<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2020:12533</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-01-11T14:39:01</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-01-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-12-24</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10/700331-20</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:12533">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:12533</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-01-11T14:36:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-01-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2020:12533 Rechtbank Rotterdam , 24-12-2020 / 10/700331-20</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2020:12533:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Veroordeling tot een gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk in combinatie met bijzondere voorwaarden en met een proeftijd van 2 jaren. Beslissingen ten aanzien van de vorderingen tot schadevergoeding.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2020:12533:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">Rechtbank Rotterdam</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team straf 1</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 10/700331-20</para>
      <para>Datum uitspraak: 24 december 2020</para>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboorteplaats verdachte] op [geboortedatum verdachte] , </para>
      <para>ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres:</para>
      <para>
        [adres verdachte] ,</para>
      <para>ten tijde van het onderzoek op de terechtzitting preventief gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting Krimpen aan den IJssel, </para>
      <para>raadsvrouw mr. T. Arkesteijn, advocaat te Rotterdam.</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1. </nr>Onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para>Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 11 december 2020.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2. </nr>Tenlastelegging</title>
    <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3. </nr>Eis officier van justitie</title>
    <para>De officier van justitie mr. N. van der Meij heeft gevorderd:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>bewezenverklaring van het ten laste gelegde;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren en met oplegging van de door de reclassering geadviseerde bijzondere voorwaarden met uitzondering van het locatiegebod.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4. </nr>Waardering van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Bewezenverklaring zonder nadere motivering</emphasis>
        </para>
        <para>Het ten laste gelegde is door de verdachte bekend. Dit feit zal zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Bewezenverklaring</emphasis>
        </para>
        <para>In bijlage II heeft de rechtbank een opgave gedaan van wettige bewijsmiddelen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Met deze opgave wordt volstaan, nu de verdachte het bewezen verklaarde heeft bekend en geen verweer is gevoerd dat strekt tot vrijspraak. Op grond daarvan is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>hij op 29 mei 2020 te Rotterdam,</para>
        <para>tezamen en in vereniging met  anderen, op de</para>
        <para>openbare weg, te weten de kruising van de Enk met  de Kortedreef,</para>
        <para>met het oogmerk van wederrechtelijke  <emphasis role="italic">toe-eigening </emphasis>heeft weggenomen</para>
      </parablock>
      <para>- een schoudertasje en</para>
      <para>- een kentekenbewijs en</para>
      <para>- een rijbewijs en</para>
      <para>- een pinpas en</para>
      <para>- drie telefoons en</para>
      <para>- sleutels en</para>
      <para>- geld en</para>
      <para>- een voertuig met kenteken [kentekennummer] en</para>
      <para>- een hoeveelheid lachgasflessen,</para>
      <parablock>
        <para> toebehorende aan [naam slachtoffer]</para>
        <para>en [naam] ,</para>
        <para>welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld  van geweld</para>
        <para>en bedreiging met geweld tegen die [naam slachtoffer] , gepleegd met het oogmerk</para>
        <para>om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken welk geweld en welke bedreiging met geweld</para>
        <para>bestonden uit het</para>
      </parablock>
      <para>- tonen  van en of richten op die [naam slachtoffer] van een (op een)</para>
      <para>  vuurwapen (gelijkend voorwerp) en</para>
      <para>- slaan in het gezicht van die [naam slachtoffer] met dat (op een) vuurwapen</para>
      <para>  (gelijkend voorwerp) en</para>
      <para>- vastpakken en meeslepen van die [naam slachtoffer] en</para>
      <para>- slaan en schoppen van die [naam slachtoffer] en</para>
      <para>- lostrekken van dat schoudertasje.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5. </nr>Strafbaarheid feit</title>
    <para>Het bewezen feit levert op:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd op de openbare weg en door twee of meer verenigde personen.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is dus strafbaar.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6. </nr>Strafbaarheid verdachte</title>
    <para>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte is dus strafbaar.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7. </nr>Motivering straf</title>
    <paragroup>
      <nr>7.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Algemene overweging</emphasis>
        </para>
        <para>De straf die aan de verdachte wordt opgelegd, is gegrond op de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Feit waarop de straf is gebaseerd</emphasis>
        </para>
        <para>De verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan een gewelddadige beroving op straat van een lachgasverkoper. Het slachtoffer is midden in de nacht naar een parkeerplaats gelokt. Er was sprake van een vooropgezet plan. Tijdens de beroving is gebruik gemaakt van een (op een) vuurwapen (gelijkend voorwerp). Daarnaast is fysiek geweld toegepast. Uiteindelijk zijn de verdachte en zijn mededaders er met de buit vandoor gegaan. De ervaring leert dat slachtoffers van een beroving met geweld overlast en financiële schade ondervinden en daarvan bovendien gedurende lange tijd nadelige psychische gevolgen ervaren. Bovendien is er in dit geval ook nog sprake van (beperkt) fysiek letsel. De verdachte heeft dit alles op de koop toe genomen en blijkbaar alleen gedacht aan zijn eigen (financiële) belangen. De rechtbank rekent dit de verdachte zwaar aan.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.3.</nr>
      <para>
        <emphasis role="underline">Persoonlijke omstandigheden van de verdachte</emphasis>
      </para>
      <paragroup>
        <nr>7.3.1.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Strafblad</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie van 23 november 2020, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor strafbare feiten.</para>
        </parablock>
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>7.3.2.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Reclasseringsadvies</emphasis>
          </para>
          <para>Reclassering Nederland heeft een advies over de verdachte opgemaakt, gedateerd 18 september 2020. Dit rapport houdt onder meer het volgende in. Het overlijden van de vader van de verdachte heeft voor een neerwaartse spiraal gezorgd. Om met het verlies van zijn vader om te gaan, vluchtte de verdachte in (excessief) middelengebruik. De verdachte ontvangt veel steun van zijn familie, maar het lukt hem niet om zelfstandig zijn eigen leven te organiseren en zich uit zijn negatieve netwerk los te weken. Andere risicofactoren zijn dagbesteding en financiën. De reclassering verwacht dat het opleggen van reclasseringstoezicht beschermend kan werken en de verdachte zal helpen bij positieve ontwikkelingen in zijn leven. Het herhalingsgevaar wordt als hoog ingeschat.</para>
          <para>De reclassering adviseert om bij een veroordeling een (deels) voorwaardelijke straf met de onderstaande bijzondere voorwaarden op te leggen:</para>
        </parablock>
        <itemizedlist mark="-">
          <listitem>
            <para>meldplicht bij de reclassering;</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>ambulante begeleiding en behandeling door Stichting Humanitas Homerun;</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>contactverbod met de medeverdachten;</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>locatiegebod (met elektronische controle);</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>andere voorwaarden het gedrag betreffende, te weten een zinvolle vorm van dagbesteding.</para>
          </listitem>
        </itemizedlist>
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.4.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Conclusies van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Gelet op hetgeen de rechtbank hierboven heeft overwogen, komt zij tot de volgende conclusies.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Gezien de ernst van het feit kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een gevangenisstraf. De rechtbank overweegt dat sprake is van medeplegen. Daarnaast heeft het strafbare feit zich ’s nachts afgespeeld en is er fors geweld met onder meer een (nep)vuurwapen toegepast, hetgeen strafverhogend werkt. Bij de bepaling van de duur van de gevangenis¬straf heeft de recht¬bank gelet op straffen die in soortgelijke zaken worden opgelegd, die in het algemeen hoog zijn, maar lager dan door de officier van justitie geëist. De rechtbank neemt ook in aanmerking dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor strafbare feiten. De verdachte wordt daarom aangemerkt als zogenaamde first offender, zodat zijn strafblad geen strafverhogend effect heeft. Daarbij komt dat de verdachte verantwoordelijkheid voor zijn daden heeft genomen en zowel bij de politie als ter zitting openheid van zaken heeft gegeven. De rechtbank houdt hier in strafmatigende zin rekening mee. Tot slot houdt de rechtbank rekening met de jonge leeftijd van de verdachte. Anders dan de raadsvrouw ziet de rechtbank geen aanleiding om een straf gelijk aan het voorarrest dan wel een (voorwaardelijke) taakstraf op te leggen, omdat de ernst van het feit zich daartoe niet leent. Dat alles betekent dat een gevangenisstraf van 18 maanden wordt opgelegd. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Nu de reclassering begeleiding en bijzondere voorwaarden noodzakelijk acht en de verdachte kenbaar heeft gemaakt hieraan te willen meewerken, zal de rechtbank een deel van de voorgenomen straf voorwaardelijk opleggen, met de voorwaarden die hierna worden genoemd. Het voorwaardelijk strafdeel van zes maanden dient er ook toe de verdachte ervan te weerhouden in de toekomst opnieuw strafbare feiten te plegen. Met de officier van justitie ziet de rechtbank geen aanleiding om als bijzondere voorwaarde een locatiegebod met elektronische controle op te leggen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Alles afwegend acht de rechtbank de hierna te noemen straf passend en geboden.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8. </nr>Vorderingen benadeelde partijen/schadevergoedingsmaatregelen</title>
    <para>Als benadeelde partij heeft zich in het geding gevoegd [naam benadeelde 1] . De benadeelde partij vordert een vergoeding van € 1.224,04 aan materiële schade en een vergoeding van € 5.000,00 aan immateriële schade.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Als benadeelde partij heeft zich verder in het geding gevoegd [naam benadeelde 2] . De benadeelde partij vordert een vergoeding van € 39.850,00 aan materiële schade.</para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>8.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Standpunt officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft ten aanzien van de vordering van de benadeelde partij [naam benadeelde 1] geconcludeerd tot toewijzing van de materiële schade en tot toewijzing van de immateriële schade tot een bedrag van € 3.500,00, vermeerderd met de wettelijke</para>
        <para>rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek</para>
        <para>van Strafrecht. Zij heeft verder geconcludeerd dat de rechtbank de verdachte en zijn medeverdachten hoofdelijk aansprakelijk zal stellen voor de geleden schade.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de vordering van de benadeelde partij [naam benadeelde 2] , omdat de onderbouwing van de vordering ontbreekt.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Standpunt verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsvrouw heeft verzocht om de gevorderde immateriële schadevergoeding van de benadeelde partij [naam benadeelde 1] te matigen en om de vordering van de benadeelde partij [naam benadeelde 2] af te wijzen, omdat de vordering niet is onderbouwd.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.3.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Beoordeling en conclusie</emphasis>
        </para>
        <para>Vaststaat dat aan de benadeelde partij [naam benadeelde 1] door het bewezen verklaarde strafbare feit rechtstreeks (materiële en immateriële) schade is toegebracht. Omdat de gevorderde materiële schadevergoeding ook niet door de verdachte is weersproken, zal de materiële schadevergoeding van € 1.224,04 worden toegewezen. </para>
        <para>Op basis van de gebleken feiten en omstandigheden stelt de rechtbank de immateriële schade naar billijkheid vast op een bedrag van € 3.500,00. Daarbij is aansluiting gezocht bij bedragen aan immateriële schadevergoeding die in soortgelijke zaken worden toegewezen.</para>
        <para>Het overige deel van de gevorderde immateriële schadevergoeding acht de rechtbank onvoldoende onderbouwd. Nader onderzoek hiernaar levert een onevenredige belasting van het strafgeding op, zodat de benadeelde partij [naam benadeelde 1] in dat deel van de vordering niet-ontvankelijk zal worden verklaard. Dit deel van de vordering kan slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verder staat vast dat aan de benadeelde partij [naam benadeelde 2] door het bewezen verklaarde strafbare feit, rechtstreeks (materiële) schade is toegebracht. De rechtbank schat de omvang van de schade ten aanzien van de weggenomen lachgasflessen op in totaal € 550,00 (9x € 50,00 en 1x € 100,00).</para>
        <para>Het overige deel van de gevorderde materiële schadevergoeding acht de rechtbank onvoldoende onderbouwd. Nader onderzoek hiernaar levert een onevenredige belasting van het strafgeding op, zodat de benadeelde partij [naam benadeelde 2] in dat deel van de vordering niet-ontvankelijk zal worden verklaard. Dit deel van de vordering kan slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De verdachte dient aldus de benadeelde partij [naam benadeelde 1] een schadevergoeding te betalen</para>
        <para>van € 4.724,04 en de benadeelde partij [naam benadeelde 2] een schadevergoeding te betalen van € 550,00.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Nu de verdachte het strafbare feit ter zake waarvan schadevergoeding zal worden toegekend samen met mededaders heeft gepleegd, zijn zij daarvoor ieder hoofdelijk aansprakelijk. Indien en voor zover de mededaders de benadeelde partijen [naam benadeelde 1] en [naam benadeelde 2] betalen is de verdachte in zoverre jegens de benadeelde partijen van deze betalingsverplichting bevrijd.  <?linebreak?></para>
        <para>De benadeelde partijen [naam benadeelde 1] en [naam benadeelde 2] hebben gevorderd het te vergoeden bedrag te vermeerderen met wettelijke rente. De rechtbank bepaalt dat het te vergoeden schadebedrag vermeerderd wordt met wettelijke rente vanaf 29 mei 2020.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Nu de vorderingen van de benadeelde partijen [naam benadeelde 1] en [naam benadeelde 2] (gedeeltelijk) zullen worden toegewezen, zal de verdachte worden veroordeeld in de kosten door de benadeelde partijen gemaakt, tot op heden begroot op nihil en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9. </nr>Toepasselijke wettelijke voorschriften</title>
    <para>Gelet is op de artikelen 14a, 14b, 14c, 36f en 312 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>10. </nr>Bijlagen</title>
    <para>De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>11. </nr>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart bewezen, dat de verdachte het ten laste gelegde feit, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert het hiervoor vermelde strafbare feit;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de verdachte strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf voor de duur van 18 (achttien) maanden;</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat van deze gevangenisstraf een gedeelte, groot <emphasis role="bold">6 (zes) maanden</emphasis> niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verbindt hieraan een proeftijd, die wordt gesteld op 2 jaren;  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tenuitvoerlegging kan worden gelast als de veroordeelde de algemene voorwaarde niet naleeft en ook als de veroordeelde gedurende de proeftijd een bijzondere voorwaarde niet naleeft of een voorwaarde die daaraan van rechtswege is verbonden;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt als algemene voorwaarde:</para>
      <para>de veroordeelde zal zich vóór het einde van de proeftijd niet aan een strafbaar feit schuldig maken;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt als bijzondere voorwaarden:</para>
    </parablock>
    <para>1. de veroordeelde zal zich binnen drie werkdagen na detentie en daarna melden bij Reclassering Nederland op het adres Marconistraat 2, 3029 AK te Rotterdam (telefoonnummer 088-8041302), zolang en frequent als de reclassering noodzakelijk acht;</para>
    <para>2. de veroordeelde laat zich begeleiden en behandelen door Stichting Humanitas Homerun, door De Waag of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering. De behandeling duurt de gehele proeftijd of zoveel korter als de reclassering nodig acht. De veroordeelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling;</para>
    <para>3. de veroordeelde zal op geen enkele wijze contact (laten) opnemen, zoeken of hebben met [naam medeverdachte 1] , geboren op [geboortedatum medeverdachte 1] te [geboorteplaats medeverdachte 1] , </para>
    <parablock>
      <para>
        [naam medeverdachte 2] , geboren op [geboortedatum medeverdachte 2] te [geboorteplaats medeverdachte 2] ,</para>
      <para>
        [naam medeverdachte 3] , geboren op [geboortedatum medeverdachte 3] te [geboorteplaats medeverdachte 3] , zolang het Openbaar Ministerie dit nodig acht. De politie ziet toe op handhaving van dit contactverbod;</para>
    </parablock>
    <para>4. de veroordeelde zorgt voor een zinvolle vorm van dagbesteding in de vorm van het volgen van onderwijs, een dagbestedingstraject of een betaalde baan;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verstaat dat van rechtswege de volgende voorwaarden zijn verbonden aan de hierboven genoemde bijzondere voorwaarden:</para>
    </parablock>
    <para>- de veroordeelde zal ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verlenen aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbieden;</para>
    <para>- de veroordeelde zal medewerking verlenen aan reclasseringstoezicht, daaronder begrepen de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>geeft aan genoemde reclasseringsinstelling opdracht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover deze tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt de verdachte hoofdelijk met diens mededaders, op die wijze dat indien een betaalt de ander zal zijn bevrijd, om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de benadeelde partij [naam benadeelde 1] , te betalen een bedrag van <emphasis role="bold">€ 4.724,04 (zegge: vierduizendzevenhonderdvierentwintig euro en vier eurocent)</emphasis>, bestaande uit € 1.224,04 aan materiële schade en € 3.500,00 aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 29 mei 2020 tot aan de dag der algehele voldoening;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de benadeelde partij [naam benadeelde 1] niet-ontvankelijk in het resterende deel van de vordering; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat dit deel van de vordering slechts kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt de verdachte in de proceskosten door de benadeelde partij [naam benadeelde 1] gemaakt, tot op heden aan de zijde van de benadeelde partij begroot op nihil en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>legt aan de verdachte de <emphasis role="bold">maatregel tot schadevergoeding</emphasis> op, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [naam benadeelde 1] te betalen <emphasis role="bold">€ 4.724,04 (hoofdsom, zegge: vierduizendzevenhonderdvierentwintig euro en vier eurocent)</emphasis>, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 mei 2020 tot aan de dag van de algehele voldoening;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van € 4.724,04 niet mogelijk blijkt, <emphasis role="bold">gijzeling</emphasis> kan worden toegepast voor de duur van <emphasis role="bold">57 dagen</emphasis>;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verstaat dat betaling aan de benadeelde partij [naam benadeelde 1] , waaronder begrepen betaling door zijn mededaders, tevens geldt als betaling aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij en omgekeerd;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt de verdachte hoofdelijk met diens mededaders, op die wijze dat indien de een betaalt de ander zal zijn bevrijd, om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de benadeelde partij [naam benadeelde 2] , te betalen een bedrag van <emphasis role="bold">€ 550,00 (zegge: vijfhonderdvijftig euro)</emphasis>, bestaande uit materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 29 mei 2020 tot aan de dag der algehele voldoening;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de benadeelde partij [naam benadeelde 2] niet-ontvankelijk in het resterende deel van de vordering; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat dit deel van de vordering slechts kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt de verdachte in de proceskosten door de benadeelde partij [naam benadeelde 2] gemaakt, tot op heden aan de zijde van de benadeelde partij begroot op nihil en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>legt aan de verdachte de <emphasis role="bold">maatregel tot schadevergoeding</emphasis> op, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [naam benadeelde 2] te betalen <emphasis role="bold">€ 550,00</emphasis> (hoofdsom, <emphasis role="bold">zegge: vijfhonderdvijftig euro</emphasis>), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 mei 2020 tot aan de dag van de algehele voldoening; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van € 550,00 niet mogelijk blijkt, <emphasis role="bold">gijzeling</emphasis> kan worden toegepast voor de duur van <emphasis role="bold">11 dagen</emphasis>; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verstaat dat betaling aan de benadeelde partij [naam benadeelde 2] , waaronder begrepen betaling door zijn mededaders, tevens geldt als betaling aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij en omgekeerd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door:</para>
      <para>mr. F.A. Hut, voorzitter,</para>
      <para>en mrs. E. Rabbie en R.H. Kroon, rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. D. Sengezken, griffier,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 24 december 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De oudste en jongste rechter en de griffier zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bijlage I </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Tekst tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 29 mei 2020 te Rotterdam,</para>
      <para>tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, op de</para>
      <para>openbare weg, te weten (de kruising van) de Enk (met) en/of de Kortedreef,</para>
      <para>met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen</para>
    </parablock>
    <para>- een schoudertasje en/of</para>
    <para>- een kentekenbewijs en/of</para>
    <para>- een rijbewijs en/of</para>
    <para>- een pinpas en/of</para>
    <para>- drie, althans een of meer, telefoon(s) en/of</para>
    <para>- een of meer sleutel(s) en/of</para>
    <para>- geld en/of</para>
    <para>- een voertuig / bus (met kenteken [kentekennummer] ) en/of</para>
    <para>- een hoeveelheid lachgasflessen,</para>
    <parablock>
      <para>in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam slachtoffer] en/of</para>
      <para>
        [naam] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn</para>
      <para>mededader(s),</para>
      <para>welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld</para>
      <para>en/of bedreiging met geweld tegen die [naam slachtoffer] , gepleegd met het oogmerk</para>
      <para>om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij</para>
      <para>betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan (een) andere deelnemer(s) van</para>
      <para>voormeld misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het</para>
      <para>gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld</para>
      <para>bestond(en) uit het</para>
    </parablock>
    <para>- tonen en/of voorhouden van en of richten op die [naam slachtoffer] van een (op een)</para>
    <para>  vuurwapen (gelijkend voorwerp) en/of</para>
    <para>- slaan in het gezicht van die [naam slachtoffer] met een/dat (op een) vuurwapen</para>
    <para>  (gelijkend voorwerp) en/of</para>
    <para>- vastpakken en/of meeslepen van die [naam slachtoffer] en/of</para>
    <para>- slaan en/of schoppen van die [naam slachtoffer] en/of</para>
    <para>- ( los)rukken en/of (los)trekken van/aan dat schoudertasje;</para>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>