<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2020:5812</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-07-13T09:00:27</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-07-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-07-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">8437147</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:5812">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:5812</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-07-06T12:49:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-07-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2020:5812 Rechtbank Rotterdam , 10-07-2020 / 8437147</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2020:5812:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Tussenvonnis. Uitlaten eiser in verzet. Punten zijn nog niet onderbouwd.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2020:5812:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 8437147 / CV EXPL 20-10762</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>uitspraak: 10 juli 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis in verzet van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam</emphasis>,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de naamloze vennootschap</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Evides N.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Rotterdam,</para>
      <para>eiseres,</para>
      <para>gedaagde in verzet,</para>
      <para>gemachtigde: Van Es Gerechtsdeurwaarders &amp; Incasseerders te Rotterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiseres]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats eiseres] ,</para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>eiseres in verzet,</para>
      <para>gemachtigde: mr. K. el Joghrafi te Hoogvliet Rotterdam.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna aangeduid als ‘Evides’ en ‘ [eiseres] ’.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1. </nr>Het verloop van de procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het inleidend exploot van dagvaarding met producties van 18 november 2019;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het verstekvonnis van 11 februari 2020;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het verzetexploot van 17 maart 2020;</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Evides heeft verzocht om uitstel voor het indienen van een conclusie, welk uitstelverzoek door de kantonrechter is goedgekeurd. Evides heeft daarop echter geen conclusie in het geding gebracht. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>De kantonrechter heeft de uitspraak van dit vonnis bepaald op heden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2. </nr>De vaststaande feiten</title>
    <para>Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend, dan wel niet of onvoldoende gemotiveerd weersproken, staat tussen partijen, voor zover van belang, het volgende vast.</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Evides levert drinkwater aan het woonadres van [eiseres] . [eiseres] is hiervoor een vergoeding verschuldigd aan Evides. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Evides brengt per periode van drie maanden een voorschotbedrag in rekening bij [eiseres] . Aan het einde van ieder verbruiksjaar vindt op basis van het verbruik van [eiseres] een eindafrekening plaats. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Bij onder zaaknummer 8266729 / CV EXPL 20-1714 gewezen verstekvonnis van 11 februari 2020 werd [eiseres] veroordeeld tot betaling aan Evides van € 451,99, vermeerderd met de wettelijke rente, en werd Evides gemachtigd tot opschorting van de levering van drinkwater aan [eiseres] , met veroordeling van [eiseres] in de kosten van het geding.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3. </nr>Het geschil</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Evides heeft, kort gezegd, bij (oorspronkelijke) dagvaarding gevorderd bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [eiseres] te veroordelen tot betaling van € 504,96, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 619,81, en Evides te machtigen de drinkwaterlevering op te schorten totdat [eiseres] heeft voldaan aan haar betalingsverplichtingen, met veroordeling van [eiseres] in de kosten van de procedure.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <parablock>
        <para>Aan haar vordering heeft Evides (zakelijk weergegeven) het volgende ten grondslag gelegd. [eiseres] heeft een betalingsachterstand laten ontstaan van € 619,81. Verder maakt [eiseres] aanspraak op de wettelijke rente over dat bedrag, die tot de dag van dagvaarding </para>
        <para>€ 6,54 bedraagt, en op een vergoeding voor buitengerechtelijke kosten, ter hoogte van </para>
        <para>€ 92,97. Na aanmaning heeft [eiseres] in totaal een bedrag van € 214,36 voldaan.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>
        [eiseres] heeft gevorderd haar te ontheffen van de bij voormeld verstekvonnis tegen haar uitgesproken veroordeling, en opnieuw rechtdoende, de vordering van Evides af te wijzen, met veroordeling van Evides in de kosten van beide instanties.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Daartoe heeft [eiseres] (zakelijk weergegeven) het volgende aangevoerd. [eiseres] erkent dat sprake is van een betalingsachterstand, maar betwist de hoogte ervan. [eiseres] heeft verder slechts eenmaal voorafgaand aan de procedure een aanmaning ontvangen, waarna zij een regeling heeft getroffen met Evides en uit hoofde daarvan betalingen heeft verricht. Afsluiting van de watertoevoer kan bovendien leiden tot een gevaarlijke situatie, gezien de medische gesteldheid van [eiseres] .</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4. </nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Evides heeft haar vorderingen bij dagvaarding onderbouwd. [eiseres] heeft hiertegen in haar verzetdagvaarding weliswaar op diverse punten verweer gevoerd, maar zij heeft haar verweer niet onderbouwd. De gemachtigde van [eiseres] heeft namelijk aangegeven dat zij nog niet over de benodigde informatie beschikt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>De kantonrechter stelt [eiseres] in de gelegenheid om haar verweer alsnog deugdelijk, waar mogelijk met behulp van stukken, te onderbouwen, in het bijzonder wat betreft de hoogte van de betalingsachterstand. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>In afwachting van de uitlating van [eiseres] houdt de kantonrechter iedere beslissing aan.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5. </nr>De beslissing</title>
    <para>De kantonrechter:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verwijst de zaak naar de rolzitting van donderdag 23 juli 2020 om 14:30 uur voor akte uitlaten door [eiseres] ;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de schriftelijke reactie van [eiseres] dient uiterlijk de dag voor de genoemde rolzitting om 12:00 op de griffie ontvangen te zijn.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. C.H. Kemp-Randewijk en uitgesproken ter openbare terechtzitting.</para>
      <para>33394</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>