<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2021:7004</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-07-22T10:50:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-07-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-04-23</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">8940532 CV EXPL 20-46904</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2021:7004">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2021:7004</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-07-22T10:47:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-07-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2021:7004 Rechtbank Rotterdam , 23-04-2021 / 8940532 CV EXPL 20-46904</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2021:7004:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vonnis na niet verschijnen gedaagde op mondelinge behandeling.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2021:7004:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 8940532 \ CV EXPL  20-46904</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>uitspraak: 23 april 2021</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam</emphasis>,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser]
        </emphasis>,</para>
      <para>h.o.d.n. [naam bedrijf],</para>
      <para>woonplaats te: [woonplaats eiser],</para>
      <para>eiser in conventie bij exploot van dagvaarding van 18 december 2020, </para>
      <para>gedaagde in reconventie,</para>
      <para>gemachtigde: mr. M. Hennen te Schiphol,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Smiley Kids B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te: Rotterdam,</para>
      <para>gedaagde in conventie,</para>
      <para>eiseres in reconventie,</para>
      <para>gemachtigde: [naam 1].</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna aangeduid als “[eiser]” respectievelijk “Smiley Kids”.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1. </nr>Het verloop van de procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Het verloop van de procedure volgt uit de volgende processtukken:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het exploot van dagvaarding, met producties;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de aantekeningen van de griffier van het op de rolzitting van 31 december 2020 namens Smiley Kids gegeven mondelinge antwoord;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de aanvullende conclusie van antwoord van 12 januari 2021, met producties;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het tussenvonnis van 8 februari 2021 waarbij een mondelinge behandeling is bepaald die op 25 maart 2021 is gehouden en waar namens Smiley Kids niemand is verschenen.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>De kantonrechter heeft de uitspraak van dit vonnis bepaald op heden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2. </nr>De vaststaande feiten</title>
    <para>Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend, dan wel niet of onvoldoende gemotiveerd weersproken, staat tussen partijen, voor zover van belang, het volgende vast.</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>
        [eiser] heeft een timmerbedrijf met de naam [naam bedrijf].</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Smiley Kids is een kinderopvang, gevestigd op de [adres].</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>
        [eiser] heeft in opdracht en voor rekening van Smiley Kids werkzaamheden verricht aan het pand aan de [adres].</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>
        [eiser] heeft de kosten van de uitgevoerde werkzaamheden aan Smiley Kids gefactureerd. Smiley Kids heeft de facturen van 9 december 2019 van € 755,04 en 16 januari 2020 van € 1.514,48 niet betaald. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3. </nr>De vordering</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>
        [eiser] heeft <emphasis role="underline">in conventie </emphasis>bij dagvaarding gevorderd bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad Smiley Kids te veroordelen aan hem tegen kwijting te betalen:</para>
      <para />
      <para>a. een bedrag van € 2.269,52 aan hoofdsom, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 17 januari 2020 tot de dag der algehele voldoening, althans de wettelijke (handels)rente vanaf de dag der dagvaarding tot de dag der algehele voldoening;</para>
      <para />
      <para>b. een bedrag van € 340,43, althans subsidiair een door de kantonrechter in goede justitie te bepalen bedrag ter zake buitengerechtelijke incassokosten ex artikel 6:96 BW;</para>
      <para />
      <para>c. de kosten van deze procedure inclusief het salaris voor de gemachtigde;</para>
      <para />
      <para>d. de nakosten ter hoogte van de helft van het toepasselijke liquidatietarief, maar niet meer dan de helft van het geliquideerde toegewezen salaris, dan wel een bedrag als de kantonrechter in goede justitie zal vermenen te behoren, indien en voor zover Smiley Kids niet binnen de wettelijke vereiste termijn van 2 dagen, althans binnen een door de kantonrechter redelijk geachte termijn na betekening aan het te dezen wijzen vonnis heeft voldaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <parablock>
        <para>Aan zijn vordering heeft [eiser] -in het licht van de onder 2. genoemde vaststaande feiten- zakelijk weergegeven en voor zover thans van belang ten grondslag gelegd dat Smiley Kids, ondanks daartoe te zijn aangemaand, tekort is geschoten in de nakoming van de op haar uit hoofde van de tussen partijen gesloten overeenkomst rustende betalingsverplichting door de facturen van 9 december 2019 en 16 januari 2020 niet te voldoen. Smiley Kids is door het laten verstrijken van de betalingstermijn van de facturen in verzuim komen te verkeren. [eiser] vordert het totaalbedrag van deze facturen van </para>
        <para>€ 2.269,52 aan hoofdsom.</para>
        <para>Daarnaast vordert hij op grond van artikel 6:96 BW een bedrag van € 340,43 aan buitengerechtelijke incassokosten en verder de wettelijke (handels)rente.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Smiley Kids heeft de vordering in conventie, onder overlegging van producties, betwist en heeft daartoe - zakelijk weergegeven en voor zover thans van belang -  aangevoerd dat [eiser] de overeengekomen werkzaamheden niet goed heeft uitgevoerd. Smiley Kids heeft kosten gemaakt om het uitgevoerde werk te herstellen. Deze kosten zijn hoger dan het bedrag dat [eiser] van Smiley Kids vordert. Bovendien heeft Smiley Kids veel tijd moeten besteden aan het oplossen van de problemen. Daarnaast heeft Smiley Kids te maken gekregen met lekkage en waterschade met materiële schade en een interne crisis als gevolg.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De vordering van Smiley Kids <emphasis role="underline">in reconventie</emphasis> strekt tot vergoeding van de door haar gemaakte herstelkosten. Smiley Kids heeft ter onderbouwing van haar eis in reconventie een ubs-stick in het geding gebracht, met daarop e-mailberichten tussen Smiley Kids en [gedaagde], een verklaring en facturen van [naam 2], 3 filmpjes, whatsappberichten en correspondentie tussen [naam 3] en [gedaagde]. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft de vordering in reconventie gemotiveerd betwist. </para>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4. </nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in conventie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>In het tussenvonnis van 8 februari 2021 is bepaald dat op 25 maart 2021 om 9.30 uur een mondelinge behandeling zal worden gehouden. Ondanks daartoe behoorlijk te zijn opgeroepen, is namens Smiley Kids niemand op de mondelinge behandeling verschenen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          [eiser] is wel verschenen en heeft zijn vordering daar nader toegelicht. Daarnaast is hij ingegaan op het verweer van Smiley Kids en op de door haar ingestelde eis in reconventie. Hij heeft in dat verband gesteld dat hij de gebreken aan het werk tijdig en deugdelijk heeft hersteld. De lekkage op het dak is veroorzaakt door [naam 2]. [eiser] heeft de lekkage opgelost. Het filmpje van de lekkage is gemaakt voordat [eiser] de lekkage had verholpen. </para>
        <para>De facturen die Smiley Kids bij aanvullende conclusie van antwoord in het geding heeft  gebracht zijn [eiser] niet bekend en hebben geen betrekking op de door [eiser] uitgevoerde werkzaamheden. De door Smiley Kids overgelegde whatsappberichten over niet afgemaakte werkzaamheden hebben niets te maken met de door [eiser] uitgevoerde werkzaamheden. Smiley Kids heeft nooit aan [eiser] kenbaar gemaakt dat zij schade heeft geleden. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>Door niet op de mondelinge behandeling te verschijnen, heeft Smiley Kids de nadere stellingen van [eiser] niet weersproken. Daarom wordt haar verweer tegenover de nadere stellingen van [eiser] als onvoldoende onderbouwd verworpen. Dit betekent dat de hoofdsom van € 2.269,52 als onvoldoende gemotiveerd betwist wordt toegewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <para>De wettelijke rente wordt als niet weersproken toegewezen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5</nr>
      <para>Uit de overgelegde stukken blijkt genoegzaam dat [eiser] buitengerechtelijke werkzaamheden heeft verricht. De buitengerechtelijke incassokosten zijn in redelijkheid gemaakt en gelet op de in het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten genoemde tarieven ook redelijk in omvang. Het gevorderde bedrag van € 340,43 wordt daarom toegewezen. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">In reconventie</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6</nr>
      <para>Smiley Kids vordert in reconventie herstelkosten, zonder daarbij een concreet bedrag te noemen. Zij heeft ter onderbouwing van haar vordering een usb-stick met daarop e-mailberichten, een verklaring en facturen van [naam 2], filmpjes en whatsappgesprekken in het geding gebracht. Smiley Kids heeft geen toelichting op deze stukken gegeven en zij is zonder bericht van verhindering ook niet op de mondelinge behandeling van 25 maart 2021 verschenen om haar vordering nader toe te lichten. De kantonrechter is gelet op het voorgaande van oordeel dat Smiley Kids haar vordering in reconventie onvoldoende heeft onderbouwd. De vordering in reconventie wordt daarom afgewezen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">In conventie en in reconventie </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7</nr>
      <para>Smiley Kids wordt als de in conventie en in reconventie in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten, aan de zijde van [eiser] vastgesteld op € 323,99 aan verschotten en € 248,00 aan salaris voor de gemachtigde (2 punten van € 124,00 per punt)</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8</nr>
      <para>De apart gevorderde nakosten zullen worden toegewezen als hierna vermeld, nu de proceskostenveroordeling hiervoor reeds een executoriale titel geeft en de kantonrechter van oordeel is dat de nakosten zich reeds vooraf laten begroten. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5. </nr>De beslissing</title>
    <para>De kantonrechter:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">In conventie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt Smiley Kids om aan [eiser] tegen kwijting te betalen € 2.609,95 (waarvan </para>
      <para>€ 2.269,52 ziet op de hoofdsom en € 340,43 op de buitengerechtelijke incassokosten), vermeerderd met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW over € 2.269,52 vanaf 17 januari 2020 tot aan de dag van algehele voldoening;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in reconventie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst de vordering af;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in conventie en in reconventie </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt Smiley Kids in de proceskosten, tot aan deze uitspraak aan de zijde van [gedaagde] vastgesteld op:</para>
      <para>* € 323,99 aan verschotten;</para>
      <para>* € 248,00 aan salaris voor de gemachtigde;</para>
      <para>en indien Smiley Kids niet binnen veertien dagen na aanschrijving vrijwillig aan dit vonnis heeft voldaan, begroot op € 124,00 aan nasalaris. Indien daarna betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden, dient het bedrag aan nasalaris nog te worden verhoogd met de kosten van betekening;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad en wijst af het méér of anders gevorderde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. F. Aukema-Hartog en uitgesproken ter openbare terechtzitting.</para>
      <para>426</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>