naam kind] wordt uitgeoefend door de ouders.</title>
    <para>
      [naam kind] woont bij de vader.</para>
  </section>
  <section>
    <title>Het verzoek</title>
    <para>De Raad heeft een ondertoezichtstelling van [naam kind] verzocht voor de duur van twaalf maanden.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Raad heeft zijn verzoek ter zitting gehandhaafd en als volgt toegelicht. De afstand tussen [naam kind] en de moeder wordt steeds groter. Dit is een bedreigende factor voor de ontwikkeling van [naam kind]. De hulpverlening in het vrijwillig kader en drangkader komt onvoldoende van de grond. Het is noodzakelijk om in het kader van de ondertoezichtstelling te werken aan contactherstel tussen [naam kind] en de moeder.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>De standpunten</title>
    <para>De GI heeft zich ter zitting aangesloten bij het verzoek van de Raad. De Raad adviseert om SPAM in te zetten. Dat kan op korte termijn starten. In het kader van SPAM zullen individuele gesprekken worden gevoerd met zowel de moeder als met [naam kind]. Vandaaruit zal worden bekeken of contactherstel weer mogelijk is en zo ja, op welke wijze dat moet gebeuren. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens en door de moeder is geen verweer gevoerd tegen het verzoek van de Raad. De moeder hoopt dat een ondertoezichtstelling kan leiden tot contactherstel tussen haar en [naam kind]. Vermoedelijk heeft [naam kind] het gevoel dat hij een keuze moet maken tussen zijn ouders. De moeder heeft haar zoon al ruim een jaar niet gezien of gesproken. Daarnaast ontvangt de moeder geen enkele informatie over [naam kind] van de vader. De moeder heeft aan alle hulp meegewerkt. Ook heeft zij zelf meerdere keren geprobeerd om het contact met [naam kind] te herstellen. Het lukt niet om hierbij samen te werken met de vader. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vader is het eens met verzoek van de Raad. De vader wil [naam kind] niet weghouden van de moeder. Wel maakt de vader zich zorgen over de denkwijze van de moeder en de mensen om haar heen. Het is belangrijk dat [naam kind] invulling kan geven aan de omgang met de moeder op een wijze die bij hem past.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling</title>
    <para>Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat [naam kind] ernstig in zijn ontwikkeling wordt bedreigd. Er zijn grote zorgen over de sociaal-emotionele ontwikkeling van [naam kind]. Sinds oktober 2020 heeft hij geen contact meer met zijn moeder. [naam kind] zou hebben aangegeven dat hij bang is dat contactherstel weer zal leiden tot vele ruzies met de moeder. Tussen de ouders is sprake van een complexe echtscheiding. De ouders maken elkaar over en weer verwijten. Door de voortdurende strijd zijn de ouders niet in staat om gezamenlijk de ontwikkelingsbedreiging van [naam kind] weg te nemen. Ook de inzet van eerdere hulpverlening heeft niet geholpen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter is van oordeel dat de inzet van een jeugdbeschermer in het gedwongen kader nodig is om [naam kind] en de ouders te begeleiden en om de nodige hulpverlening in te zetten. De GI is (op advies van de Raad) van plan om een vorm van pedagogische hulpverlening, zoals SPAM, in te zetten. Hierbij kan stapsgewijs worden gewerkt aan contactherstel tussen [naam kind] en de moeder. Vervolgens kan worden gekeken naar de mogelijkheden om dit contact te verbeteren en te intensiveren. Gelet op de leeftijd van [naam kind] is het van belang dat ook zijn mening en ideeën hierbij wordt meegenomen. Op termijn zal [naam kind] wellicht zelf kunnen aangeven of hij bij zijn vader wil blijven wonen of dat hij (ook) bij zijn moeder wil wonen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt op dat zowel uit de stukken als ter zitting is gebleken dat de ouders hun gezamenlijk verleden nog niet achter zich hebben kunnen laten. Dit is niet bevorderlijk voor het proces van contactherstel tussen [naam kind] en de moeder. Het is van belang dat beide ouders bereid zijn om vooruit te kijken.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit voorgaande volgt dat is voldaan aan het wettelijke criterium genoemd in artikel 1:255 van het Burgerlijk Wetboek. De kinderrechter zal daarom [naam kind] onder toezicht stellen voor de duur van twaalf maanden.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt [naam kind] onder toezicht van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond, gevestigd te Rotterdam, met ingang van 11 januari 2022 tot 11 januari 2023;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 11 januari 2022 door mr. T. van den Akker, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. M.M.C. van der Knaap als griffier. De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 31 januari 2022.</para>
              <para />
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
              <para>-	door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,</para>
              <para>-	door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
              <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof<?linebreak?>Den Haag. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>