<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2020:3977</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-05-07T08:37:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-04-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-04-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/594280 / JE RK 20-917</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:3977">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:3977</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-05-07T08:36:40</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-05-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2020:3977 Rechtbank Rotterdam , 28-04-2020 / C/10/594280 / JE RK 20-917</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2020:3977:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Eerste ondertoezichtstelling, gewezen t.t.v. coronacrisis</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2020:3977:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking</para>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaakgegevens: C/10/594280 / JE RK 20-917</para>
      <para>datum uitspraak: 28 april 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">beschikking ondertoezichtstelling</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de Raad voor de Kinderbescherming Rotterdam, </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de Raad, gevestigd te Rotterdam,</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam minderjarige] , </bridgehead>
    <para>geboren op [geboortedatum minderjarige] 2019 te [geboorteplaats minderjarige] , hierna te noemen [voornaam minderjarige] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam moeder] , </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de moeder, wonende op een onbekend adres.</para>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop<?linebreak?></title>
    <para>Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen van de Raad van 1 april 2020, ingekomen bij de griffie op 2 april 2020</para>
    <parablock>
      <para>Vanwege het beleid van de Raad voor de rechtspraak om verspreiding van het coronavirus tegen te gaan, zoals dat op 16 maart 2020 op www.rechtspraak.nl is gepubliceerd, heeft er geen fysieke zitting plaatsgevonden. De kinderrechter heeft partijen in de gelegenheid gesteld om telefonisch te worden gehoord.</para>
      <para>Op 28 april 2020 heeft de kinderrechter telefonisch gehoord:</para>
    </parablock>
    <para>- de moeder,</para>
    <para>- een vertegenwoordiger van de Raad, dhr. [naam vertegenwoordiger] ,</para>
    <para>- een vertegenwoordigster van de gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting Jeugdbescherming &amp; Jeugdreclassering, hierna te noemen de GI, mw. [naam vertegenwoordigster] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ondanks diverse pogingen daartoe, is het de kinderrechter niet gelukt om in contact te komen met de vader, dhr. [naam vader] , opgeroepen als informant.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter is van oordeel dat deze manier van horen  – gelet op de huidige uitzonderlijke omstandigheden – op dit moment voldoende is om tot een goed oordeel te komen en zal daarom een beslissing nemen, zonder verdere mondelinge behandeling.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De feiten<?linebreak?></title>
    <para>Het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige] wordt uitgeoefend door de moeder.</para>
    <parablock>
      <para>
        [voornaam minderjarige] woont bij de moeder.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het verzoek<?linebreak?></title>
    <para>De Raad heeft de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] verzocht voor de duur van twaalf maanden.</para>
    <parablock>
      <para>De Raad heeft het verzoek ter zitting gehandhaafd en als volgt toegelicht. [voornaam minderjarige] groeit op in onduidelijke omstandigheden. De moeder is verwikkeld in ingewikkelde relaties met mannen. In afwachting van een eigen woning verblijft [voornaam minderjarige] noodgedwongen op verschillende plekken. De moeder heeft alle potentie om een goede moeder te zijn, maar het lukt haar niet om rustige omstandigheden voor haar kinderen te creëren. De moeder raakt geregeld in conflicten verzeild die hoog kunnen oplopen. Zo zijn de vader van [voornaam minderjarige] en haar toenmalige partner gedurende de bevalling vanwege een conflict het ziekenhuis uit gestuurd. Een ondertoezichtstelling is noodzakelijk om de moeder te helpen haar leven op korte termijn op orde te krijgen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De standpunten</title>
    <para>De GI heeft zich ter zitting aangesloten bij het verzoek van de Raad. De moeder heeft inmiddels een urgentieverklaring en reageert op woningen. Het ontbreekt [voornaam minderjarige] en haar broer nog aan onduidelijkheid en stabiliteit. De moeder heeft twee ex-partners in haar leven die voor conflicten en onrust zorgen. Er zijn geen signalen van onveiligheid bij de moeder thuis.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De moeder is het niet eens met het verzoek van de Raad. De moeder ziet geen zorgen. Daarnaast heeft de moeder slechte ervaringen met de GI. De GI heeft de oudste dochter van de moeder 15 jaar geleden uit haar leven gehaald. Om die reden wil de moeder niets meer met de GI te maken hebben. De moeder geeft aan geen contact meer te hebben met de vader van [voornaam minderjarige] .</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling<?linebreak?></title>
    <para>Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat [voornaam minderjarige] ernstig in haar ontwikkeling wordt bedreigd. [voornaam minderjarige] groeit op in een onduidelijke en instabiele opvoedsituatie. [voornaam minderjarige] is nog erg jong en kwetsbaar. Gebleken is dat het de moeder onvoldoende lukt om [voornaam minderjarige] voldoende voorspelbaarheid en stabiliteit te bieden. [voornaam minderjarige] heeft in haar korte leven al op verschillende plekken verbleven en zich in spanningsvolle situaties bevonden. Daarnaast is er onduidelijkheid over de huisvesting van moeder en haar verschillende relaties met mannen/verschillende vaders. [voornaam minderjarige] is gebaat bij een veilige, stabiele opvoedsituatie zonder spanningen. Een ondertoezichtstelling is noodzakelijk om de nodige hulpverlening voor de moeder in te zetten om structuur, stabiliteit en duidelijkheid te kunnen bieden en om zicht te krijgen op de emotionele en fysieke beschikbaarheid van de moeder. </para>
    <parablock>
      <para>Uit het voorgaande volgt dat is voldaan aan het wettelijke criterium genoemd in artikel 1:255 van het Burgerlijk Wetboek. De kinderrechter zal [voornaam minderjarige] daarom onder toezicht stellen voor de duur van twaalf maanden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter adviseert de jeugdbeschermer en de moeder om in gesprek te gaan over het oud zeer van de moeder betreffende haar oudste dochter in de hoop in de toekomst een constructieve samenwerking aan te kunnen gaan.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt [voornaam minderjarige] onder toezicht van de gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering, gevestigd te Amsterdam met ingang van 28 april 2020 tot 28 april 2021;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 28 april 2020 door mr. A.C. Enkelaar, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. M.C.J. Holierhoek als griffier. </para>
              <para />
              <para>De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
              <para />
              <para />
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
              <para>-	door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,</para>
              <para>-	door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
              <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof<?linebreak?>Den Haag. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>