<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2020:7080</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-08-13T07:32:10</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-08-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-07-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/597762 / JE RK 20-1570</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:7080">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:7080</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-08-13T07:31:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-08-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2020:7080 Rechtbank Rotterdam , 17-07-2020 / C/10/597762 / JE RK 20-1570</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2020:7080:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verlenging ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2020:7080:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking</para>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaakgegevens	: C/10/597762 / JE RK 20-1570</para>
      <para>datum uitspraak: 17 juli 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">beschikking verlenging ondertoezichtstelling en verlenging uithuisplaatsing</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de gecertificeerde instelling JEUGDBESCHERMING WEST, </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de GI, gevestigd te Gouda,</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam minderjarige] , geboren op [geboortedatum minderjarige] 2019 te [geboorteplaats minderjarige] , </bridgehead>
    <para>hierna te noemen [voornaam minderjarige] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam moeder] , </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats moeder] ,</para>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam pleegmoeder] , </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de pleegmoeder, wonende te [woonplaats pleegmoeder] ,</para>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam pleegvader] , </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de pleegvader, wonende te [woonplaats pleegvader] . </para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <para>Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen van de GI van 4 juni 2020, ingekomen bij de griffie op 5 juni 2020.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 17 juli 2020 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. </para>
      <para>Gehoord zijn:</para>
    </parablock>
    <para>- mr. P.R. van de Water, advocaat te Rotterdam, namens de moeder,</para>
    <para>- de pleegouders,</para>
    <para>- een vertegenwoordigster van de GI, mw. [naam vertegenwoordigster] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter heeft bijzondere toegang verleend aan mw. [naam persoon] , werkzaam bij Stichting Timon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Opgeroepen en niet verschenen zijn:</para>
    </parablock>
    <para>- de moeder.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De feiten<?linebreak?></title>
    <para>Het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige] wordt uitgeoefend door de moeder.</para>
    <parablock>
      <para>
        [voornaam minderjarige] woont bij de pleegouders.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij beschikking van 30 juli 2019 is [voornaam minderjarige] onder toezicht gesteld tot 30 juli 2020.</para>
      <para>De kinderrechter heeft bij beschikking van 9 januari 2020 de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een voorziening voor pleegzorg verlengd tot 30 juli 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het verzoek</title>
    <para>De GI heeft verzocht de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] te verlengen voor de duur van een jaar. De GI heeft daarnaast verzocht de uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een voorziening voor pleegzorg te verlengen voor de duur van de ondertoezichtstelling.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De GI handhaaft haar verzoek ter zitting en licht het als volgt toe. De GI heeft een verzoek tot onderzoek naar een gezagsbeëindigende maatregel bij de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad) ingediend. Het onderzoek is vanwege de coronamaatregelen nog niet gestart. De Raad verwacht in september 2020 te kunnen starten. Voor [voornaam minderjarige] is het nodig dat hij zijn plek in zijn huidige pleeggezin behoudt. De GI is van mening dat ter overbrugging van het onderzoek van de Raad de verlenging van de ondertoezichtstelling en de uithuisplaatsing noodzakelijk is. [voornaam minderjarige] is gehecht aan zijn pleegouders en ontwikkelt zich goed, hij krijgt bij hen de veiligheid, zorg en opvoeding die hij nodig heeft. De GI gaat ervan uit dat de moeder vanwege haar belaste verleden en wat zij heeft meegemaakt, niet in staat is binnen de aanvaardbare termijn de opvoeding en verzorging van [voornaam minderjarige] zelf te dragen. [voornaam minderjarige] heeft een bezoekregeling van eenmaal in de twee weken met zijn ouders. </para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>De standpunten</title>
    <para>Namens de moeder is opgemerkt dat de moeder het fijn vindt dat het goed gaat met [voornaam minderjarige] . Echter, de moeder wil graag zelf voor hem zorgen. De moeder vindt dat ondanks haar belaste voorgeschiedenis en het feit dat haar oudere kinderen uit huis zijn geplaatst, zij stappen vooruit heeft gemaakt. De moeder heeft geen psychoses meer. Zij woont begeleid bij Firmitas, waar het goed met haar gaat. Volgens de moeder is er binnen Firmitas ook een afdeling voor moeder en kind. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Volgens de pleegmoeder is [voornaam minderjarige] gebaat bij structuur en regelmaat. De pleegmoeder ziet dat de moeder veel van haar zoon houdt en tijdens de bezoeken haar best doet; zo is het laatste bezoek op de kinderboerderij positief verlopen. De pleegmoeder ziet echter ook dat de ouders het lastig vinden om tegemoet te komen aan de behoefte van [voornaam minderjarige] . [voornaam minderjarige] is een sensitief kind dat veel zorg en begeleiding nodig heeft. De pleegvader bevestigt dat [voornaam minderjarige] een lief kind is, maar dat hij het nodige vraagt van zijn opvoeders. De pleegouders vinden het belangrijk dat de ouders een plek in het leven van hun zoon behouden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Mevrouw [naam persoon] deelt desgevraagd mee dat zij de bezoeken tussen de ouders en [voornaam minderjarige] begeleidt. Hoewel de vader geen gezag heeft, is hij wel betrokken. De ouders hebben begeleide bezoeken met [voornaam minderjarige] op kantoor van pleegzorg of de GI in het bijzijn van een derde. In het verleden waren de bezoeken wekelijks. De frequentie is naar eenmaal in de twee weken gegaan omdat de ouders onvoldoende ontwikkeling lieten zien. Bij beide ouders is sprake van een beperking. De pleegouders staan open voor contact met de ouders en willen dat de ouders onderdeel blijven van het leven van [voornaam minderjarige] . Mevrouw [naam persoon] verwacht niet dat de moeder de zorg voor [voornaam minderjarige] zelf zou kunnen dragen. [voornaam minderjarige] is goed gehecht aan zijn pleegouders.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling</title>
    <para>Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting blijkt dat beide ouders kampen met persoonlijke, relationele en psychische problematiek. Zij houden veel van [voornaam minderjarige] , maar door hun problematiek kunnen zij hem tot op heden onvoldoende veiligheid en geborgenheid bieden. Beide ouders hebben een belast verleden en wonen apart van elkaar, en begeleid. Vanwege hun problematiek konden de ouders eerder evenmin voor hun twee oudere kinderen zorgen. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter stelt vast dat [voornaam minderjarige] al sinds hij drie dagen oud was in het pleeggezin woont, hij daar goed is gehecht en, zoals alle zeer jonge kinderen, gebaat is bij een rustige, voorspelbare en stabiele thuissituatie. Het pleeggezin vormt zijn vaste basis. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De moeder is eerder tegen de beschikking van de rechtbank van 9 januari 2020 terzake de verlenging uithuisplaatsing in beroep gegaan. Het hof heeft recent geoordeeld dat de moeder door haar beperkingen niet in staat is om [voornaam minderjarige] de zorg en opvoeding te geven die hij nodig heeft; de genoemde beschikking is bekrachtigd. De Raad zal binnenkort onderzoek doen naar de wenselijkheid van een gezagsbeëindigende maatregel van de moeder. In dit onderzoek kunnen beide ouders hun mening geven over de vraag wat zij in het belang van [voornaam minderjarige] vinden. In afwachting van de uitkomst van dit onderzoek, is het van belang dat [voornaam minderjarige] blijft waar hij nu is om datgene wat in het pleeggezin is opgebouwd niet te doorbreken. Zodra de bevindingen van de Raad bekend zijn, dient in beginsel daarnaar gehandeld te worden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het voorgaande volgt dat is voldaan aan het wettelijke criterium genoemd in artikel 1:255 van het Burgerlijk Wetboek (BW). De kinderrechter zal daarom de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] verlengen voor de duur van een jaar. Ook is de verlenging van de uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] noodzakelijk in het belang van zijn verzorging en opvoeding (artikel 1:265c, tweede lid, BW).</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verlengt de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] tot 30 juli 2021;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een voorziening voor pleegzorg tot 30 juli 2021;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 17 juli 2020 door mr. A.A.J. de Nijs, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. E.M. Borges Dias als griffier.</para>
              <para />
              <para>De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 3 augustus 2020.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
              <para>-	door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,</para>
              <para>-	door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
              <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof<?linebreak?>Den Haag. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>