<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2021:1433</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-02-24T08:55:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-02-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-01-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/609898 / JE RK 20-3480</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2021:1433">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2021:1433</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-02-24T08:54:56</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-02-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2021:1433 Rechtbank Rotterdam , 25-01-2021 / C/10/609898 / JE RK 20-3480</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2021:1433:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Afwijzing verzoek tot ondertoezichtstelling</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2021:1433:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>beschikking</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaakgegevens: C/10/609898 / JE RK 20-3480</para>
      <para>datum uitspraak: 25 januari 2021</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">beschikking</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de Raad voor de Kinderbescherming Rotterdam, </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de Raad, gevestigd te Rotterdam, </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam minderjarige 1] , </bridgehead>
    <para>geboren op [geboortedatum minderjarige 1] 2013 te [geboorteplaats minderjarige 1] , hierna te noemen [voornaam minderjarige 1] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam vader] , </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de vader, wonende te [woonplaats vader] ,</para>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam moeder] , </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats moeder] .</para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop<?linebreak?></title>
    <para>Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen van de Raad van 16 december 2020, ingekomen bij de griffie op 16 december 2020.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 25 januari 2021 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. </para>
      <para>Gehoord zijn:</para>
    </parablock>
    <para>- de moeder, bijgestaan door haar advocaat mr. E.J. Eijsberg,</para>
    <para>- een vertegenwoordigster van de Raad, mw. [naam vertegenwoordigster 1] ,</para>
    <para>- twee vertegenwoordigsters van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond, hierna te noemen de GI, mw. [naam vertegenwoordigster 2] en mw. [naam vertegenwoordigster 3] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Opgeroepen en niet verschenen is de vader.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De feiten<?linebreak?></title>
    <para>Het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige 1] wordt uitgeoefend door de ouders.</para>
    <parablock>
      <para>
        [voornaam minderjarige 1] woont samen met de moeder bij de grootouders mz.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>Het verzoek</title>
    <para>De Raad heeft de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige 1] verzocht voor de duur van zes maanden.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Raad heeft het verzoek ter zitting gehandhaafd en als volgt toegelicht. De Raad heeft onderzoek gedaan naar beide kinderen in het gezin, [voornaam minderjarige 1] en [naam minderjarige 2] , maar verzoekt enkel voor [voornaam minderjarige 1] een ondertoezichtstelling. [voornaam minderjarige 1] heeft al veel meegemaakt, waaronder een aantal heftige gebeurtenissen. De kinderen zijn hier oog- en oorgetuige van geweest. [voornaam minderjarige 1] heeft behandeling nodig. Met name de vader is hiervoor onvoldoende gemotiveerd. De moeder heeft positieve stappen gezet om haar leven weer op orde te krijgen, maar deze positieve ontwikkeling is nog pril. Bij de vader is een dergelijke positieve ontwikkeling niet zichtbaar. De vader is ambivalent met betrekking tot zijn eigen hulpverlening. Ook zijn er problemen in de ouderrelatie. Het lukt de ouders niet om in het belang van de kinderen te communiceren. Een ondertoezichtstelling voor [naam minderjarige 2] is niet nodig, aangezien de moeder het eenhoofdig gezag over hem heeft en de moeder in staat is gebleken de noodzakelijke hulpverlening voor hem in te zetten.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>De standpunten</title>
    <para>De GI heeft zich ter zitting aangesloten bij het verzoek van de Raad. Het is belangrijk dat de vader gaat werken aan zijn alcoholverslaving, zodat hij onbegeleid contact met de kinderen kan hebben. De hulpverlening van de vader komt moeizaam op gang, waardoor de bezoeken begeleid blijven. Daarnaast is de vader erg traag in het geven van toestemming voor  hulpverlening van [voornaam minderjarige 1] . Ten aanzien van de moeder zijn de ontwikkelingen pril. De moeder woont nog bij haar ouders en is op zoek naar een eigen woning. Het is belangrijk dit proces te volgen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Door en namens de moeder is ingestemd in met het verzoek van de Raad. De moeder is echter verbaasd dat het verzoek niet een jaar eerder is gedaan, aangezien een aanzienlijk deel van de problematiek niet meer aan de orde is. De moeder heeft de relatie met de vader verbroken en zij heeft gewerkt aan haar eigen alcoholproblematiek. Voor de moeder is van belang dat de vader gaat werken aan zijn verslaving. Daarnaast hoopt de moeder dat de communicatie met de vader zal verbeteren. De vader komt afspraken niet na, wat bij de kinderen tot teleurstelling leidt. Met [voornaam minderjarige 1] gaat het goed, zowel thuis als op school. De moeder heeft voor [voornaam minderjarige 1] een School Maatschappelijk Werk(st)er geregeld. </para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling</title>
    <para>Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat er in het verleden grote zorgen waren over de veiligheid van [voornaam minderjarige 1] (en [naam minderjarige 2] ) wegens huiselijk geweld en alcoholproblematiek bij beide ouders. De afgelopen maanden heeft de moeder aan de hand van hulpverlening gewerkt aan haar alcoholverslaving. Zij heeft zich hiervoor opengesteld en daardoor een positief resultaat behaald. Daarnaast is de relatie tussen de ouders verbroken en verblijven zij niet meer in dezelfde woning. De zorgen om de fysieke veiligheid van de kinderen zijn daarom niet langer aanwezig. De zorgen die resteren zijn gelegen bij de vader. De vader is onvoldoende gemotiveerd om aan zijn verslaving te werken en is in de communicatie met de moeder onvoldoende bereikbaar. Ondanks de nog aanwezige zorgen is de kinderrechter van oordeel dat niet kan worden gesproken van een ernstige ontwikkelingsbedreiging van [voornaam minderjarige 1] . De moeder heeft in het vrijwillig kader al laten zien in staat en gemotiveerd te zijn om, ondanks de verminderde communicatie met de vader, de nodige hulpverlening voor [voornaam minderjarige 1] in te zetten en te werken aan zichzelf. Daarnaast vertoont [voornaam minderjarige 1] geen kind-eigen-problematiek. Het gaat goed met haar. De kinderrechter ziet onvoldoende aanleiding om aan te nemen dat het de ouders niet lukt om ook de laatste zorgen in het vrijwillig kader, met behulp van het wijkteam, op te lossen. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het voorgaande volgt dat niet is voldaan aan het wettelijke criterium genoemd in artikel 1:255 van het Burgerlijk Wetboek. De kinderrechter zal daarom het verzoek om [voornaam minderjarige 1] onder toezicht te stellen afwijzen.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het verzoek van de Raad af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 25 januari 2021 door mr. W.J. Loorbach, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. M.C.J. Holierhoek als griffier. </para>
              <para>De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 4 februari 2021.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
              <para />
              <para />
              <para />
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
              <para>-	door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,</para>
              <para>-	door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
              <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof<?linebreak?>Den Haag. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>