<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2022:10626</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-12-08T09:32:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-12-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-11-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">9880278 CV EXPL 22-15042</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2022:10626">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2022:10626</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-12-08T09:31:40</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-12-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2022:10626 Rechtbank Rotterdam , 11-11-2022 / 9880278 CV EXPL 22-15042</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2022:10626:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Onbetaalde facturen</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2022:10626:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">
RECHTBANK ROTTERDAM
</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>
locatie Rotterdam
</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
zaaknummer: 9880278 CV EXPL 22-15042
</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
datum uitspraak: 11 november 2022
</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
<emphasis role="bold">
Vonnis van de kantonrechter
</emphasis>
</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
in de zaak van
</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
<emphasis role="bold">
Dyka B.V.,
</emphasis>
</para>
      <para>
vestigingsplaats: Steenwijk,
</para>
      <para>
eiseres,
</para>
      <para>
gemachtigde: Flanderijn te Heerenveen,
</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
tegen:
</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
<emphasis role="bold">
Zus Groep B.V.,
</emphasis>
</para>
      <para>
vestigingsplaats: Brielle,
</para>
      <para>
gedaagde,
</para>
      <para>
vertegenwoordigd door [naam01] .
</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
De partijen worden hierna ‘Dyka’ en ‘Zus Groep’ genoemd.
</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
<nr>
1.
</nr>
De procedure
</title>
    <paragroup>
      <nr>
1.1.
</nr>
      <para>
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>
de dagvaarding van 13 mei 2022, met bijlagen;
</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
het antwoord;
</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
de brief waarin een mondelinge behandeling is bepaald;
</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
de brief van de zijde van Dyka van 30 september 2022, met bijlagen.
</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
1.2.
</nr>
      <para>
Op 12 oktober 2022 is de zaak tijdens een mondelinge behandeling besproken. Van de zijde van Dyka is [naam02] verschenen namens de gemachtigde via Microsoft Teams. [naam01] heeft namens Zus Groep met instemming van partijen telefonisch aan de mondelinge behandeling deelgenomen.
</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
<nr>
2.
</nr>
De feiten
</title>
    <para>
Dyka heeft diverse zaken aan Zus Groep verkocht en geleverd. Zij heeft voor de betaling hiervan de volgende facturen naar Zus Groep gestuurd, die onbetaald zijn gebleven:
</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
<emphasis role="underline">
Datum Omschrijving Bedrag
</emphasis>
</para>
      <para>
30-04-2021 3310153575 € 638,88
</para>
      <para>
21-04-2021 3310142534 € 119,51
</para>
      <para>
13-04-2021 3310130172 € 1.075,81
</para>
      <para>
09-04-2021 3310125947 € 484,93
</para>
      <para>
17-03-2021 3310094589
<emphasis role="underline">
€ 1.860,38
</emphasis>
</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
Totaal: € 4.179,51
</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
<nr>
3.
</nr>
Het geschil
</title>
    <paragroup>
      <nr>
3.1.
</nr>
      <para>
Dyka eist samengevat:
</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>
Zus Groep te veroordelen aan haar te betalen € 4.949,36 met rente;
</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
Zus Groep te veroordelen in de proceskosten;
</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
het vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.
</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
      <parablock>
        <para>
Het bedrag dat wordt geëist, bestaat uit de hoofdsom van € 4.179,51, contractrente van € 201,90 (berekend tot de dag van dagvaarding) en buitengerechtelijke kosten van € 567,95.
</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
3.2.
</nr>
      <para>
Dyka baseert de eis op het feit dat Zus Groep de 5 facturen niet heeft voldaan waardoor Dyka zich genoodzaakt zag haar vordering ter incasso uit handen te geven. De buitengerechtelijke incassokosten die zijn gemaakt moet Zus Groep daarom ook betalen, net als de verschuldigde contractrente vanwege de te late betaling.
</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
3.3.
</nr>
      <para>
Zus Groep is het niet eens met de eis en voert aan dat vanwege de coronacrisis 80% van haar omzet is weggevallen, waardoor zij de facturen niet kon betalen. Verder speelt mee dat Dyka volgens Zus Groep te hoge prijzen heeft gerekend en/of te weinig korting heeft gegeven. Ook zijn facturen naar verkeerde e-mailadressen gestuurd. Om de zaak op te lossen heeft Zus Groep al een aantal betalingen gedaan. Zus Groep is het niet eens met de bijkomende kosten en treft graag een regeling waarbij de incassokosten beperkt worden.
</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
<nr>
4.
</nr>
De beoordeling
</title>
    <paragroup>
      <nr>
4.1.
</nr>
      <para>
Het gaat in deze zaak om de vraag of Zus Groep nog een bedrag verschuldigd is voor de zaken die zij van Dyka heeft gekocht.
</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
4.2.
</nr>
      <para>
De kantonrechter beantwoordt deze vraag bevestigend. De verschuldigdheid van de facturen is door Zus Groep niet betwist. De door Zus Groep gestelde financiële omstandigheden, hoe moeilijk ook, ontslaan haar niet van haar betalingsverplichtingen uit hoofde van de gesloten koopovereenkomsten. Verder geldt dat Zus Groep haar stelling dat de prijzen te hoog zijn of dat Dyka niet genoeg korting heeft gegeven in het geheel niet nader heeft onderbouwd, bijvoorbeeld door correspondentie over te leggen waaruit blijkt dat partijen bij het sluiten van de koopovereenkomsten andere prijzen voor ogen hadden. En een gewenste korting kan nu eenmaal niet achteraf worden bedongen. De kantonrechter gaat daarom uit van de juistheid van de door Dyka in rekening gebrachte facturen en wijst de vordering tot betaling van deze bedragen toe.
</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
4.3.
</nr>
      <para>
Zus Groep heeft nog aangevoerd dat zij al betalingen heeft gedaan, maar zij heeft geen betalingsbewijzen overgelegd waaruit blijkt dat dit betalingen zijn geweest op (een van) deze 5 facturen. Voor zover dit wel klopt en Zus Groep alsnog betalingsbewijzen kan verstrekken aan (de gemachtigde van) Dyka, dienen deze bedragen uiteraard in mindering te worden gebracht op het toegewezen bedrag.
</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
<emphasis role="italic">
buitengerechtelijke incassokosten en rente
</emphasis>
</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
4.4.
</nr>
      <para>
Zus Groep stelt zich op het standpunt dat zij de bijkomende kosten niet verschuldigd is, omdat de facturen naar een verkeerd e-mailadres zouden zijn gestuurd. De kantonrechter verwerpt dit verweer, en wel om de volgende redenen. Tijdens de mondelinge behandeling is namens Dyka toegelicht dat zij in eerste instantie gemaild heeft naar het e-mailadres dat Zus Groep zelf online zou hebben doorgegeven. Aan de hand van correspondentie met Zus Groep is het e-mailadres later aangepast. Dyka stelt dat alle betalingsherinneringen daarna wel naar het juiste e-mailadres zijn gestuurd. Het voorgaande is door Zus Groep niet betwist. Bovendien blijkt uit de stukken dat ruim voor dagvaarding de facturen zijn verzonden naar het e-mailadres dat Zus Groep ook tijdens de mondelinge behandeling desgevraagd als juist e-mailadres heeft genoemd. De kantonrechter gaat er daarom vanuit dat de facturen dan wel de betalingsherinneringen Zus Groep wel degelijk hebben bereikt. Omdat Zus Groep daarna nog steeds niet tot betaling van de facturen is overgegaan, mocht Dyka haar vordering ter incasso uit handen geven en hiervoor kosten in rekening brengen bij Zus Groep.
</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
4.5.
</nr>
      <para>
Tijdens de mondelinge behandeling is gebleken dat Dyka een te hoog bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten heeft gevorderd. De buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen tot een bedrag van € 542,95 exclusief btw, omdat aan alle voorwaarden is voldaan om een vergoeding voor deze kosten te krijgen. Het meerdere is niet toewijsbaar.
</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
4.6.
</nr>
      <para>
De primair gevorderde contractrente van 5% per jaar wordt toegewezen, omdat uit de stellingen van Dyka volgt dat deze moet worden betaald en Zus Groep deze stellingen niet heeft betwist.
</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
<emphasis role="italic">
betalingsregeling
</emphasis>
</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
4.7.
</nr>
      <para>
Zus Groep heeft gevraagd om een betalingsregeling. Uit artikel 6:29 BW volgt dat de kantonrechter niet de bevoegdheid heeft om Dyka een betalingsregeling op te leggen. Indien gewenst kunnen partijen hierover alsnog met elkaar in overleg treden.
</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
<emphasis role="italic">
proceskosten
</emphasis>
</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
4.8.
</nr>
      <para>
Zus Groep krijgt voor het grootste deel ongelijk en moet daarom de proceskosten betalen. De kantonrechter stelt deze kosten aan de kant van Dyka tot vandaag vast op € 108,41 aan dagvaardingskosten, € 487,- aan griffierecht en € 498,- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten x € 249,- tarief). Dit is totaal € 1.093,41. Voor kosten die Dyka maakt na deze uitspraak moet Zus Groep ook een bedrag betalen van € 124,- (1/2 punt x € 249,- met maximum € 124,-). Hier kan nog een bedrag bijkomen voor de betekening van de uitspraak. In dit vonnis hoeft hierover geen aparte beslissing te worden genomen (ECLI:NL:HR:2022:853).
</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
<emphasis role="italic">
uitvoerbaarheid bij voorraad
</emphasis>
</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
4.9.
</nr>
      <para>
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
<nr>
5.
</nr>
De beslissing
</title>
    <para>
De kantonrechter:
</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>
5.1.
</nr>
      <para>
veroordeelt Zus Groep om aan Dyka te betalen € 4.924,36 met de contractrente van 5% per jaar over € 4.179,51 vanaf de dag van dagvaarding tot de dag van volledige betaling;
</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
5.2.
</nr>
      <para>
veroordeelt Zus Groep in de proceskosten, aan de kant van Dyka tot vandaag vastgesteld op € 1.093,41;
</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
5.3.
</nr>
      <para>
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>
5.4.
</nr>
      <para>
wijst al het andere af.
</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
Dit vonnis is gewezen door mr. M.C. van der Kolk en in het openbaar uitgesproken.
</para>
        <para>
43416
</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>