<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2021:13195</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-02-28T13:57:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-01-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-12-22</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/630141 / JE RK 21-3236 en C/10/630797 / JE RK 21-3355</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2021:13195">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2021:13195</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-02-28T13:57:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-02-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2021:13195 Rechtbank Rotterdam , 22-12-2021 / C/10/630141 / JE RK 21-3236 en C/10/630797 / JE RK 21-3355</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2021:13195:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Beschikking voorlopige ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing. Met het uitspreken van de voorlopige ondertoezichtstelling en machtiging uithuisplaatsing heeft de vader geen belang meer bij zijn verzoeken, gedaan bij wijze van voorlopige voorziening. Deze worden daarom afgewezen. De vader niet-ontvankelijk in zijn verzoek om machtiging uithuisplaatsing, nu de vader niet gerechtigd is een dergelijk verzoek te doen (artikel 1:265b, eerste en tweede lid BW).</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2021:13195:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking</para>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaakgegevens: C/10/630141 / JE RK 21-3236 en C/10/630797 / JE RK 21-3355</para>
      <para>datum uitspraak: 22 december 2021</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">beschikking voorlopige ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaken van</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam vader] , </bridgehead>
    <parablock>
      <para>hierna te noemen de vader, wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>advocaat mr. A.C.M. van Lieshout, kantoorhoudende te Capelle aan den IJssel,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de Raad voor de Kinderbescherming Rotterdam-Dordrecht,</bridgehead>
    <para>hierna te noemen de Raad, gevestigd te Rotterdam,</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam minderjarige]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum minderjarige] 2005 te [geboorteplaats minderjarige] , hierna te noemen [voornaam minderjarige] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als informant aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam moeder] ,</bridgehead>
    <para>hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats moeder] ,</para>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam stiefmoeder minderjarige] ,</bridgehead>
    <para>hierna te noemen de partner van de vader, wonende te [woonplaats] .</para>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <para>Het procesverloop blijkt uit de volgende stukken:</para>
    <para>- het verzoekschrift met bijlagen van de vader van 10 december 2021, ingekomen bij de griffie op 13 december 2021;</para>
    <para>- het e-mailbericht met pleitnota van mr. A.C.M. van Lieshout van 17 december 2021;</para>
    <para>- het e-mailbericht van mr. H. Devkinandan, advocaat van de moeder in de kort geding-<?linebreak?>procedure, van 21 december 2021;</para>
    <para>- het mondelinge verzoek van de Raad van 22 december 2021, gevolgd door het verzoek met bijlagen, ingekomen bij de griffie op 22 december 2021.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 22 december 2021 heeft de kinderrechter de zaken ter zitting met gesloten deuren behandeld. Gehoord zijn:</para>
    </parablock>
    <para>- de vader,</para>
    <para>- de moeder,</para>
    <para>- de partner van de vader,</para>
    <para>- een vertegenwoordigster van de Raad, mw. [naam vertegenwoordigster] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [voornaam minderjarige] is uitgenodigd voor een kindgesprek, maar niet verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De feiten</title>
    <para>Het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige] wordt uitgeoefend door de vader.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [voornaam minderjarige] verblijft op de crisisopvang De Opper.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>De verzoeken</title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">Het verzoek met zaaknummer C/10/630141:</emphasis>
      </para>
      <para>De vader verzoekt (kort gezegd):</para>
      <para>Bij wijze van een voorlopige voorziening ex artikel 223 Rv:</para>
    </parablock>
    <parablock>
      <para> [voornaam minderjarige] voorlopig onder toezicht te stellen voor de duur van drie maanden;</para>
      <para> de Raad te gelasten (verder) onderzoek te doen naar de vraag of er een kinderbeschermingsmaatregel nodig is voor [voornaam minderjarige] en de rechtbank in de hoofdzaak hierover te adviseren door middel van overlegging van een raadsrapport.</para>
    </parablock>
    <para>In de hoofdzaak:</para>
    <parablock>
      <para> [voornaam minderjarige] onder toezicht te stellen voor de duur van één jaar; </para>
      <para> een machtiging tot uithuisplaatsing te verlenen voor [voornaam minderjarige] voor de duur van drie maanden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">Het verzoek met zaaknummer C/10/630797:</emphasis>
      </para>
      <para>De Raad heeft ter zitting de voorlopige ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] verzocht voor de duur van drie maanden. Tevens heeft de Raad ter zitting een machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie jeugdhulpaanbieder verzocht voor de duur van drie maanden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De standpunten</title>
    <para>De vader is het eens met het verzoek van de Raad. Dit was het idee achter zijn eigen verzoek. [voornaam minderjarige] verblijft momenteel bij De Opper, maar moet daar weg. Er wordt momenteel geprobeerd haar plaats bij De Opper te rekken zodat zij vervolgens ter overbrugging terecht kan bij Prokino.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De moeder is het eens met het verzoek van de Raad, maar had liever gezien dat er veel eerder actie was ondernomen. De moeder ziet in dat [voornaam minderjarige] hulpverlening nodig heeft. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling</title>
    <para>Uit het mondelinge verzoek van de Raad en de door de vader overgelegde stukken voorafgaand aan de zitting blijkt dat een ernstig vermoeden bestaat dat de grond voor een ondertoezichtstelling is vervuld (artikel 1:255 Burgerlijk Wetboek (BW). Een voorlopige ondertoezichtstelling is noodzakelijk om een acute en ernstige bedreiging voor [voornaam minderjarige] weg te nemen. [voornaam minderjarige] zal daarom voorlopig onder toezicht worden gesteld voor een termijn van drie maanden (artikel 1: 257 BW).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [voornaam minderjarige] verblijft momenteel bij De Opper. Met het uitspreken van een voorlopige ondertoezichtstelling is het noodzakelijk dat tevens een machtiging tot uithuisplaatsing wordt verleend, nu [voornaam minderjarige] niet bij de gezaghebbende vader verblijft. Gebleken is dat het dringend en onverwijld noodzakelijk is dat [voornaam minderjarige] op een open jeugdinstelling verblijft. Dit kan zowel een plaatsing bij De Opper als bij Prokino zijn.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter stelt vast dat de belanghebbende (en informanten) reeds in de gelegenheid zijn gesteld hun mening te geven op het verzoek van de Raad. Enkel [voornaam minderjarige] zal nog in de gelegenheid worden gesteld om haar mening te geven op hierna te noemen datum.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter constateert dat met het uitspreken van de voorlopige ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing de vader geen belang meer heeft bij zijn verzoeken gedaan bij wijze van voorlopige voorziening. Immers een voorlopige ondertoezichtstelling is reeds uitgesproken en daarmee is de Raad gehouden onderzoek te doen naar de vraag of er een kinderbeschermingsmaatregel nodig is voor [voornaam minderjarige] en hierover te rapporteren. De kinderrechter wijst deze verzoeken daarom af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter verklaart de vader niet-ontvankelijk in zijn verzoek om een machtiging tot uithuisplaatsing te verlenen, nu de vader niet gerechtigd is een dergelijk verzoek te doen op grond van artikel 1:265b, eerste en tweede lid BW.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter houdt het verzoek van de vader om een ondertoezichtstelling te verlenen aan in afwachting van het onderzoek van de Raad. Indien de Raad na zijn onderzoek een ondertoezichtstelling verzoekt, zal onderhavig verzoek van de vader gelijktijdig worden behandeld met het verzoek van de vader. Indien de Raad na zijn onderzoek niet overgaat tot een verzoek tot ondertoezichtstelling, zal het verzoek van de vader apart ter zitting worden behandeld.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt [voornaam minderjarige] voorlopig onder toezicht van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming west, gevestigd te Dordrecht, met ingang van 22 december 2021 tot 22 maart 2022;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verleent een machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie jeugdhulpaanbieder met ingang van 22 december 2021 tot 22 maart 2022.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de beslissing tot dusver uitvoerbaar bij voorraad;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst af de verzoeken van de vader die hij bij wijze van voorlopige voorziening heeft gedaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart het verzoek van de vader met betrekking tot de machtiging tot uithuisplaatsing niet-ontvankelijk;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt het verzoek van de vader met betrekking tot een ondertoezichtstelling aan tot </para>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">1 maart 2022 pro forma</emphasis>, in afwachting van het onderzoek van de Raad;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat [voornaam minderjarige] in de gelegenheid wordt gesteld haar mening te geven op <emphasis role="bold underline">30 december 2021 om 11.00 uur</emphasis>, in het <emphasis role="bold underline">gerechtsgebouw te Rotterdam, Wilhelminaplein 100-125</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [voornaam minderjarige] zal worden gehoord door mr. A.A.J. de Nijs, kinderrechter.</para>
    </parablock>
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 22 december 2021 door mr. A.A.J. de Nijs, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. M.C.J. Holierhoek als griffier. </para>
              <para>De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
              <para />
              <para />
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
              <para>-	door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,</para>
              <para>-	door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
              <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof<?linebreak?>Den Haag. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>