<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2020:3595</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-04-20T14:24:40</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-04-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-04-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/593811 / JE RK 20-820 en C/10/593805 / JE RK 20-819</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:3595">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:3595</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-04-20T14:24:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-04-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2020:3595 Rechtbank Rotterdam , 02-04-2020 / C/10/593811 / JE RK 20-820 en C/10/593805 / JE RK 20-819</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2020:3595:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Machtiging tot uithuisplaatsing voor de duur van de voorlopige ondertoezichtstelling. Gewezen ten tijde van corona-maatregelen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2020:3595:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking</para>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaakgegevens: C/10/593811 / JE RK 20-820 en C/10/593805 / JE RK 20-819</para>
      <para>datum uitspraak: 2 april 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">beschikking uithuisplaatsing</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de Raad voor de Kinderbescherming Rotterdam-Dordrecht, </bridgehead>
    <parablock>
      <para>hierna te noemen de Raad,</para>
      <para>gevestigd te Rotterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende</para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [naam minderjarige]
      </emphasis>, geboren op [geboortedatum minderjarige] 2003 te [geboorteplaats minderjarige] , </para>
    <para>hierna te noemen [voornaam minderjarige] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:</para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [naam moeder]
      </emphasis>, hierna te noemen de moeder,</para>
    <para>wonende te België .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als informanten aan:</para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [naam vader]
      </emphasis>, hierna te noemen de vader,</para>
    <para>wonende te [woonplaats vader] ,</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam grootvader]
        </emphasis>, hierna te noemen de grootvader van moederszijde (grootvader mz),</para>
      <para>wonende te [woonplaats grootvader] .</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <para>Het procesverloop blijkt uit het verzoek met bijlagen van de Raad van 25 maart 2020, ingekomen bij de griffie op 25 maart 2020.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 2 april 2020 zou de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandelen. </para>
      <para>Omdat in verband met het COVID-19 virus de rechtbanken slechts zeer beperkt toegankelijk zijn, zijn betrokkenen in de gelegenheid gesteld om telefonisch gehoord te worden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Telefonisch gehoord zijn:</para>
    </parablock>
    <para>- [voornaam minderjarige] , die voorafgaand aan de zitting apart is gehoord,</para>
    <para>- de moeder,</para>
    <para>- een vertegenwoordiger van de Raad, dhr. [naam vertegenwoordiger] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vertegenwoordigster van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond (hierna: de GI), mw. [naam vertegenwoordigster] , en de grootvader mz waren niet bereikbaar om telefonisch gehoord te worden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vader heeft telefonisch te kennen gegeven geen deel te willen nemen aan het gelijktijdig telefonisch horen van alle partijen.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>De feiten</title>
    <para>Het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige] wordt uitgeoefend door de moeder.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [voornaam minderjarige] verblijft bij de grootvader mz.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij beschikking van 24 maart 2020 is [voornaam minderjarige] voorlopig onder toezicht gesteld tot 24 juni 2020. Ook is [voornaam minderjarige] bij deze beschikking uit huis geplaatst in een accommodatie jeugdhulpaanbieder (crisisopvang)voor de duur van vier weken. De beslissing omtrent het overige is aangehouden.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>Het verzoek</title>
    <para>Thans dient te worden beslist of de uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie jeugdhulpaanbieder dient te worden voortgezet tot 24 juni 2020.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Raad handhaaft ter zitting het verzoek. [voornaam minderjarige] is 16 jaar en bewandelt het verkeerde pad. Op 25 maart 2020 is [voornaam minderjarige] in een auto gezien bij een man bij wie een meisje van die leeftijd niet behoort te zijn. Ook is zij moeilijk bereikbaar voor de hulpverlening en weigert zij in de crisisopvang te verblijven. Daarnaast leeft [voornaam minderjarige] in een omgeving waar onenigheid is tussen de volwassenen om haar heen. Het is van belang dat iemand de verantwoordelijkheid voor [voornaam minderjarige] gaat dragen. Er bestaan twijfels of een plaatsing bij grootvader mz de juiste plek is voor [voornaam minderjarige] . De moeder woont echter in België en de vader staat niet open voor een samenwerking met de grootvader mz. De GI dient met [voornaam minderjarige] in gesprek te gaan zodat er toegewerkt kan worden naar verandering.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>Het standpunt van de moeder</title>
    <para>De moeder verzet zich ter zitting niet tegen het verzoek van de Raad. De moeder is wel van mening dat een plaatsing van [voornaam minderjarige] in een gesloten jeugdhulpinstelling momenteel meer passend voor haar is. Het is belangrijk dat [voornaam minderjarige] op een veilige plek verblijft zodat zij zichzelf kan ontwikkelen en niet onder druk staat. De crisisopvang betreft echter geen veilige plek voor [voornaam minderjarige] omdat zij daarvan kan weglopen, wat zij ook zegt te zullen doen. Het is verschrikkelijk dat [voornaam minderjarige] nu ook met verschillende mannen in contact is. </para>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling</title>
    <para>Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat er al langere tijd zorgen bestaan over de ontwikkeling van [voornaam minderjarige] . De grootvader mz lijkt onvoldoende gezag te kunnen uitoefenen over [voornaam minderjarige] om haar gedrag adequaat bij te sturen. [voornaam minderjarige] vertoont zelfbepalend gedrag. Het is onduidelijk waar zij op welk moment verblijft, bij welke personen en onder welke omstandigheden, waardoor er onvoldoende zicht is op haar veiligheid. Daarnaast groeit [voornaam minderjarige] op in een omgeving waarin de volwassenen om haar heen niet op één lijn zitten. De moeder en de grootvader mz, de moeder en de vader, en de vader en de grootvader mz spreken niet met elkaar. Het is daarom van belang dat zowel [voornaam minderjarige] meewerkt met de hulpverlening als ook de volwassenen om haar heen samenwerken in het belang van een goede ontwikkeling van [voornaam minderjarige] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit voorgaande volgt dat de uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] noodzakelijk is in het belang van de verzorging en de opvoeding (artikel 1:265b, eerste lid, Burgerlijk Wetboek). De kinderrechter zal de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] verlengen voor de duur van de voorlopige ondertoezichtstelling.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op de omstandigheid dat het onderzoek van de Raad nog niet is afgerond, zal de kinderrechter de behandeling van het verzoek tot een definitieve ondertoezichtstelling aanhouden tot na te noemen datum. De Raad wordt verzocht om tijdig voor die zittingsdatum de kinderrechter de definitieve rapportage te doen toekomen.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie jeugdhulpaanbieder tot 24 juni 2020;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>en alvorens verder te beslissen omtrent de definitieve ondertoezichtstelling:</title>
    <para>houdt de beslissing voor het overig verzochte aan en bepaalt dat het verhoor van de Raad, de GI en de belanghebbende in deze zaak zal plaatsvinden op <emphasis role="bold">9 juni 2020 om 15:00 uur;</emphasis></para>
    <para />
    <parablock>
      <para>de zaak zal op voornoemde datum en tijdstip, behoudens onvoorziene omstandigheden, worden behandeld door mr. M.P. van der Stroom, kinderrechter;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>vanwege de landelijke maatregelen die zijn genomen tegen de verspreiding van het coronavirus (COVID-19) zal er naar verwachting geen fysieke zitting in het gerechtsgebouw te Rotterdam, Wilhelminaplein 100/125 plaatsvinden, maar zullen betrokkenen op voornoemd tijdstip telefonisch gehoord worden; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verzoekt de Raad om vóór 4 juni 2020 aan de griffie schriftelijk de telefoonnummers van de GI, de belanghebbende, de informanten en [voornaam minderjarige] te verstrekken; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat een afschrift van deze beschikking geldt als oproeping van de Raad, de GI en de belanghebbende;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>gelast de oproeping van de informanten en de minderjarige [voornaam minderjarige] ;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verzoekt de Raad <emphasis role="bold underline">uiterlijk twee weken</emphasis> voor de genoemde datum de kinderrechter de raadsrapportage te doen toekomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is gegeven door mr. M.P. van der Stroom, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. C.N. Arduin als griffier en in het openbaar uitgesproken op 2 april 2020.</para>
              <para>De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 16 april 2020.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
              <para>-	door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,</para>
              <para>-	door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
              <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof<?linebreak?>Den Haag. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>