<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2020:10267</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-11-18T12:00:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-11-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-11-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">8651828 CV EXPL 20-24683</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:10267">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2020:10267</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-11-16T12:23:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-11-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2020:10267 Rechtbank Rotterdam , 13-11-2020 / 8651828 CV EXPL 20-24683</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2020:10267:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Huur, ter zitting hebben partijen een regeling getroffen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2020:10267:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para>zaaknummer: 8651828 CV EXPL 20-24683</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>uitspraak: 13 november 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam,</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [eiseres]
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold"> ,</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>eiseres, </para>
      <para>gemachtigde: mr. E.A.J.M. van de Wijngaard,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde] ,</emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [woonplaats] , </para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>gemachtigde: mr. M.E. Aalders.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna aangeduid als ‘ [eiseres] ’ en ‘ [gedaagde] ’.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1. </nr>Het verloop van de procedure</title>
    <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>de dagvaarding van 13 juli 2020, met producties;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de conclusie van antwoord;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>het tussenvonnis van 28 september 2020 waarin een mondelinge behandeling is bepaald;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>het e-mailbericht van 22 oktober 2020 met bijlage van de zijde van [eiseres] ;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de aantekeningen van de mondelinge behandeling die is gehouden op 29 oktober 2020.</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het vonnis is bepaald op heden. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2. </nr>De vaststaande feiten</title>
    <para>Als enerzijds gesteld en anderzijds niet weersproken, staat het volgende tussen partijen vast.</para>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>
        [gedaagde] huurt van [eiseres] de woning aan de [adres] te Schiedam, tegen een huurprijs van laatstelijk € 551,78 per maand, welk bedrag bij vooruitbetaling dient te worden voldaan. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>In de betaling van de huur is een achterstand ontstaan.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3. </nr>Het geschil</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>
        [eiseres] vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:</para>
      <orderedlist numeration="loweralpha">
        <listitem>
          <para>ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van het gehuurde;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>betaling van een bedrag van € 2.129,44, vermeerderd met de wettelijke rente over de openstaande maandbedragen vanaf de dag van dagvaarding tot aan de dag van algehele voldoening;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>betaling van een bedrag van € 551,78 per maand of een gedeelte daarvan vanaf 1 augustus 2020 tot aan de dag van daadwerkelijke ontruiming;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>betaling van de kosten van deze procedure.</para>
        </listitem>
      </orderedlist>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>Het door [eiseres] gevorderde bedrag van € 2.129,44 bestaat uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>€ 1.727,78 aan achterstallige huurpenningen tot en met juli 2020;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>€ 381,18 aan buitengerechtelijke kosten;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>€ 20,48 aan vervallen wettelijke rente. </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>
        [eiseres] heeft nakoming van de huurovereenkomst aan haar vordering tot betaling van de huurpenningen ten grondslag gelegd. [gedaagde] is op grond van de huurovereenkomst verplicht de maandelijkse huur te betalen. Hij is deze verplichting niet volledig nagekomen, waardoor een huurachterstand is ontstaan. [eiseres] wil de overeenkomst daarom ontbinden en de woning ontruimen. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <para>
        [gedaagde] is het niet eens met de vordering van [eiseres] . Hij voert - kort samengevat - het volgende aan. Het klopt dat er een huurachterstand is ontstaan. Er was sprake van financiële en persoonlijke omstandigheden waardoor hij tijdelijk geen inkomsten had en de huur niet meer betaald kon worden. [gedaagde] wil graag in overleg treden met [eiseres] om een betalingsregeling te treffen zodat hij in de woning kan blijven. </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4. </nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>Tijdens de mondelinge behandeling hebben partijen overeenstemming bereikt over een betalingsregeling. Afgesproken is dat [gedaagde] ter afwikkeling van het geschil naast de lopende huur € 4.763,03 in totaal aan [eiseres] zal betalen. Dit bedrag bestaat uit de huurachterstand, de wettelijke rente, de buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten. Uiterlijk 5 november 2020 zal [gedaagde] € 2.000,- aflossen. Het restant van € 2.763,03 zal in 12 maandelijkse termijnen van elk € 230,25 afgelost worden, voor het eerst uiterlijk op 1 december 2020 en vervolgens telkens op de eerste dag van iedere daarop volgende maand.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>Partijen hebben de kantonrechter verzocht om deze afspraak op te nemen in een vonnis. De kantonrechter ziet geen aanleiding om dit verzoek niet in te willigen. De kantonrechter zal dus een veroordeling uitspreken overeenkomstig de regeling die partijen met elkaar hebben getroffen.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>De huurachterstand bedraagt meer dan zes maanden. Dit rechtvaardigt in beginsel ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van het gehuurde. De kantonrechter zal – conform de afspraken die partijen te zitting met elkaar hebben gemaakt - de vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van het gehuurde slechts toewijzen voor zover [gedaagde] niet aan voornoemde betalingsverplichtingen voldoet. </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5. </nr>De beslissing</title>
    <para>De kantonrechter<emphasis role="bold">:</emphasis></para>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt [gedaagde] aan [eiseres] te betalen een bedrag van € 4.763,03 in totaal;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>staat [gedaagde] toe om dit bedrag naast de lopende huur aan [eiseres] te betalen middels een aanbetaling van € 2.000,- uiterlijk op 5 november 2020, en vervolgens 12 maandelijkse termijnen van € 230,25, voor het eerst uiterlijk op 1 december 2020 en vervolgens telkens op de eerste dag van iedere daarop volgende maand;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">en bovendien, maar alléén voor het geval [gedaagde] deze betalingsverplichtingen of zijn verplichting om de lopende huur te betalen niet behoorlijk nakomt:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat het ingevolge dit vonnis verschuldigde (restant)bedrag onmiddellijk en ineens opeisbaar zal zijn;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>ontbindt de huurovereenkomst tussen partijen en veroordeelt [gedaagde] om het gehuurde te ontruimen met alle personen en zaken die zich vanwege [gedaagde] daar bevinden en het gehuurde onder overgave van de sleutels ter beschikking aan [eiseres] te stellen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart dit vonnis ten aanzien van de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst af het meer of anders gevorderde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. S.H. Poiesz en uitgesproken ter openbare terechtzitting.</para>
      <para>43416</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>