<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2019:5922</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-07-25T08:16:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-07-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-05-15</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10/680463-17</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#raadkamer">Raadkamer</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2019:5922">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2019:5922</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-07-25T08:15:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-07-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2019:5922 Rechtbank Rotterdam , 15-05-2019 / 10/680463-17</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2019:5922:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>vordering tot concretisering van de voorwaarden betreffende het gedrag van de ter beschikking gestelde</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2019:5922:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold caps">Rechtbank Rotterdam</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team straf 2</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 10/680463-17</para>
      <para>Datum uitspraak: 15 mei 2019</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Beslissing van de rechtbank Rotterdam, raadkamer voor strafzaken, met betrekking tot de terbeschikkingstelling van <?linebreak?></para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam ter beschikking gestelde]
        </emphasis> (de ter beschikking gestelde), <?linebreak?>geboren te [geboorteplaats ter beschikking gestelde] op [geboortedatum ter beschikking gestelde] </para>
      <para>verblijvende in de Penitentiaire Inrichting Rotterdam, locatie De Schie, te Rotterdam</para>
      <para>raadsvrouw mr. J.P.M. Castelein, advocaat te Dordrecht. </para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Inleiding</title>
    <parablock>
      <para>Bij vonnis van deze rechtbank van 20 april 2018 is - onder meer - de terbeschikkingstelling van [naam ter beschikking gestelde] gelast en daarbij zijn voorwaarden gesteld betreffende het gedrag. <?linebreak?></para>
      <para>De terbeschikkingstelling is gelast ter zake van:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>met iemand beneden de leeftijd van twaalf jaren handelingen plegen die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, terwijl de schuldige het feit begaat tegen een aan zijn zorg of waakzaamheid toevertrouwde minderjarige, meermalen gepleegd;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen, begaan tegen een aan zijn zorg of waakzaamheid toevertrouwde minderjarige, meermalen gepleegd; en</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>het vervaardigen en in bezit hebben van kinderpornografie, meermalen gepleegd. </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>De datum van voorwaardelijke invrijheidsstelling van de ter beschikking gestelde is in beginsel gelegen op 27 oktober 2019, waarna de termijn van de terbeschikkingstelling zal aanvangen.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>2</nr>Procesverloop </title>
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft op 15 april 2019 van de ter beschikking gestelde een vordering tot concretisering van de voorwaarden betreffende het gedrag van de ter beschikking gestelde ontvangen (artikel 38, vijfde lid, van het Wetboek van Strafrecht). </para>
      <para>Bij die vordering is het advies van Reclassering Nederland gedateerd op 1 april 2019 gevoegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vordering is op de openbare zitting van 15 mei 2019 behandeld. De officier van justitie, mr. J.B. Berton, de ter beschikking gestelde, bijgestaan door zijn raadsvrouw, en als deskundige [naam deskundige] , werkzaam bij Reclassering Nederland (hierna: de reclassering), zijn gehoord.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Advies</title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Advies reclassering</emphasis>
      </para>
      <para>De reclassering adviseert de bij vonnis van 20 april 2018 aan de ter beschikking gestelde onder 3. opgelegde voorwaarde - inhoudende een behandelverplichting - te wijzigen. De reclassering heeft bij het IFZ een aanvraag gedaan voor indicatiestelling van de instelling waar de ter beschikking gestelde behandeld dient te worden. Het IFZ heeft vervolgens een indicatie afgegeven voor een FPK, in plaats van de in de onder 3. opgenomen voorwaarde ‘<emphasis role="italic">nader te bepalen instelling zoals bijvoorbeeld een FPA dan wel een soortgelijke instelling of een nader te bepalen instelling</emphasis>’. Gelet hierop dient de voorwaarde te worden gewijzigd, zodat de ter beschikking gestelde in een FPK kan worden opgenomen en behandeld.  </para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Standpunt van partijen</title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft geconcludeerd tot wijziging van de voorwaarde, zoals door de reclassering is geadviseerd. </para>
      <para>
        <emphasis role="underline">Standpunt van de ter beschikking gestelde</emphasis>
      </para>
      <para>De ter beschikking gestelde en zijn raadsvrouw hebben zich op het standpunt gesteld dat de indicatie van het IFZ is afgegeven op basis van verkeerde dan wel onjuist gepresenteerde informatie. Met de juiste informatie zou mogelijk een andere indicatie kunnen worden afgegeven, zoals voor een FPA. De verdediging heeft daarom verzocht de behandeling van de vordering aan te houden, om het onderliggende rapport van de indicatiestelling op te vragen bij het IFZ en daarvan kennis te nemen, voordat een beslissing wordt genomen op de vordering.  </para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>Beoordeling</title>
    <parablock>
      <para>De rechtbank stelt het volgende vast.</para>
      <para>Bij vonnis van 20 april 2018 is aan de ter beschikking gestelde opgelegde terbeschikkingstelling met voorwaarden onder meer de volgende voorwaarde verbonden: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">‘3. de ter beschikking gestelde laat zich opnemen en behandelen in een door IFZ/NIFP nader te bepalen instelling zoals bijvoorbeeld een FPA dan wel een soortgelijke instelling of een nader te bepalen instelling’</emphasis>. </para>
      <para>Ter vervulling van die voorwaarde is door de reclassering een indicatieaanvraag ingediend bij het IFZ. Bij de indicatiestelling wordt niet alleen het rapport van de reclassering, maar worden alle rapporten over de ter beschikking gestelde meegenomen en gewogen. </para>
      <para>Het IFZ heeft vervolgens een indicatie afgegeven voor plaatsing van de ter beschikking gestelde in een FPK. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De ter beschikking gestelde heeft ter zitting naar voren gebracht zich niet te kunnen vinden in met name het rapport van de reclassering van 1 april 2019, in die zin dat in dat rapport onjuiste informatie zou zijn verwerkt. De ter beschikking gestelde meent dat mede daardoor een zwaardere voorziening met hoger beveiligingsniveau uit de indicatiestelling is gekomen, dan die de andere deskundigen eerder voor ogen hadden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Anders dan de ter beschikking gestelde heeft aangevoerd, heeft de rechtbank geen aanleiding om te veronderstellen dat aan het IFZ een onjuist beeld van de ter beschikking gestelde is geschetst. Het IFZ heeft haar indicatie voor een FPK gebaseerd op alle rapporten over de ter beschikking gestelde. Het IFZ heeft beoordeeld dat de ter beschikking gestelde, gelet op zijn complexe problematiek, een specifieke behandeling behoeft en dat daarvoor FPK Assen een passende plaats is. De rechtbank heeft niet de bevoegdheid om de indicatiestelling van het IFZ te veranderen en ziet ook in het door de verdediging naar voren gebrachte geen reden om de behandeling van de vordering op dit punt aan te houden. </para>
      <para>De rechtbank acht het verder van belang dat de ter beschikking gestelde zo spoedig mogelijk terecht kan bij de behandelinrichting, in casu de FPK te Assen, zoals is geadviseerd, zodat hij kan starten met zijn behandeling. Daarbij merkt de rechtbank op dat de duur van de behandeling mede afhankelijk is van de inzet en medewerking van de ter beschikking gestelde. De ter beschikking gestelde heeft zich ter zitting uiteindelijk bereid verklaard mee te werken aan de behandeling bij FPK Assen.  </para>
      <para>De vordering zal worden toegewezen. </para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank:	</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">wijst toe</emphasis> de vordering van de officier van justitie tot concretisering van de voorwaarden betreffende het gedrag van de ter beschikking gestelde;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">wijzigt</emphasis> ter concretisering van die voorwaarde de eerder bij vonnis van 20 april 2018 onder 3. gestelde voorwaarde, zodat deze nu luidt:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">3. Betrokkene laat zich klinisch opnemen en behandelen in FPK Assen of soortgelijke setting zolang de reclassering en zijn behandelaren noodzakelijk achten. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door</para>
      <para>mr. C.G. van de Grampel, voorzitter, </para>
      <para>en mrs. W.H.S. Duinkerke en L.R. Prins, rechters, </para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. V.E. Scholtens griffier, </para>
      <para>en is in het openbaar uitgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen deze beslissing kan het openbaar ministerie binnen veertien dagen na de uitspraak en de ter beschikking gestelde binnen veertien dagen na betekening daarvan beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>