<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2019:6440</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-08-15T13:02:57</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-08-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-04-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">KTN-7386216_25042019</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Dordrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2019:6440">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2019:6440</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-08-15T13:01:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-08-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2019:6440 Rechtbank Rotterdam , 25-04-2019 / KTN-7386216_25042019</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2019:6440:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>ontbreken gespecificeerde nota incassokosten (tussenvonnis)</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2019:6440:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 7386216 \ CV EXPL  18-7954</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>uitspraak: 25 april 2019</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de kantonrechter, zitting houdende te Dordrecht</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">STEDIN NETBEHEER B.V.</emphasis>, <?linebreak?>gevestigd te Rotterdam,</para>
      <para>eiseres,</para>
      <para>gemachtigde: Flanderijn Incasso Gerechtsdeurwaarders,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">MULDER EUROPE B.V.</emphasis>, <?linebreak?>gevestigd te Dordrecht,</para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>vertegenwoordigd door: J.A.M. van der Wiel.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna aangeduid als “Stedin” en “Mulder”. <?linebreak?></para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van de procedure</title>
    <para>Het verloop van de procedure volgt uit het volgende:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het exploot van dagvaarding van 27 november 2018, met producties;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de conclusie van antwoord, met producties;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de akte uitlating tevens houdende vermindering van eis, met één productie;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de antwoordakte van Mulder. <?linebreak?></para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>De uitspraak van het vonnis is nader bepaald op heden. </para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De vaststaande feiten</title>
    <para>Uitgegaan wordt van de volgende feiten:</para>
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>Stedin is aangewezen als netbeheerder voor elektriciteit en gas in onder andere de provincie Zuid-Holland. Afname van elektriciteit en gas kan in deze regio alleen plaatsvinden door gebruik te maken van een aansluiting van Stedin.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Tussen partijen is een overeenkomst (hierna: de overeenkomst) tot stand gekomen betreffende het in stand houden van de aansluiting en/of transport van elektriciteit en/of gas naar en/of van het punt waarop de installatie van Mulder op het net van Stedin is aangesloten ( [adres] ). Op deze overeenkomst zijn de algemene voorwaarden voor aansluiting en transport elektriciteit en gas (hierna: de algemene voorwaarden) van toepassing.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>In de algemene voorwaarden is onder meer het volgende opgenomen:<?linebreak?>Artikel 16 […]<?linebreak?>1. Alle bedragen die de afnemer ingevolge deze algemene voorwaarden verschuldigd is, brengt de netbeheerder hem door middel van een gespecificeerde nota in rekening.<?linebreak?>2. Een nota dient te zijn voldaan binnen veertien dagen na dagtekening. […]</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para>3. <emphasis role="bold">De vordering, de grondslag en het verweer</emphasis></para>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Stedin heeft – na vermindering van eis – gevorderd om bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, Mulder te veroordelen tot betaling aan haar van: </para>
      <orderedlist numeration="lowerroman">
        <listitem>
          <para>primair een bedrag van € 3.132,87;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>subsidiair een bedrag van € 880,-;</para>
        </listitem>
      </orderedlist>
      <para>met veroordeling van Mulder in de proceskosten.  <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <parablock>
        <para>Tegen de achtergrond van de vaststaande feiten heeft Stedin aan haar eis het volgende ten grondslag gelegd. Mulder is uit hoofde van de overeenkomst gehouden tot betaling van de bedragen voor het activeren, in stand houden, uitbreiden, wijzigen, vervangen, verplaatsen, deactiveren en wegnemen van de aansluiting en meetinrichting alsmede voor het transport. Mulder is in gebreke is gebleven met de tijdige betaling van facturen die op grond van de algemene voorwaarden binnen twee weken na notadatum hadden moeten zijn voldaan, zodat Mulder een bedrag van € 3.132,87 verschuldigd is aan buitengerechtelijke incassokosten.<?linebreak?>Stedin heeft haar vordering als volgt gespecificeerd:</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">notanummer	notadatum	vervaldatum aanm.	ontvangst betaling	incassokosten</emphasis>
        </para>
        <para>
          [notanummer 1]	5 november 2015	4 december 2015	17 december 2015	€     40,00<?linebreak?><emphasis role="italic"> in mindering voldaan		                             -/- 	€     40,00</emphasis></para>
        <para>
          [notanummer 2]	11 november 2015	10 december 2015	17 december 2015	€   231,36</para>
        <para>
          <emphasis role="italic"> in mindering voldaan		                             -/- 	€   231,36</emphasis>
        </para>
        <para>
          [notanummer 3]	8 december 2015	6 januari 2016	11 januari 2016	€     40,00</para>
        <para>
          [notanummer 4]	9 december 2015	7 januari 2016	11 januari 2016	€   236,37</para>
        <para>
          [notanummer 5]	7 januari 2016	5 februari 2016	11 februari 2016	€     40,00</para>
        <para>
          [notanummer 6]	8 januari 2016	8 februari 2016	11 februari 2016	€   236,18<?linebreak?>[notanummer 7]	4 maart 2016	4 april 2016	12 april 2016	€     40,00</para>
        <para>
          [notanummer 8]	9 maart 2016	7 april 2016	12 april 2016	€   267,71</para>
        <para>
          [notanummer 9]	8 juni 2016	7 juli 2016	8 juli 2016	€   245,66</para>
        <para>
          [notanummer 10]	8 juni 2016	7 juli 2016	8 juli 2016	€     40,00   </para>
        <para>
          [notanummer 11]	8 juli 2016	8 augustus 2016	11 augustus 2016	€   239,59</para>
        <para>
          [notanummer 12]	7 juli 2016	5 augustus 2016	11 augustus 2016	€     40,00</para>
        <para>
          [notanummer 13]	6 oktober 2016	4 november 2017	29 maart 2017	€     40,00 <?linebreak?>[notanummer 14]	7 oktober 2016	7 november 2016	9 november 2016	€   259,39</para>
        <para>
          [notanummer 15]	8 november 2016	7 december 2016	9 december 2016	€     40,00</para>
        <para>
          [notanummer 16]	8 december 2016	6 januari 2017	9 januari 2017	€   267,07</para>
        <para>
          [notanummer 17]	8 december 2016	6 januari 2017	16 januari 2017	€     40,00<?linebreak?>[notanummer 18]	7 april 2017	12 mei 2017	19 mei 2017	€   220,13</para>
        <para>
          [notanummer 19]	5 februari 2017	9 maart 2017	27 maart 2017	€     40,00</para>
        <para>
          [notanummer 20]	6 januari 2017	6 februari 2017	21 februari 2017	€   270,96</para>
        <para>
          [notanummer 21]	2 februari 2017	31 januari 2017	29 maart 2017	€     40,00 </para>
        <para>
          [notanummer 22]	6 februari 2017	10 maart 2017	29 maart 2017	€   255,54</para>
        <para>
          [notanummer 23]	5 mei 2017	8 juni 2017	15 juni 2017	€   194,27</para>
        <para>
          <emphasis role="underline">
            [notanummer 24]	5 mei 2017	8 juni 2017	15 juni 2017	€     40,00  +</emphasis>
          <?linebreak?>Totaal:				€ 3.132,87</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Subsidiair is Mulder op grond van artikel 6:96 lid 4 BW een bedrag van € 880,- (22 maal € 40,00) verschuldigd. <?linebreak?></para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Mulder heeft geconcludeerd tot afwijzing van de vordering. Zij heeft daartoe – kort gezegd – aangevoerd dat zij van Stedin ten aanzien van de gevorderde bedragen, ondanks herhaalde verzoeken, nimmer een gespecificeerde nota heeft ontvangen.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling van het geschil</title>
    <para>De kantonrechter acht het gewenst de zaak met partijen te bespreken. Daarbij kunnen partijen de nodige informatie verstrekken. Daartoe wordt een comparitie van partijen gelast. De comparitie van partijen zal tevens worden benut voor het beproeven van een minnelijke regeling.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Alle bescheiden die op de zaak betrekking (kunnen) hebben en die nog niet in het geding zijn gebracht, dienen door de partij die deze ter gelegenheid van de comparitie ter sprake wil brengen aan de kantonrechter en aan de wederpartij te worden toegezonden op een zodanige wijze dat die stukken uiterlijk een week voor de te houden comparitie van partijen in het bezit zijn van de kantonrechter en de wederpartij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen dienen in persoon ter zitting te verschijnen of zij moeten ter zitting worden vertegenwoordigd door een persoon die op de hoogte is van de feiten met betrekking tot de onderhavige vordering. Deze vertegenwoordiger moet schriftelijk gemachtigd zijn, ook tot het treffen van een minnelijke regeling.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uitstel dient schriftelijk en gemotiveerd te worden verzocht binnen een week na ontvangst van dit vonnis. Ook moet worden vermeld of de wederpartij instemt met het uitstel. In het uitstelverzoek moeten voorts zowel de eigen verhinderdata als de verhinderdata van de wederpartij worden vermeld. Indien de partij die het uitstelverzoek doet met de wederpartij niet in contact heeft kunnen komen, dient deze te vermelden welke pogingen daartoe zijn ondernomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zolang op het uitstelverzoek niet is beslist moet er van worden uitgegaan dat de zitting gewoon doorgang zal vinden op de hierna vastgestelde datum.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter wijst partijen er op dat het niet verschijnen ter zitting in het nadeel van de niet verschijnende partij kan worden uitgelegd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para>De kantonrechter, </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>alvorens verder te beslissen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat partijen (in persoon of behoorlijk vertegenwoordigd en desgewenst met haar gemachtigde) op <emphasis role="bold">woensdag 5 juni 2019 om 15:30 uur</emphasis> dienen te verschijnen ter zitting van de hierna vermelde kantonrechter. De zitting zal plaatsvinden in het gerechtsgebouw te Dordrecht, Steegoversloot 36. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. G.A.F.M. Wouters en uitgesproken ter openbare terechtzitting.</para>
      <para>590</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>