<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2019:9921</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T06:16:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-12-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-12-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/584605 / JE RK 19-3246</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>FJR 2020/27.11</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2019:9921">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2019:9921</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-12-17T13:25:25</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-12-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2019:9921 Rechtbank Rotterdam , 11-12-2019 / C/10/584605 / JE RK 19-3246</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2019:9921:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De kinderrechter ziet in het tot nu toe uitblijven van adequate hulp en begeleiding van de GI aanleiding de ondertoezichtstelling voor een kortere duur dan verzocht te verlengen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2019:9921:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking</para>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaakgegevens: C/10/584605 / JE RK 19-3246</para>
      <para>datum uitspraak: 11 december 2019</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">beschikking verlenging ondertoezichtstelling</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond, </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de GI, gevestigd te Rotterdam,</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam minderjarige] , </bridgehead>
    <para>geboren op [geboortedatum minderjarige] 2006 te [geboorteplaats minderjarige] , hierna te noemen [voornaam minderjarige] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam moeder] , </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats] ,</para>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam vader] , </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de vader, wonende te [woonplaats] .</para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <para>Het procesverloop blijkt uit de volgende stukken:</para>
    <para>- het verzoekschrift met bijlagen van de GI van 25 oktober 2019, ingekomen bij de griffie op 29 oktober 2019,</para>
    <para>- het verweerschrift van de moeder van 8 december 2019, ingediend door mr. M.E. Hoogenraad, ingekomen bij de griffie op 9 december 2019.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 11 december 2019 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. </para>
      <para>Gehoord zijn:</para>
    </parablock>
    <para>- de moeder, bijgestaan door haar advocaat mr. M.E. Hoogenraad,</para>
    <para>- de vader, bijgestaan door zijn advocaat mr. G.A. Soebhag,<?linebreak?>- een vertegenwoordiger van de GI, dhr. [naam vertegenwoordiger GI] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [voornaam minderjarige] is in de gelegenheid gesteld haar mening kenbaar te maken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De feiten</title>
    <para>Het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige] wordt uitgeoefend door de ouders.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <?linebreak?>
    </title>
    <para>
      [voornaam minderjarige] woont bij de moeder.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij beschikking van 14 februari 2019 is de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] verlengd tot </para>
      <para>27 december 2019.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>Het verzoek</title>
    <parablock>
      <para>De GI heeft verzocht de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] te verlengen voor de duur van één jaar.</para>
      <para>De GI handhaaft het verzoek ter zitting en licht het als volgt toe. De omgang tussen [voornaam minderjarige] en de vader moet snel op gang worden gebracht. De moeder heeft hiervoor zelfstandig hulp gevraagd bij het wijkteam, maar de hulpvraag is te ingewikkeld voor het wijkteam. De GI wil gesprekken met de ouders en [voornaam minderjarige] gaan voeren.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>De standpunten</title>
    <para>Door en namens de moeder wordt ter zitting naar voren gebracht dat de moeder teleurgesteld is in de GI. Als de GI hulpverlening had ingezet, had [voornaam minderjarige] haar vader al lang kunnen zien. De moeder is niet tegen de omgang, maar heeft begeleiding nodig om de omgang tussen [voornaam minderjarige] en de vader vorm te geven. De moeder heeft het wijkteam benaderd. Er staat een gesprek bij het wijkteam gepland op 7 januari 2020 om de hulpvraag te bespreken. Daarnaast is de moeder bereid om op korte termijn, na de feestdagen, een omgangsmoment te plannen. Verzocht wordt om de verlenging van de ondertoezichtstelling af te wijzen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Door en namens de vader wordt ter zitting naar voren gebracht dat [voornaam minderjarige] in haar ontwikkeling wordt bedreigd, omdat zij geen contact heeft met de vader. Verzocht wordt om de ondertoezichtstelling voor een beperkte duur toe te wijzen. </para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling</title>
    <para>Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting blijkt dat [voornaam minderjarige] nog onveranderd in haar ontwikkeling wordt bedreigd. Er is sprake van een verstoorde communicatie tussen de ouders. Zij zijn niet in staat om gezamenlijk afspraken te maken over de omgangsregeling, met als gevolg dat [voornaam minderjarige] haar vader al lange tijd niet heeft gezien. Daarbij komt dat de GI het afgelopen jaar geen hulp heeft ingezet. De huidige vaste jeugdbeschermer is ziek. De vader is op 29 mei 2019 een familierechtelijke procedure gestart welke pas op 13 januari 2020 ter zitting zal worden behandeld.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Desgevraagd zijn beide ouders ter zitting akkoord gegaan met een omgangsmoment op 2 januari 2020 om 17:00 uur bij de [naam locatie] in Vlaardingen. Dhr. [naam vertegenwoordiger GI] van de GI zal hierbij aanwezig zijn om de omgang te begeleiden. De kinderrechter ziet dit als een belangrijke stap in de goede richting. De moeder verdient een compliment dat zij deze voor haar grote stap heeft gemaakt. Ook de heer [naam vertegenwoordiger GI] verdient een compliment dat hij hieraan op deze wijze zijn medewering verleent. De kinderrechter is van oordeel dat de inzet van een (vaste) jeugdbeschermer vooralsnog noodzakelijk is om de omgang tussen [voornaam minderjarige] en de vader op gang te brengen zodat de bedreiging in haar ontwikkeling wordt weggenomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter ziet in het tot nu toe uitblijven van adequate hulp en begeleiding van de GI, waarvoor ter zitting overigens excuses zijn aangeboden, aanleiding de ondertoezichtstelling voor een kortere duur dan verzocht te verlengen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het voorgaande volgt dat is voldaan aan het wettelijke criterium genoemd in artikel 1:255 van het Burgerlijk Wetboek. De kinderrechter zal de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] verlengen voor de duur van drie maanden en het overige verzochte aanhouden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voorts overweegt de kinderrechter het volgende.</para>
      <para>Zowel de ouders als de GI hebben ter zitting positief gereageerd op het door de kinderrechter geopperde idee een bijzondere curator voor [voornaam minderjarige] te benoemen. De kinderrechter zal daartoe op dit moment echter niet overgaan, nu [voornaam minderjarige] binnenkort haar vader zal zien en de omgang wellicht daarna op gang zal komen.  </para>
      <para>Ter zitting van de familierechter op 13 januari 2020 kan zo nodig opnieuw aan de orde komen of de benoeming van een bijzondere curator kan bijdragen aan het verder op gang komen van omgang tussen [voornaam minderjarige] en de vader. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verlengt de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] tot 27 maart 2020;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>en alvorens verder te beslissen:</title>
    <para>houdt de beslissing voor het overige verzochte aan en bepaalt dat het verhoor van de GI en belanghebbenden in deze zaak zal plaatsvinden op <emphasis role="bold">16 maart 2020 om 14:00 uur </emphasis>in het gerechtsgebouw te <emphasis role="bold">Rotterdam, Wilhelminaplein 100/125</emphasis>;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>de zaak zal op genoemde datum en tijdstip, behoudens onvoorziene omstandigheden, worden behandeld door mr. M.J.M. Marseille, kinderrechter;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat een afschrift van deze beschikking geldt als oproeping van de GI en de belanghebbenden;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>gelast de oproeping van de minderjarige [voornaam minderjarige] ;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verzoekt de GI uiterlijk twee weken voor de genoemde datum aan de kinderrechter de briefrapportage over de laatste stand van zaken te doen toekomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 11 december 2019 door mr. M.J.M. Marseille, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. L.M. Ruijgrok als griffier. De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 12 december 2019.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
              <para />
              <para />
              <para />
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
              <para>-	door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,</para>
              <para>-	door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
              <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof<?linebreak?>Den Haag. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>