<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2021:8212</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-08-25T14:11:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-08-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-08-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/622623 / JE RK 21-2007</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2021:8212">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2021:8212</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-08-25T13:59:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-08-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2021:8212 Rechtbank Rotterdam , 02-08-2021 / C/10/622623 / JE RK 21-2007</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2021:8212:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>beschikking verlenging uithuisplaatsing</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2021:8212:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>beschikking</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaakgegevens: C/10/622623 / JE RK 21-2007</para>
      <para>datum uitspraak: 2 augustus 2021</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">beschikking verlenging uithuisplaatsing</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de Raad voor de Kinderbescherming Rotterdam-Dordrecht,  </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de Raad, gevestigd te Rotterdam,</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam minderjarige] , </bridgehead>
    <para>geboren op [geboortedatum minderjarige] 2008 te [geboorteplaats minderjarige] ( [geboorteland minderjarige] ), hierna te noemen [voornaam minderjarige] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam moeder] , </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats moeder] ;</para>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond,</bridgehead>
    <para>hierna te noemen de GI, gevestigd te Rotterdam.</para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <para>Het procesverloop blijkt uit de beschikking van de kinderrechter van deze rechtbank van 21 juli 2021 en de daaraan ten grondslag liggende stukken.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 2 augustus 2021 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. </para>
      <para>Gehoord zijn:</para>
    </parablock>
    <para>- [voornaam minderjarige] , die voorafgaand aan de zitting apart, telefonisch, is gehoord,</para>
    <para>- de advocaat van de moeder, mr. T. Grootenhuis,</para>
    <para>- een vertegenwoordigster van de Raad, mw. [naam vertegenwoordigster 1] ,</para>
    <para>- twee vertegenwoordigsters van de GI, mw. [naam vertegenwoordigster 2] en mw. [naam vertegenwoordigster 3] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Opgeroepen en niet verschenen is de moeder.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De feiten<?linebreak?></title>
    <para>Het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige] wordt uitgeoefend door de moeder.</para>
    <parablock>
      <para>
        [voornaam minderjarige] woont bij de moeder.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij beschikking van 21 juli 2021 is [voornaam minderjarige] voorlopig onder toezicht gesteld tot 21 oktober 2021. De kinderrechter heeft bij deze beschikking ook een machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in accommodatie van een aanbieder voor GGZ-zorg verleend voor de duur van vier weken. Het verzoek is voor het overige aangehouden.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>Het aangehouden verzoek</title>
    <para>De Raad heeft verzocht een machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een aanbieder van GGZ-zorg te verlenen voor de duur van drie maanden. Vier weken hiervan zijn reeds verleend.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Raad heeft het resterende deel van het verzoek ter zitting gehandhaafd en als volgt toegelicht. Er is sprake van een acute bedreiging van de ontwikkeling van [voornaam minderjarige] . Ze is ongelukkig, suïcidaal en automutileert. Ze staat niet open voor behandeling. De moeder denkt dat [voornaam minderjarige] door demonen wordt bezeten en wil een korandeskundige inschakelen. Yulius heeft [voornaam minderjarige] beoordeeld en acht een GGZ-opname noodzakelijk. Zij wordt hieraan door de moeder onttrokken. De moeder is direct na het uitspreken van de voorlopige ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing met [voornaam minderjarige] vertrokken naar Turkije. Dat is zorgelijk. </para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>De standpunten</title>
    <para>De GI heeft zich ter zitting aangesloten bij het verzoek van de Raad. Het is begrijpelijk dat [voornaam minderjarige] is geschrokken van de uitspraak van de kinderrechter en het advies voor een opname. Yulius adviseert enkel een opname als dit strikt noodzakelijk is. Ambulante hulpverlening is niet voldoende. De zorgen zijn dus groot. De moeder is sinds het uitspreken van de voorlopige ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing niet meer bereikbaar voor de jeugdbeschermer. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens de moeder is het volgende verklaard. De moeder heeft geen bezwaar tegen de voorlopig ondertoezichtstelling, maar wel tegen de uithuisplaatsing. [voornaam minderjarige] zat niet lekker in haar vel omdat er veel op haar afkwam, ze had het erg druk. [voornaam minderjarige] heeft nu rust nodig. Vandaar dat zij momenteel in Turkije zijn, voor vakantie. De moeder staat open voor hulpverlening in de thuissituatie. Ook [voornaam minderjarige] geeft aan andere hulp dan een GGZ-opname te willen. Een uithuisplaatsing is daarom niet noodzakelijk.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling</title>
    <para>Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat [voornaam minderjarige] kampt met depressieve en suïcidale gedachten. [voornaam minderjarige] zit duidelijk niet goed in haar vel en heeft in verband hiermee meermaals de politie gebeld. De moeder lijkt de ernst van de problematiek niet in te zien en wil dat [voornaam minderjarige] met rust gelaten wordt. De moeder geeft aan open te staan voor hulp, maar dit blijkt niet uit haar handelen. De reis van de moeder naar Turkije lijkt een vluchtactie om [voornaam minderjarige] te onttrekken aan de dringend geadviseerde GGZ-opname. De moeder handelt hiermee in strijd met voormelde beschikking van de kinderrechter. Bovendien is zij sindsdien niet langer bereikbaar voor de GI. De moeder handelt daarmee niet in het belang van [voornaam minderjarige] . Aanvankelijk leek de moeder enkel open te staan voor de hulp die zij zelf nodig acht, zoals behandeling door een korandeskundige. Ter zitting is namens haar verklaard dat zij bereid is om haar medewerking te verlenen aan reguliere ambulante behandeling voor [voornaam minderjarige] . De kinderrechter acht het van belang dat de moeder zo snel mogelijk met [voornaam minderjarige] terug naar Nederland komt zodat [voornaam minderjarige] kan starten met de noodzakelijke behandeling en hulpverlening. Mogelijkerwijs kan met een meewerkende opstelling van de moeder alsnog (op termijn) gekozen worden voor ambulante hulpverlening, maar hierop kan niet worden vooruit gelopen. De kinderrechter acht een verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing noodzakelijk om de veiligheid van [voornaam minderjarige] te kunnen waarborgen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het voorgaande volgt dat de verlenging van de uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] noodzakelijk is in het belang van de verzorging en opvoeding (artikel 1:265c, tweede lid, Burgerlijk Wetboek).</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie van een</para>
      <para>aanbieder voor GGZ-zorg voor de duur van de voorlopige ondertoezichtstelling;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 2 augustus 2021 door mr. A.J. van Dijk, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. M.C.J. Holierhoek als griffier. </para>
              <para>De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 9 augustus 2021.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
              <para />
              <para />
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
              <para>-	door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,</para>
              <para>-	door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
              <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof<?linebreak?>Den Haag. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>