<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2020:5199</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-06-16T10:20:47</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-06-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-06-08</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/597285 / JE RK 20-1472</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:5199">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:5199</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-06-16T10:20:22</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-06-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2020:5199 Rechtbank Rotterdam , 08-06-2020 / C/10/597285 / JE RK 20-1472</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2020:5199:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verzoek machtiging tot uithuisplaatsing, gewezen t.t.v. corona-maatregelen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2020:5199:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking</para>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaakgegevens: C/10/597285 / JE RK 20-1472</para>
      <para>datum uitspraak: 8 juni 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">beschikking uithuisplaatsing</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond, </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de GI, gevestigd te Rotterdam,</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam kind] , </bridgehead>
    <para>geboren op [geboortedatum kind] 2003 te [geboorteplaats kind] , hierna te noemen [naam kind] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam moeder] , </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats moeder] .</para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <para>Het procesverloop blijkt uit de beschikking van de kinderrechter in deze rechtbank van 27 mei 2020 en de daaraan ten grondslag liggende stukken.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vanwege het beleid van de Raad voor de rechtspraak om verspreiding van het coronavirus tegen te gaan, zoals dat sinds 16 maart 2020 op <emphasis role="underline">www.rechtspraak.nl</emphasis> is gepubliceerd, heeft er geen fysieke zitting plaatsgevonden. Gelet hierop heeft de kinderrechter de betrokkenen in de gelegenheid gesteld om telefonisch te worden gehoord.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 8 juni 2020 heeft de kinderrechter, in aanwezigheid van de griffier, [naam kind] afzonderlijk telefonisch gehoord en vervolgens in een groepsgesprek telefonisch gehoord:</para>
    </parablock>
    <para>- de moeder,</para>
    <para>- een vertegenwoordigster van de GI, [naam vertegenwoordigster] . </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter is van oordeel dat deze manier van horen – gelet op de huidige uitzonderlijke omstandigheden – in deze zaak voldoende is om tot een goed oordeel te komen en een beslissing te kunnen nemen, zonder verdere mondelinge behandeling.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De feiten<?linebreak?>Het ouderlijk gezag over [naam kind] wordt uitgeoefend door de moeder.</title>
    <para>
      [naam kind] woont bij de moeder.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij beschikking van 25 september 2019 is de ondertoezichtstelling van [naam kind] verlengd tot 13 oktober 2020. De kinderrechter heeft bij beschikking van 27 mei 2020 een spoedmachtiging tot uithuisplaatsing van [naam kind] in een accommodatie jeugdhulpaanbieder verleend voor de duur van vier weken, te weten tot 17 juni 2020. De beslissing voor het overig verzochte is aangehouden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het aangehouden verzoek</title>
    <para>De GI heeft een machtiging tot uithuisplaatsing van [naam kind] in een accommodatie jeugdhulpaanbieder verzocht voor de duur van de ondertoezichtstelling, te weten tot 13 oktober 2020.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De GI heeft het verzoek gehandhaafd en als volgt toegelicht. Op 24 mei 2020 is het tussen de moeder en [naam kind] thuis geëscaleerd, waardoor [naam kind] met spoed uit huis is geplaatst. [naam kind] is op een crisisopvang geplaatst. Sinds 28 mei 2020 woont [naam kind] weer bij de moeder, waar het goed lijkt te gaan. De moeder heeft aangegeven dat de maat vol is en dat het haar te veel is geworden. Er wordt voor [naam kind] naar een passende vervolgplek gekeken. Het perspectief van [naam kind] ligt vanwege de oplopende spanningen niet thuis. Ook buitenshuis gaat het niet goed en zijn er onregelmatigheden met [naam kind] in de omgang met anderen, waarbij door [naam kind] het gebruik van geweld niet wordt geschuwd. Het is belangrijk dat er voor [naam kind] een veilige en stabiele plek wordt gevonden, waar zij voor langere tijd kan verblijven. [naam kind] heeft een intakegesprek voor een beschermd wonen traject bij ZorgHoopLiefde gehad. [naam kind] hoort binnenkort of zij hier geplaatst kan worden. Zodra er voor [naam kind] een stabiele woonplek gevonden is, kan een multidimensionale familietherapie (MDFT) starten met therapie voor zowel [naam kind] als de moeder. [naam kind] zal ook binnenkort starten met emotieregulatie therapie bij Hulphond Nederland. </para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>Het standpunt van de moeder</title>
    <para>De moeder heeft aangegeven dat zij het moeilijk vindt om met [naam kind] om te gaan. De moeder wil niet dat [naam kind] op een open groep wordt geplaatst, waar zij na een jaar weer weg moet. Het is belangrijk dat [naam kind] rust en hulp krijgt. </para>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling</title>
    <para>Uit de overgelegde stukken en de telefonische behandeling ter zitting is gebleken dat de thuissituatie van [naam kind] bij de moeder niet langer houdbaar is. [naam kind] is zelfbepalend, accepteert het gezag van haar moeder niet en heeft moeite met het reguleren van haar emoties. Er is bij de moeder regelmatig sprake van escalaties in de thuissituatie, waarbij [naam kind] verbaal en fysiek agressief gedrag vertoont. Vanwege een escalatie tussen de moeder en [naam kind] is [naam kind] op 24 mei 2020 op een crisisopvang geplaatst. [naam kind] is door de crisisopvang op 28 mei 2020 naar huis gestuurd. [naam kind] woont nu weer bij de moeder. Het is noodzakelijk dat [naam kind] op korte termijn een stabiele woonplek vindt, waar een individueel hulpverleningstraject kan starten waarbij [naam kind] één op één begeleiding kan ontvangen. [naam kind] hoort binnenkort of zij kan verhuizen naar een beschermde woonplek bij ZorgHoopLiefde. De kinderrechter acht een uithuisplaatsing van [naam kind] noodzakelijk. Het is belangrijk dat er adequate hulpverlening voor haar wordt ingezet in de vorm van (in ieder geval) emotieregulatie en MDFT en dat er duidelijkheid komt over het perspectief van [naam kind] ; dit lijkt niet meer bij de moeder thuis te liggen. De komende periode zal [naam kind] begeleid moeten worden naar zelfstandigheid. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het voorgaande volgt dat de uithuisplaatsing van [naam kind] noodzakelijk is in het belang van de verzorging en de opvoeding als bedoeld in artikel 1:265b, eerste lid, Burgerlijk Wetboek. De kinderrechter zal daarom een machtiging tot uithuisplaatsing van [naam kind] verlenen voor de duur van de ondertoezichtstelling.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verleent een machtiging tot uithuisplaatsing van [naam kind] in een accommodatie jeugdhulpaanbieder tot 13 oktober 2020;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 8 juni 2020 door  mr. A. Verweij, kinderrechter, in tegenwoordigheid van I.E. Teunissen als griffier.</para>
              <para>De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 12 juni 2020.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
              <para />
              <para />
              <para />
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
              <para>-	door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,</para>
              <para>-	door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
              <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof<?linebreak?>Den Haag. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>