<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2019:10837</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-06-05T10:18:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-06-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-12-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/585379 / JE RK 19-3367</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2019:10837">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2019:10837</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-06-05T09:34:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-06-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2019:10837 Rechtbank Rotterdam , 13-12-2019 / C/10/585379 / JE RK 19-3367</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2019:10837:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>“Vervolg op ECLI:NL:RBROT:2019:10836 en ECLI:NL:RBROT:2019:9038. Nieuw verzoek uithuisplaatsing toegewezen.”</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2019:10837:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking</para>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaakgegevens: C/10/585379 / JE RK 19-3367</para>
      <para>datum uitspraak: 13 december 2019</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">beschikking verlenging uithuisplaatsing</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond, hierna te noemen de GI, gevestigd te Rotterdam, </bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam kind 1]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum kind] 2006 te [geboorteplaats kind] , hierna te noemen [naam kind 1] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam moeder] , </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de moeder, wonende op een bij de rechtbank bekend adres,</para>
    <para />
    <bridgehead role="bold">mr. J. OVERSLUIZEN, </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de bijzondere curator, kantoorhoudende te Rotterdam.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als informanten aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam pleegmoeder] , </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de pleegmoeder, wonende op een bij de rechtbank bekend adres, </para>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de Raad voor de Kinderbescherming regio Rotterdam-Dordrecht, </bridgehead>
    <para>hierna te noemen de Raad, gevestigd te Rotterdam. </para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <para>Het procesverloop blijkt uit de volgende stukken:</para>
    <para>- het verzoekschrift met bijlagen van de GI van 7 november 2019, ingekomen bij de griffie op 8 november 2019;</para>
    <para>- de briefrapportage van de GI van 10 december 2019, ingekomen bij de griffie op <?linebreak?>10 december 2019.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zaak is gelijktijdig behandeld met de zaak ingeschreven onder zaaknummer C/10/571015 / JE RK 19-966 betreffende het verzoek tot ondertoezichtstelling van [naam kind 2] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 13 december 2019 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. Gehoord zijn:</para>
    </parablock>
    <para>- de minderjarige [naam kind 1] , die apart is gehoord, bijgestaan door de bijzondere curator, </para>
    <para>- de moeder, bijgestaan door haar advocaat mr. M.S. Krol, </para>
    <para>- de bijzondere curator, </para>
    <para>- de pleegmoeder, </para>
    <para>- een tweetal vertegenwoordigers van de GI, [naam vertegenwoordigster 1] en [naam vertegenwoordiger] ,</para>
    <para>- een vertegenwoordigster van de Raad, [naam vertegenwoordigster 2] .</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De feiten</title>
    <para>Het ouderlijk gezag over [naam kind 1] wordt uitgeoefend door de moeder.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [naam kind 1] verblijft in een pleeggezin.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij beschikking van 21 juni 2019 is [naam kind 1] onder toezicht gesteld, met ingang van <?linebreak?>28 juni 2019 tot 28 juni 2020, en is mr. J. Oversluizen als bijzondere curator voor [naam kind 1] benoemd voor de duur van de ondertoezichtstelling.<?linebreak?></para>
      <para>Bij beschikking van 29 oktober 2019 is de machtiging tot uithuisplaatsing van [naam kind 1] in een voorziening voor pleegzorg verlengd tot 28 december 2019.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het verzoek</emphasis>
        <?linebreak?>De GI heeft verzocht de machtiging tot uithuisplaatsing van [naam kind 1] in een voorziening voor pleegzorg te verlengen voor de duur van de ondertoezichtstelling.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">De standpunten</emphasis>
        <?linebreak?>De GI heeft ter zitting het verzoek gehandhaafd en meegedeeld dat er nu een omgangsregeling is vastgesteld tussen [naam kind 1] en de ouders tot medio januari 2020. Het blijft lastig om in contact te komen met de vader. Hierdoor is het moeilijk om tot een definitieve omgangsregeling te komen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Door en namens de moeder is ter zitting ingestemd met het verzoek van de GI tot verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van [naam kind 1] . Het is van belang dat zij haar schooljaar kan afmaken. Ten aanzien van de omgangsregeling met de vader dient de GI een verzoek op grond van artikel 1:265g van het Burgerlijk Wetboek (BW) bij de rechtbank in te dienen, nu er een ouderschapsplan is vastgesteld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De bijzondere curator heeft ter zitting meegedeeld dat het positief is dat de moeder instemt met een verlenging van de uithuisplaatsing van [naam kind 1] . [naam kind 1] heeft haar wens tijdens haar gesprek met de kinderrechter kenbaar gemaakt. Er is een start gemaakt met de omgang tussen [naam kind 1] en beide ouders. In de komende periode moet bezien worden of de afspraken rondom de omgang worden nagekomen, zodat het vertrouwen van [naam kind 1] in haar ouders groeit. Door de bijzondere curator wordt verzocht om het verzoek van de GI toe te wijzen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De pleegmoeder heeft ter zitting naar voren gebracht dat het goed gaat met [naam kind 1] . Zij behaalt goede resultaten op school. Desgevraagd heeft de pleegmoeder aangegeven dat [naam kind 1] bij haar kan blijven wonen, zolang als [naam kind 1] en de moeder willen.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling</title>
    <para>Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting volgt dat een verlenging van de uithuisplaatsing van [naam kind 1] noodzakelijk is in het belang van haar verzorging en opvoeding (artikel 1:265c, tweede lid, van het BW). [naam kind 1] verblijft sinds maart 2019 in een netwerkpleeggezin, waar zij zich positief ontwikkelt. In het pleeggezin krijgt [naam kind 1] de rust, aandacht en stabiliteit geboden die zij nodig heeft. Alle betrokkenen zijn het erover eens dat de plaatsing van [naam kind 1] de komende tijd moet worden voortgezet. Er is ter zitting geen verweer gevoerd tegen het verzoek van de GI. De kinderrechter zal daarom de machtiging tot uithuisplaatsing van [naam kind 1] in een voorziening voor pleegzorg verlengen tot 28 juni 2020.  </para>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing<?linebreak?>De kinderrechter:</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [naam kind 1] in een voorziening voor pleegzorg tot 28 juni 2020;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 13 december 2019 door mr. A.A.J. de Nijs, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. R. Spaans als griffier. </para>
              <para />
              <para>De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 13 januari 2020.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
              <para>-	door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,</para>
              <para>-	door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
              <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof<?linebreak?>Den Haag. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>