<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2020:8392</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-11-12T14:20:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-09-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-09-18</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10\750433-19 (vonnis ontneming)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:8392">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:8392</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-09-24T13:27:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-09-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2020:8392 Rechtbank Rotterdam , 18-09-2020 / 10\750433-19 (vonnis ontneming)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2020:8392:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Ontnemingszaak. Na veroordeling voor medeplegen van oplichting van (onder meer) Vodafone Ziggo; vaststelling van het wederrechtelijk verkregen voordeel op ruim 100.000 euro, door beide veroordeelden hoofdelijk te voldoen. Zie ook ECLI:NL:RBROT:2020:8248</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2020:8392:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <emphasis role="bold caps">Rechtbank Rotterdam</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>Team straf 2</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Parketnummer: 10\750433-19 (ontnemingszaak)<?linebreak?>Datum uitspraak: 18 september 2020</para>
    <para>Tegenspraak </para>
  </parablock>
  <section>
    <title>VONNIS (ontneming)</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>van de Rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, op de vordering als bedoeld in artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht van de officier van justitie in de zaak tegen de veroordeelde:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [naam veroordeelde] ,</title>
    <parablock>
      <para>geboren op [geboortedatum veroordeelde] te [geboorteplaats veroordeelde] ,</para>
      <para>ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres: <?linebreak?>[adres veroordeelde] , [postcode veroordeelde] [woonplaats veroordeelde]<?linebreak?>raadsvrouw mr. C. Willekes, advocaat te Amsterdam.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">ONDERZOEK OP DE TERECHTZITTING</emphasis>
      </para>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 4 september 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">VOORAFGAANDE VEROORDELING</emphasis>
      </para>
      <para>Bij vonnis van deze rechtbank van 18 september 2020 is de veroordeelde veroordeeld voor – kort gezegd – medeplegen van oplichting. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Van dat vonnis is een kopie als bijlage aan dit vonnis gehecht. Deze bijlage maakt deel uit van dit vonnis.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">VORDERING</emphasis>
      </para>
      <para>De vordering van de officier van justitie, mr. J.M. Bonnes, strekt tot het vaststellen van het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht wordt geschat op € 108.718,00 en tot het opleggen aan veroordeelde (en de medeveroordeelde) van de hoofdelijke verplichting tot betaling aan de Staat van een geldbedrag ter ontneming van dat geschatte voordeel van € 108.718,00.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vordering van de officier van justitie is gebaseerd op artikel 36e lid 1 en lid 2 van het Wetboek van Strafrecht. Zij betreft voordeel verkregen door middel van of uit de baten van het feit waarvoor de veroordeelde is veroordeeld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">VERWEREN</emphasis>
      </para>
      <para>De vordering is niet bestreden. Voor zover ten laste van de veroordeelde (of de medeveroordeelde) conservatoir beslag op een geldbedrag rust, is verzocht dat mee te wegen bij de vaststelling van de betalingsverplichting. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">STRAFBARE FEITEN WAAROP DE VOORDEELSBEREKENING IS GEBASEERD</emphasis>
      </para>
      <para>Blijkens het vonnis van 18 september 2020 is de veroordeelde veroordeeld ter zake van het medeplegen van oplichting gepleegd in de periode van 16 februari 2018 tot en met 9 januari 2020, waarbij VodafoneZiggo Group B.V. is bewogen tot afgifte van € 36.537,56 via [naam bedrijf 1] , € 11.408,00 via [naam bedrijf 2] en € 60.772,00 via [naam bedrijf 3] / [naam bedrijf 4] . In deze procedure wordt daarom als vaststaand aangenomen dat het feit door de veroordeelde is begaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">VASTSTELLING VAN HET WEDERRECHTELIJK VERKREGEN VOORDEEL</emphasis>
      </para>
      <para>Gebleken is dat de veroordeelde door middel van en uit de baten van het hiervoor vermelde strafbare feit wederrechtelijk voordeel heeft verkregen. Dit voordeel dient te worden ontnomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het voordeel dat de veroordeelde wederrechtelijk heeft verkregen wordt geschat op € 108.718,00.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze schatting is gegrond op de feiten en omstandigheden die zijn vervat in de inhoud van de wettige bewijsmiddelen. De bewijsmiddelen zullen in die gevallen waarin de wet aanvulling van het vonnis vereist, in een aan dit vonnis te hechten bijlage worden opgenomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">VASTSTELLING VAN HET TE BETALEN BEDRAG</emphasis>
      </para>
      <para>De veroordeelde heeft samen met de medeveroordeelde van het door hen samen gepleegde feit geprofiteerd. Het geld is vooral gebruikt voor het doen van (huishoudelijke) uitgaven voor het gezin. Het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt dan ook gezien als gemeenschappelijk voordeel, zodat zij voor de terugbetaling hoofdelijk aansprakelijk worden geacht. </para>
      <para>
        <?linebreak?>Feiten en omstandigheden waaruit volgt dat de veroordeelde thans geen draagkracht heeft en ook in de nabije toekomst naar redelijke verwachting geen draagkracht zal hebben, zijn niet gesteld of gebleken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal bepalen dat het gehele bedrag van het wederrechtelijk verkregen voordeel van € 108.718,00 door de veroordeelde en de medeveroordeelde hoofdelijk aan de Staat moet worden betaald. Van conservatoir beslag op een onder de veroordeelde of de medeveroordeelde inbeslaggenomen geldbedrag is niet gebleken, zodat het daarop gerichte verweer wordt verworpen.   </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij deze beslissing zijn in aanmerking genomen de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de veroordeelde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN</emphasis>
      </para>
      <para>Deze beslissing is gegrond op artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">BESLISSING</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- stelt het bedrag waarop het door de veroordeelde wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat, vast op € 108.718,- (zegge: éénhonderdachtduizendzevenhonderdachttien euro);</para>
    <para />
    <para>- legt aan de veroordeelde de hoofdelijke verplichting op tot betaling aan de Staat van <?linebreak?><emphasis role="bold">€ 108.718,- (zegge: éénhonderdachtduizendzevenhonderdachttien euro); </emphasis></para>
    <para />
    <para>- bepaalt de duur van de gijzeling die met toepassing van artikel 6:6:25 van het Wetboek van Strafvordering ten hoogste kan worden gevorderd op 500 dagen. </para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door:<?linebreak?>mr. V.F. Milders, voorzitter, </para>
      <para>en mrs. M.J.M. van Beckhoven en L. Stevens, rechters, </para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. M. van Empelen, griffier, </para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 18 september 2020.</para>
    </parablock>
  </section>
  <para />
  <para />
  <para />
  <section>
    <title>BIJLAGE: KOPIE VONNIS IN DE STRAFZAAK (ZIE ECLI:NL:RBROT:2020:8248)</title>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title />
    <parablock>
      <rs:para xmlns:rs="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" />
      <rs:para xmlns:rs="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" />
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>