<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2019:10840</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-06-05T10:16:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-06-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-12-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/584067 / JE RK 19-3161</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2019:10840">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2019:10840</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-06-05T10:15:27</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-06-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2019:10840 Rechtbank Rotterdam , 13-12-2019 / C/10/584067 / JE RK 19-3161</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2019:10840:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>“Uithuisplaatsing. Ondanks oproep rechtbank is gebiedsmanager van de Gecertificeerde Instelling zonder bericht niet verschenen. Jongere heeft periode zonder vereiste machtiging bij accommodatie jeugdhulpaanbieder verbleven. Noodzakelijke therapie en persoonlijkheidsonderzoek zijn na te lange tijd wachten, eindelijk gestart.”</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2019:10840:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking</para>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaakgegevens: C/10/584067 / JE RK 19-3161</para>
      <para>datum uitspraak: 13 december 2019</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">beschikking verlenging machtiging uithuisplaatsing</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond,</bridgehead>
    <para>hierna te noemen de GI, gevestigd te Rotterdam,</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam kind] , geboren op [geboortedatum kind] 2003 te [geboorteplaats kind] , </bridgehead>
    <para>hierna te noemen [naam kind] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam vader] , </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de vader, wonende te [woonplaats vader]</para>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam stiefmoeder] ,</bridgehead>
    <para>hierna te noemen de stiefmoeder, wonende te [woonplaats stiefmoeder] .</para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <para>Het procesverloop blijkt uit de beschikking van de kinderrechter in deze rechtbank van <?linebreak?>30 oktober 2019 en de daaraan ten grondslag liggende stukken.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 13 december 2019 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. Gehoord zijn:</para>
    </parablock>
    <para>- [naam kind] , die apart is gehoord,</para>
    <para>- de vader,<?linebreak?>- de stiefmoeder,</para>
    <para>- een vertegenwoordigster van de GI, [naam vertegenwoordigster] , </para>
    <para>- de mentor/behandelcoördinator van [naam kind] vanuit Schakenbosch, [naam 1] , als informant.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Opgeroepen en zonder bericht niet verschenen is:</para>
    </parablock>
    <para>- de gebiedsmanager van de GI, [naam 2] , als informant.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De feiten<?linebreak?>Het ouderlijk gezag over [naam kind] wordt uitgeoefend door de vader. </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [naam kind] verblijft in Schakenbosch.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij beschikking van 1 augustus 2019 is [naam kind] onder toezicht gesteld tot 1 augustus 2020.</para>
      <para>De kinderrechter heeft bij beschikking van 30 oktober 2019 een machtiging tot uithuisplaatsing van [naam kind] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder verleend tot <?linebreak?>30 januari 2020. Het verzoek is voor het overige aangehouden.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het aangehouden verzoek</emphasis>
        <?linebreak?>De GI heeft een machtiging tot uithuisplaatsing van [naam kind] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder verzocht voor de duur van zes maanden. Er is al beslist op de periode tot 30 januari 2020, waardoor nu nog resteert de periode tot 30 april 2020.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het standpunt van de GI</emphasis>
        <?linebreak?>De GI heeft ter zitting het restant van het verzoek gehandhaafd en als volgt toegelicht.<?linebreak?>De GI is afhankelijk van externe partijen en er is sprake van wachtlijsten, waardoor het persoonlijkheidsonderzoek (PO) van [naam kind] niet eerder heeft kunnen plaatsvinden. [naam kind] heeft veel van school verzuimd, wat pas na lange tijd bekend is geworden bij de GI. Hij is (opnieuw) aangemeld voor de interne school van Schakenbosch. [naam kind] heeft inmiddels ook een bijbaan. In samenspraak met Leerplicht moet bekeken worden of hij vrijstelling kan krijgen, zodat hij (enkel nog) op woensdag naar school kan gaan en daarnaast bij zijn vader stage kan blijven lopen en zijn nieuwe baan kan behouden. Het is van belang dat [naam kind] gemotiveerd blijft. Bezien moet worden of hij zich aan de afspraken blijft houden, zodat het verlof van [naam kind] stapsgewijs kan worden uitgebreid. Een volledige thuisplaatsing van [naam kind] is naar het oordeel van de GI op dit moment niet aan de orde. De jeugdbeschermer zal aandacht besteden aan de reisduur van [naam kind] naar zijn werk; ter zitting is niet duidelijk geworden hoe lang de reis duurt. Ter zake van de oproeping van de gebiedsmanager van de GI voor deze zitting laat de jeugdbeschermer weten dat zij niet aanwezig is, maar in een ketenoverleg het gesprek wil aangaan. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het standpunt van de belanghebbenden</emphasis>
        <?linebreak?>De vader en de stiefmoeder hebben ter zitting ingestemd met het resterende deel van het verzoek van de GI. De vader heeft naar voren gebracht dat [naam kind] zich in de afgelopen periode aan de afspraken heeft gehouden tijdens zijn verlofmomenten. De vader wil dat er stapsgewijs, door middel van uitbreiding van verlof, toegewerkt wordt naar een thuisplaatsing. Ten aanzien van het advies vanuit Schakenbosch om systeemtherapie in te zetten, heeft de vader aangegeven dat in de afgelopen periode al vaker systeemtherapie is gevolgd. De vraag is hoe zinvol het is om hier opnieuw mee te starten. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het standpunt van de informant </emphasis>
        <?linebreak?>De mentor/behandelcoördinator van [naam kind] heeft ter zitting meegedeeld dat de EMDR-therapie van [naam kind] recent is gestart. Ook het PO van [naam kind] is inmiddels gestart. Er is ook binnen Schakenbosch intern sprake van wachtlijstproblematiek. Daarbij komt dat [naam kind] eerder niet gemotiveerd was voor behandeling. Het advies vanuit Schakenbosch is om ook systeemtherapie in te zetten. De behandelcoördinator staat achter het plan van de GI om de verlofmomenten van [naam kind] stapsgewijs uit te breiden in de komende periode.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">De beoordeling</emphasis>
        <?linebreak?>Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat [naam kind] sinds <?linebreak?>januari 2019 op een open groep van Schakenbosch verblijft; eerst in het vrijwillige kader en sinds augustus 2019 in het kader van een ondertoezichtstelling. De GI heeft vervolgens te laat een verzoek tot verlenging van de machtiging uithuisplaatsing ingediend waardoor [naam kind] een korte periode zonder de vereiste machtiging op Schakenbosch heeft verbleven. Daarnaast bleek tijdens de zitting van 30 oktober 2019 dat [naam kind] veel te lang, te weten 10 maanden, op de wachtlijst heeft gestaan voor de afname van een PO, welk onderzoek van groot belang is om zicht te krijgen op passende hulpverlening/begeleiding voor [naam kind] . Ook de voor [naam kind] noodzakelijke therapie heeft (te) lang op zich laten wachten en [naam kind] bleek tijdens genoemde zitting al langdurig van school te verzuimen zonder dat Schakenbosch en/of de GI actie ondernam om dit aan te pakken. </para>
      <para>Teneinde opheldering over deze ongewenste gang van zaken te verkrijgen heeft de kinderrechter de mentor/behandelcoördinator van [naam kind] als informant laten oproepen voor de zitting van vandaag. Daarnaast is de gebiedsmanager van de GI opgeroepen, omdat zij degene is die het inleidende verzoekschrift namens de GI heeft ondertekend. De gebiedsmanager heeft om niet bekende redenen geen gehoor gegeven aan de oproep. Evenmin is een schriftelijke toelichting ontvangen. Vanuit het management van de GI is derhalve, ondanks de oproep daartoe, geen opheldering verschaft over de gang van zaken. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ter zitting heeft de behandelcoördinator van [naam kind] toegelicht dat de EMDR-therapie mede door het ontbreken van motivatie bij [naam kind] en als gevolg van interne wachtlijst-problematiek niet eerder van start heeft kunnen gaan. De behandelcoördinator heeft ter zitting bevestigd dat de EMDR-therapie inmiddels is gestart en dat ook het PO van [naam kind] eindelijk is gestart. </para>
      <para>Onvoldoende opgehelderd blijft de vraag hoe het kan gebeuren dat een leerplichtige jongere die onder toezicht van de GI staat langdurig verzuimt van school zonder dat dit wordt opgemerkt en aangepakt. Gedurende de periode van verzuim was onduidelijk waar [naam kind] verbleef; ook hierop hebben de GI en Schakenbosch geen zicht gehad. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Positief op dit moment is dat de noodzakelijke EMDR-therapie en het PO inmiddels van de grond zijn gekomen en dat [naam kind] zelf een baantje heeft gevonden. Het is van belang dat de behandeling van [naam kind] in de komende periode voortvarend wordt voortgezet. De kinderrechter is met de jeugdbeschermer, de behandelcoördinator en de ouders van oordeel dat een volledige thuisplaatsing van [naam kind] op dit moment nog niet aan de orde kan zijn. Wel is het van belang dat [naam kind] in de komende tijd kan aantonen dat hij in staat is om zich aan de afspraken te houden en kan omgaan met meer vrijheden, zodat de verlofmomenten in overleg met betrokkenen stapsgewijs en op niet al te lange termijn kunnen worden uitgebreid. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het voorgaande volgt dat de verlenging van de uithuisplaatsing van [naam kind] noodzakelijk is in het belang van zijn verzorging en opvoeding (artikel 1:265c, tweede lid, Burgerlijk Wetboek). De kinderrechter zal daarom de machtiging tot uithuisplaatsing van [naam kind] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder verlengen tot 30 april 2020.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [naam kind] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder tot 30 april 2020;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 13 december</para>
      <para> 2019 door mr. A.A.J. de Nijs, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. R. Spaans als</para>
      <para> griffier. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 3 januari 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
    </parablock>
    <para>- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,</para>
    <para>- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
    <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof<?linebreak?>Den Haag.</para>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>