<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2022:10669</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-12-07T10:06:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-12-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-11-09</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10/210729-20</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2022:10669">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2022:10669</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-12-07T10:03:57</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-12-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2022:10669 Rechtbank Rotterdam , 09-11-2022 / 10/210729-20</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2022:10669:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vrijspraak inzake artikel 312.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2022:10669:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
<uitspraak.info>
<bridgehead role="bold caps">
Rechtbank Rotterdam
</bridgehead>
<para />
<parablock>
<para>
Team straf 2
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Parketnummer: 10/210729-20
</para>
<para>
Datum uitspraak: 9 november 2022
</para>
<para>
Tegenspraak
</para>
</parablock>
<para />
<para />
<parablock>
<para>
Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
[verdachte01]
</emphasis>
,
</para>
<para>
geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 1987,
</para>
<para>
ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres:
</para>
<para>
[adres01] , [postcode01] [plaats01] ,
</para>
<para>
raadsvrouw mr. S. Pershad, advocaat te Rotterdam, verschenen namens mr. S. Ben Ahmed.
</para>
</parablock>
</uitspraak.info>
<section>
<title>
<nr>
1.
</nr>
Onderzoek op de terechtzitting
</title>
<para>
Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 9 november 2022.
</para>
</section>
<section>
<title>
<nr>
2.
</nr>
Tenlastelegging
</title>
<para>
Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.
</para>
</section>
<section>
<title>
<nr>
3.
</nr>
Eis officier van justitie
</title>
<para>
De officier van justitie mr. C.J.A. de Bruijne heeft gevorderd:
</para>
<itemizedlist mark="-">
<listitem>
<para>
bewezenverklaring van het ten laste gelegde;
</para>
</listitem>
<listitem>
<para>
veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 240 dagen met aftrek van voorarrest, waarvan 140 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar.
</para>
</listitem>
</itemizedlist>
</section>
<section>
<title>
<nr>
4.
</nr>
Waardering van het bewijs
</title>
<paragroup>
<nr>
4.1.
</nr>
<para>
<emphasis role="underline">
Vrijspraak
</emphasis>
</para>
<paragroup>
<nr>
4.1.1.
</nr>
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
Standpunt officier van justitie
</emphasis>
</para>
<para>
De officier van justitie heeft betoogd dat het ten laste gelegde wettig en overtuigend is bewezen en geconcludeerd dat de verdachte één van de daders is geweest van de overval. De officier van justitie heeft in dit verband gewezen op het feit dat het signalement van de verdachte overeenkomt, de auto van de verdachte op het plaats delict was, dat rond het tijdstip van de overval met de telefoon van de verdachte is gebeld en deze is aangestraald bij zendmasten in de omgeving van de [naam winkel01] en tot slot dat met de telefoon van de verdachte rond het tijdstip van de overval is gebeld naar een nummer waar ook een medewerker van [naam winkel01] ten tijde van de overval naar heeft gebeld. De stelling van de verdachte dat hij zijn auto met daarin zijn telefoon die ochtend zou hebben uitgeleend, acht de officier van justitie onaannemelijk en in het licht van de bewijsmiddelen niet geloofwaardig.
</para>
</parablock>
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
4.1.2.
</nr>
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
Beoordeling
</emphasis>
</para>
<para>
De rechtbank is van oordeel dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen is. Het dossier bevat geen bewijsmiddelen die de verdachte fysiek op de plaats delict plaatsen. Het signalement van de verdachte komt niet overeen met het gegeven signalement van (één van) de dader(s). Daarbij is de verdachte bij een meervoudige fotoconfrontatie niet door de aangever herkend. De omstandigheid dat de auto van de verdachte en zijn telefoon wel op het plaats delict zijn te plaatsen, zijn wellicht aanwijzingen voor eventuele betrokkenheid van de verdachte bij het ten laste gelegde, maar vormen op zichzelf, zonder ander bewijs dat ontbreekt, geen sluitend bewijs dat de verdachte één van de daders van de beroving is geweest.
</para>
</parablock>
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
4.1.3.
</nr>
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
Conclusie
</emphasis>
</para>
<para>
Het ten laste gelegde is niet wettig en overtuigend bewezen. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken.
</para>
</parablock>
</paragroup>
</paragroup>
</section>
<section>
<title>
<nr>
5.
</nr>
Bijlage
</title>
<para>
De in dit vonnis genoemde bijlage maakt deel uit van dit vonnis.
</para>
</section>
<section role="beslissing">
<title>
<nr>
6.
</nr>
Beslissing
</title>
<para>
De rechtbank:
</para>
<para />
<parablock>
<para>
verklaart niet bewezen, dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij;
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte, dat bij eerdere beslissing is geschorst.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Dit vonnis is gewezen door mr. G.P. van de Beek, voorzitter,
</para>
<para>
en mrs. A.M.G. van de Kragt en J. van de Klashorst, rechters,
</para>
<para>
in tegenwoordigheid van mr. V.E. Scholtens, griffier,
</para>
<para>
en uitgesproken op de openbare terechtzitting op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Bijlage
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
Tekst tenlastelegging
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
hij op of omstreeks 9 december 2019 te Botlek Rotterdam, gemeente Rotterdam,
</para>
<para>
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
</para>
<para>
een tas(je) met geld (totaal € 31.918, 80 of daaromtrent), in elk geval enig goed, dat
</para>
<para>
geheel of ten dele aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s)
</para>
<para>
toebehoorde, te weten aan [naam winkel01] en/of [naam winkel02] ,
</para>
<para>
heeft weggenomen
</para>
<para>
met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen,
</para>
<para>
terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/ of gevolgd van geweld en/ of
</para>
<para>
bedreiging met geweld tegen [slachtoffer01] , gepleegd met het oogmerk om die
</para>
<para>
diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op
</para>
<para>
heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht
</para>
<para>
mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door
</para>
</parablock>
<para>
- die [slachtoffer01] (met kracht) vast te pakken en/of vast te houden en/of
</para>
<para>
- het(de tas(je) uit de hand(en) van die [slachtoffer01] te rukken en/of te trekken;
</para>
<para />
<parablock>
<para>
(art 310 Wetboek van Strafrecht, art 312 lid 1 Wetboek van Strafrecht, art 312 lid 2 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht)
</para>
</parablock>
<para />
</section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>