<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2019:4777</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-06-13T13:33:46</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-06-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-05-08</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10/682118-18</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2019:4777">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2019:4777</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-06-13T13:33:25</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-06-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2019:4777 Rechtbank Rotterdam , 08-05-2019 / 10/682118-18</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2019:4777:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Brandstichting.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2019:4777:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">Rechtbank Rotterdam</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team jeugd</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 10/682118-18</para>
      <para>Datum uitspraak: 8 mei 2019</para>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboorteplaats verdachte] op [geboortedatum verdachte] 2004, </para>
      <para>ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres [adres verdachte] , [woonplaats verdachte]</para>
      <para>raadsvrouw mr. R. van den Hemel, advocaat te Rotterdam</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para>Gelet is op het onderzoek op de besloten terechtzitting van 8 mei 2019.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Tenlastelegging</title>
    <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Eis officier van justitie</title>
    <para>De officier van justitie mr. R.H. van Dongen heeft gevorderd:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>bewezenverklaring van het ten laste gelegde;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeling van de verdachte tot een taakstraf, bestaande uit een werkstraf voor de duur van 60 uur, subsidiair 30 dagen vervangende jeugddetentie.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Waardering van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Bewezenverklaring zonder nadere motivering</emphasis>
        </para>
        <para>Het ten laste gelegde is door de verdachte bekend. Dit feit zal zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>In bijlage II heeft de rechtbank een opgave gedaan van wettige bewijsmiddelen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Met deze opgave wordt volstaan, nu de verdachte het bewezen verklaarde heeft bekend en nadien geen vrijspraak is bepleit. Op grond daarvan is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder  ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>hij op 8 januari 2018 te Nieuw-Beijerland, gemeente Korendijk,</para>
        <para>tezamen en in vereniging met een ander, opzettelijk</para>
        <para>brand heeft gesticht tegen een clubhuis, in elk geval een gebouw</para>
        <para>van [naam sportvereniging] (gelegen tussen [straatnaam 1] en [straatnaam 2] ),</para>
        <para>immers  hebben verdachte en (een of meer van) zijn mededaders</para>
        <para>toen aldaar opzettelijk de vlam van een aansteker, in aanraking gebracht met twee, </para>
        <para>kerstbomen,  ten gevolge waarvan brand</para>
        <para>is ontstaan en voornoemd clubhuis/gebouw geheel of gedeeltelijk is verbrand, terwijl daarvan gemeen gevaar voor voornoemd clubhuis/gebouw en</para>
        <para>zich in dat clubhuis/gebouw bevindende goederen, in elk geval gemeen gevaar</para>
        <para>voor goederen, te duchten was.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet (ook) daarvan worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>Strafbaarheid feit</title>
    <para>Het bewezen feit levert op: </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">opzettelijk brand stichten, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen te duchten is</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is dus strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>Strafbaarheid verdachte</title>
    <para>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte is dus strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Motivering straf </title>
    <paragroup>
      <nr>7.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Algemene overweging</emphasis>
        </para>
        <para>De straf die aan de verdachte wordt opgelegd, is gegrond op de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Feit waarop de straf is gebaseerd</emphasis>
        </para>
        <para>De verdachte heeft kerstbomen in brand gestoken tegen het houten clubhuis van de ijsbaan. Dit clubhuis is in brand gevlogen en afgebrand. Dit is een heel vervelend feit dat voor overlast en veel schade heeft gezorgd bij de ijsclub. </para>
        <para>Tijdens de behandeling ter zitting is duidelijk geworden dat de verdacht zelf ook vreselijk geschrokken is van de gevolgen. Dit was absoluut niet de bedoeling. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.3.</nr>
      <para>
        <emphasis role="underline">Persoonlijke omstandigheden van de verdachte</emphasis>
      </para>
      <paragroup>
        <nr>7.3.1.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Strafblad</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie van 1 april 2019, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.</para>
        </parablock>
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>7.3.2.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Rapportage</emphasis>
          </para>
          <para>De Raad voor de Kinderbescherming heeft een rapport over de verdachte opgemaakt, gedateerd 6 december 2018. Uit dit rapport blijkt dat het thuis en op school goed gaat met de verdachte en dat hij uit een stabiele gezinssituatie komt. Er zijn geen zorgen over de opgroei- en opvoedsituatie van [naam verdachte] . Soms kan [naam verdachte] impulsief handelen. Hij herkent dit van zich zelf en beseft dat hij beter moet denken voordat hij iets doet. [naam verdachte] kan op dat moment de gevolgen niet altijd goed inschatten. De rechtbank heeft acht geslagen op dit rapport.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [naam verdachte] heeft bij het aansteken van de kerstbomen tegen het clubhuis de grootste rol gehad. [naam verdachte] was 13 jaar ten tijde van het onderhavige feit en daarmee de jongste van de vier verdachten. Al vanaf het begin, tijdens het politieverhoor, en ook op de behandeling ter zitting heeft de [naam verdachte] de volle verantwoordelijkheid genomen en direct verteld wat er gebeurd is. De rechtbank houdt hier in positieve zin rekening mee bij het bepalen van de straf. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Gezien de ernst van het feit zal de rechtbank een taakstraf, bestaande uit een werkstraf van na te noemen duur opleggen.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Alles afwegend acht de rechtbank de hierna te noemen straf passend en geboden.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>Vordering benadeelde partij </title>
    <parablock>
      <para>Als benadeelde partij heeft zich in het geding gevoegd: [naam benadeelde] , gevestigd te Nieuw-Beijerland, ter zake van het tenlastegelegde feit waarmee bij de strafoplegging rekening is gehouden .</para>
      <para>De benadeelde partij vordert een bedrag van € 41.977,40 aan materiële schade vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De behandeling van de vordering van de benadeelde partij levert een onevenredige belasting van het strafgeding op. De gevorderde nieuwbouwkosten zijn onderbouwd met een offerte van (kennelijk) een familielid van de aangever. De vordering heeft ter terechtzitting tot een aantal vragen geleid die, nu de benadeelde partij niet aanwezig was, niet konden worden beantwoord. De benadeelde partij zal daarom in zijn vordering niet-ontvankelijk worden verklaard. De vordering kan slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In deze procedure wordt over de gevorderde schadevergoeding geen inhoudelijke beslissing genomen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>Toepasselijke wettelijke voorschriften</title>
    <para>Gelet is op de artikelen 47, 77m, 77n en 157 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>10</nr>Bijlagen</title>
    <para>De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.</para>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>11</nr>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart niet bewezen, dat de verdachte het primair ten laste gelegde feit en spreekt de verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart bewezen, dat de verdachte het subsidiair ten laste gelegde feit, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte ook daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert het hiervoor vermelde strafbare feit;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de verdachte strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>legt de verdachte een taakstraf op, bestaande uit een <emphasis role="bold">werkstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">60 (zestig) uur</emphasis>, waarbij de Raad voor de Kinderbescherming dient te bepalen uit welke werkzaamheden de werkstraf dient te bestaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beveelt dat, voor het geval de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren verricht, vervangende jeugddetentie zal worden toegepast voor de duur van 30 dagen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door:</para>
      <para>mr. R.G. de Lange-Tegelaar, voorzitter, tevens kinderrechter,</para>
      <para>en mrs. F.W.H. van den Emster en C.C. Peterse, rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van K.H. Eelderink, griffier,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 8 mei 2019.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De jongste en oudste rechter zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bijlage I </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Tekst tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 08 januari 2018 te Nieuw-Beijerland, gemeente Korendijk,</para>
      <para>tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk</para>
      <para>brand heeft gesticht in/op/tegen/nabij een clubhuis, in elk geval een gebouw</para>
      <para>van [naam sportvereniging] (gelegen tussen [straatnaam 1] en [straatnaam 2] ),</para>
      <para>immers heeft / hebben verdachte en / of  (een of meer van) zijn mededader(s)</para>
      <para>toen aldaar opzettelijk de vlam van een aansteker, in elk geval opzettelijk</para>
      <para>(open) vuur in aanraking gebracht met twee, althans een of meerdere</para>
      <para>kerstbomen, althans met (een) brandbare stof(fen), ten gevolge waarvan brand</para>
      <para>is ontstaan en/of voornoemd clubhuis/gebouw geheel of gedeeltelijk is / zijn</para>
      <para>verbrand, terwijl daarvan gemeen gevaar voor voornoemd clubhuis/gebouw en/of</para>
      <para>zich in dat clubhuis/gebouw bevindende goederen, in elk geval gemeen gevaar</para>
      <para>voor goederen, te duchten was;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>art 157 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>