<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2020:11872</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-12-21T10:21:06</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-12-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-12-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10/680101-20</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:11872">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:11872</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-12-21T10:20:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-12-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2020:11872 Rechtbank Rotterdam , 11-12-2020 / 10/680101-20</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2020:11872:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Artikel 26 WWM. Vrijspraak voor het bezit van een vuurwapen en munitie. De verdachte heeft het zodanig kortstondig vastgehad dat daaruit niet zijn beschikkingsmacht kan worden afgeleid.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2020:11872:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">Rechtbank Rotterdam</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team straf 2</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 10/680101-20</para>
      <para>Datum uitspraak: 11 december 2020</para>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum verdachte] te [geboorteplaats verdachte] ( [geboorteland verdachte] ),</para>
      <para>niet ingeschreven in de basisregistratie personen,</para>
      <para>zonder bekende feitelijke woon- of verblijfplaats,</para>
      <para>gemachtigd raadsvrouw mr. S. Koster, advocaat te Amsterdam.</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1. </nr>Onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para>Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 27 november 2020.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2. </nr>Tenlastelegging</title>
    <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3. </nr>Eis officier van justitie</title>
    <para>De officier van justitie mr. H.H. Balk heeft gevorderd:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>bewezenverklaring van het ten laste gelegde feit;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 maanden waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren, met aftrek van voorarrest.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4. </nr>Vrijspraak</title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Standpunt officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>Op het vuurwapen is DNA van de verdachte aangetroffen. Hij heeft verklaard dat de medeverdachte [naam medeverdachte] (hierna: [naam medeverdachte] ) een wapen had en dat hij dat een keer heeft vastgehouden. Omdat [naam medeverdachte] het wapen na 9 oktober 2020 heeft aangeschaft, is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte dat in de tenlastegelegde periode voorhanden heeft gehad. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Beoordeling</emphasis>
        <?linebreak?>De rechtbank gaat uit van het volgende. De verdachte en [naam medeverdachte] zijn op 31 december 2019 in een auto staande gehouden. Bij [naam medeverdachte] is toen in de broeksband een vuurwapen met bijbehorende munitie aangetroffen. DNA-onderzoek naar sporen op het vuurwapen heeft een match met de verdachte opgeleverd. Hij heeft verklaard dat [naam medeverdachte] hem het wapen heeft laten zien en dat hij het vervolgens even heeft vastgehouden en de kogels eruit heeft gehaald.<?linebreak?></para>
      <para>Anders dan de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat daarmee niet kan worden gezegd dat de verdachte in straftrechtelijke zin het vuurwapen en de munitie voorhanden heeft gehad. Uit zijn verklaring blijkt dat de verdachte in een auto onverwacht is geconfronteerd met het wapen van [naam medeverdachte] en dat hij dat vervolgens kortstondig in handen heeft gehad. Onder die omstandigheden heeft de verdachte daarvan redelijkerwijs niet direct afstand kunnen nemen. Uit deze handelingen kan niet de beschikkingsmacht van de verdachte over het vuurwapen en de munitie worden afgeleid. Het dossier biedt daarvoor ook verder geen aanknopingspunten. Dit betekent dat niet wettig en overtuigend bewezen is dat de verdachte het vuurwapen en de munitie voorhanden heeft gehad. Hij zal daarom worden vrijgesproken. </para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5. </nr>Bijlagen</title>
    <para>De in dit vonnis genoemde bijlage maakt deel uit van dit vonnis.</para>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6. </nr>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart niet bewezen, dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door:</para>
      <para>mr. V.F. Milders, voorzitter,</para>
      <para>en mrs. W.M. Stolk en L. Stevens, rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. J.M. Erasmus, griffier,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De griffier is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Bijlage I </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Tekst tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 31 december 2019, althans in of omstreeks de periode van</para>
      <para>1 oktober 2019 tot en met 31 december 2019, te Dordrecht, althans in Nederland,</para>
      <para>tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,</para>
      <para>een wapen als bedoeld in artikel 2 lid 1 Categorie III onder 1 van de Wet</para>
      <para>wapens en munitie, te weten een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3 van</para>
      <para>die wet in de vorm van een pistool van het merk CZ, type 75 P-07, kaliber 9</para>
      <para>mm, met daarbij voor dat wapen geschikte munitie,</para>
      <para>voorhanden heeft gehad;</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>