<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2021:7200</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-07-26T13:41:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-07-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-03-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">614666 / HA RK 21-229</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#verschoning">Verschoning</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_burgerlijkProcesrecht">Civiel recht; Burgerlijk procesrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2021:7200">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2021:7200</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-07-26T13:41:06</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-07-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2021:7200 Rechtbank Rotterdam , 11-03-2021 / 614666 / HA RK 21-229</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2021:7200:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verschoning. Verzoek toegewezen. De advocaat van één van de procespartijen is een familielid van de rechter. Dit familielid en de rechter, dan wel hun kantoorgenoten, hebben regelmatig met elkaar te maken in hun hoedanigheid van advocaat bij ieders familierechtkantoor.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2021:7200:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold caps">Rechtbank Rotterdam</emphasis>
      <?linebreak?>
    </para>
    <para>Meervoudige kamer voor verschoningszaken</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer / rekestnummer : 614666 / HA RK 21-229</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslissing van 11 maart 2021</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het verzoek van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">mr. C.C.B. Boshouwers</emphasis>,</para>
      <para>rechter-plaatsvervanger in de rechtbank Rotterdam, team familie (hierna: de rechter),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>ertoe strekkende zich te mogen verschonen in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam van de vrouw]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de vrouw,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>advocaat mr. M.M. Menheere,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam van de man]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de man,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>advocaat mr. C.L.F.A. van der Vegt-Boshouwers.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop en de processtukken</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De familierechtelijke procedure tussen de vrouw en de man met kenmerk C/10/600658 / FA RK 20-5345 is voor de mondelinge behandeling gepland op de zitting van de meervoudige kamer in deze rechtbank op 16 maart 2021. Partijen en hun advocaten zijn voor deze zitting opgeroepen bij brieven van de griffier van 15 januari 2021.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 9 maart 2021 heeft de rechter een schriftelijk verzoek tot verschoning gedaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het verzoek</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.1</para>
      <para>Ter adstructie van het verzoek om verschoning heeft de rechter het volgende aangevoerd – verkort en zakelijk weergegeven – : </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.1.1</para>
      <para>Op 16 maart 2021 is een mondelinge behandeling gepland in de zaak met kenmerk C/10/600658 / FA RK 20-5345 van mevrouw [naam van de vrouw] tegen de heer [naam van de man] , waarbij ik een van de behandelend rechters zou zijn. De advocaat van partij [naam van de man] is mijn familielid </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>C.F.L.A. van der Vegt­Boshouwers. Zij maakte mij hierop opmerkzaam nadat zij dit van de griffie had vernomen. De namen van de behandelend rechters staan overigens niet vermeld in de oproepingsbrief aan partijen; de berichtgeving is telefonisch gedaan. </para>
      <para>Ook hebben mijn familielid en ik, dan wel onze kantoorgenoten, regelmatig met elkaar te maken, bijvoorbeeld door procedures en het bijstaan van cliënt en wederpartij (beiden hebben een familierechtkantoor). </para>
      <para>Door deze situatie voel ik mij onvoldoende vrij om de zaak te behandelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">3.1</emphasis>
      </para>
      <para>Verschoning is een middel ter verzekering van de onpartijdigheid van de rechter. Voorop dient te staan dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen die zwaarwegende aanwijzingen opleveren voor het oordeel dat een rechter jegens een partij een vooringenomenheid koestert, althans dat de bij deze partij dienaangaande bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">3.2</emphasis>
      </para>
      <para>Aan de door de rechter aangevoerde omstandigheden valt geen aanwijzing te ontlenen voor het oordeel dat de rechter - subjectief - niet onpartijdig is. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">3.3</emphasis>
      </para>
      <para>Te onderzoeken staat vervolgens of de aangevoerde omstandigheden niettemin een zwaarwegende aanwijzing opleveren voor het oordeel dat de vrees dat de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden - objectief - gerechtvaardigd is. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">3.4</emphasis>
      </para>
      <para>De door de rechter aangevoerde omstandigheid, in samenhang met het gegeven dat de rechter daarin aanleiding heeft gevonden zelf een verzoek in te dienen zich te mogen verschonen van de verdere behandeling van de zaak, levert naar het oordeel van de rechtbank op zichzelf een zwaarwegende aanwijzing als hiervoor onder 3.3 bedoeld op.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">3.5</emphasis>
      </para>
      <para>Het verzoek wordt om deze reden toegewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- wijst toe het verzoek van mr. C.C.B. Boshouwers zich in de civielrechtelijke procedure van [naam van de vrouw] tegen [naam van de man] met kenmerk C/10/600658 / FA RK 20-5345 te mogen verschonen.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beslissing is gegeven op 11 maart 2021 door mr. W.J.J. Wetzels, voorzitter, </para>
      <para>mr. M. de Geus en mr. L.E.M. Wilbers-Taselaar, rechters en door de voorzitter </para>
      <para>en J.A. Faaij, griffier ondertekend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzonden op: </para>
      <para>aan: </para>
    </parablock>
    <para>- mr. C.C.B. Boshouwers</para>
    <para>- mr. M.M. Menheere</para>
    <para>- mr. C.F.L.A. van der Vegt-Boshouwers</para>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>