<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2020:9367</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-10-26T08:03:01</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-10-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-09-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/602474 / JE RK 20-2338</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:9367">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:9367</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-10-26T08:02:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-10-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2020:9367 Rechtbank Rotterdam , 28-09-2020 / C/10/602474 / JE RK 20-2338</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2020:9367:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verzoekschrift inzake verlenging ondertoezichtstelling en verlenging machtiging tot uithuisplaatsing.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2020:9367:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking</para>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaakgegevens: C/10/602474 / JE RK 20-2338</para>
      <para>datum uitspraak: 28 september 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">beschikking verlenging ondertoezichtstelling en verlenging uithuisplaatsing</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond, hierna te noemen de GI, gevestigd te Rotterdam,</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam minderjarige] , geboren op [geboortedatum minderjarige] 2004 te ' [geboorteplaats minderjarige] , hierna te noemen [voornaam minderjarige] .</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam moeder] , hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats moeder] .</bridgehead>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop<?linebreak?></title>
    <para>Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen van de GI van 17 augustus 2020, ingekomen bij de griffie op 17 augustus 2020.</para>
    <parablock>
      <para>Op 28 september 2020 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. Gehoord zijn:</para>
    </parablock>
    <para>- de moeder,</para>
    <para>- een vertegenwoordigster van de GI, mw. [naam vertegenwoordigster] . </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De minderjarige [voornaam minderjarige] is in de gelegenheid gesteld haar mening kenbaar te maken. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De feiten</title>
    <para>Het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige] wordt uitgeoefend door de moeder.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [voornaam minderjarige] verblijft bij De Beele.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij beschikking van 22 oktober 2019 is [voornaam minderjarige] onder toezicht gesteld tot 22 oktober 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter heeft bij beschikking van 9 juli 2020 is de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder verlengd tot <?linebreak?>22 oktober 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het verzoek</title>
    <para>De GI heeft verzocht de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] te verlengen voor de duur van een jaar. Tevens wordt verzocht de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder te verlengen voor de duur van de ondertoezichtstelling.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <?linebreak?>De standpunten</title>
    <para>De GI heeft ter zitting het verzoek gehandhaafd en als volgt toegelicht. [voornaam minderjarige] heeft een belast verleden en zij heeft in het verleden forse problematiek vertoond. Sinds [voornaam minderjarige] bij De Beele is geplaatst laat zij een positieve ontwikkeling zien. Zij is eraan toe om door te stromen naar een vervolgplek, waar zij verder kan opgroeien en kan toewerken naar zelfstandigheid. [voornaam minderjarige] is hiervoor aangemeld bij Prokino, maar er is sprake van een lange wachtlijst. De moeder en [voornaam minderjarige] werken goed mee met de hulpverlening. De GI wil daarom zo spoedig mogelijk de ondertoezichtstelling afsluiten. Het is echter van belang dat er eerst zicht is op een passende vervolgplek. In verband met de wachtlijst bij Prokino zal Pameijer onderzoeken of zij [voornaam minderjarige] wellicht eerder een plek kunnen bieden.  </para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <?linebreak?>
    </title>
    <parablock>
      <para>De moeder heeft ter zitting ingestemd met het verzoek van de GI. De moeder en [voornaam minderjarige] hebben samen besloten dat het beter is als [voornaam minderjarige] niet meer thuis komt wonen.</para>
      <para />
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>De beoordeling</title>
    <parablock>
      <para>
        <?linebreak?>Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat [voornaam minderjarige] nog ernstig in haar ontwikkeling wordt bedreigd. [voornaam minderjarige] heeft forse gedragsproblemen vertoond. Sinds de plaatsing bij De Beele in oktober 2019 maakt zij echter een positieve ontwikkeling door. Alle betrokkenen zijn van oordeel dat een thuisplaatsing van [voornaam minderjarige] bij één van de ouders niet wenselijk is. [voornaam minderjarige] zal daarom op termijn doorstromen naar een voor haar passende vervolgplek, waar zij kan toewerken naar meer zelfstandigheid. Zij is aangemeld bij Prokino, maar in verband met de wachtlijstproblematiek is er geen zicht op een plek op korte termijn. Pameijer onderzoekt daarom de mogelijkheid voor een plaatsing aldaar. Tot er duidelijkheid bestaat over de vervolgplek van [voornaam minderjarige] , is het van belang dat de plaatsing bij De Beele wordt voortgezet. Om een terugval in oud gedrag te voorkomen en om ervoor te zorgen dat [voornaam minderjarige] gemotiveerd blijft, dient er wel zo spoedig mogelijk duidelijkheid te komen over haar toekomstperspectief. Een jeugdbeschermer dient betrokken te blijven om dit proces te begeleiden en te monitoren.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit voorgaande volgt dat is voldaan aan het wettelijke criterium genoemd in artikel 1:255 van het Burgerlijk Wetboek (BW). De kinderrechter zal daarom de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] verlengen voor de duur van twaalf maanden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold" />
      </para>
    </parablock>
    <para>Ook is de verlenging van de uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] noodzakelijk in het belang van de verzorging en opvoeding (artikel 1:265c, tweede lid, van het BW).  </para>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing<?linebreak?></title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <parablock>
      <para>verlengt de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] tot 22 oktober 2021;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder tot 22 oktober 2021;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 28 september 2020 door mr. F. Aukema-Hartog, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. R. Spaans als griffier. </para>
              <para />
              <para>De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 8 oktober 2020.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
              <para>-	door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,</para>
              <para>-	door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
              <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof<?linebreak?>Den Haag. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>