<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2018:8871</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-10-30T08:37:30</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-10-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-10-18</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10/960270-16</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2018:8871">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2018:8871</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-10-30T08:37:11</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-10-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2018:8871 Rechtbank Rotterdam , 18-10-2018 / 10/960270-16</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2018:8871:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Pseudoverkoop. De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een poging een semi-automatisch vuurwapen te kopen. Ook heeft hij twee boksbeugels, een vlindermes, een busje pepperspray en ongeveer 40 stuks munitie voorhanden gehad en vervoerd. Daarnaast heeft de verdachte zich ook schuldig gemaakt aan het opzettelijk aanwezig hebben en vervoeren van circa 40 gram amfetamine. Wegens overschrijding van de redelijke termijn en gelet op de persoonlijke omstandigheden van de verdachte (hij heeft zijn leven goed op de rit en een blanco strafblad) geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf, maar een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 3 maanden en een geldboete van € 1.555,00.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2018:8871:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">Rechtbank Rotterdam</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team straf 1</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 10/960270-16</para>
      <para>Datum uitspraak: 18 oktober 2018</para>
      <para>Tegenspraak </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Verkort vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboorteplaats verdachte] op [geboortedatum verdachte] ,</para>
      <para>ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres [adres verdachte] , [woonplaats verdachte] ,</para>
      <para>raadsvrouw mr. H. Seton, advocaat te Amersfoort.</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para>Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 18 oktober 2018.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Tenlastelegging</title>
    <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Eis officier van justitie</title>
    <para>De officier van justitie mr. B.C. Niks heeft gevorderd:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>bewezenverklaring van het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeling van de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 160 uur, te vervangen door 80 dagen vervangende hechtenis, met aftrek van voorarrest, alsmede tot een gevangenisstraf voor de duur van één maand geheel voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar en verbeurdverklaring van het inbeslaggenomen geldbedrag van € 1.555,00. </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>Bewezenverklaring zonder nadere motivering</title>
    <para>Het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde is door de verdachte bekend. Deze feiten zullen zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wettig en overtuigend is bewezen dat de verdachte het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>hij in de periode van 17 juni 2016 tot en met 19 juli 2016 te Eemnes en Breezand,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>ter uitvoering van het door hem, verdachte, voorgenomen misdrijf om een vuurwapen van categorie II (een vuurwapen: Glock 17) voorhanden te krijgen,</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para> e-mailbericht(en) heeft gestuurd over de afname van een vuurwapen, en met de verkoper een afspraak heeft gemaakt over de aankoop van een vuurwapen en</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>met de verkoper per e-mail een overeenkomst heeft gesloten om voor 1550 euro een vuurwapen te kopen enter overdracht van het vuurwapen op 19 juli 2016 is verschenen op een afspraak met de verkoper</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij op 19 juli 2016 te Eemnes en Breezand, voorhanden heeft gehad en heeft vervoerd</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>twee boksbeugels van categorie I onder 3 (artikel 2 lid 1) en een vlindermes van categorie I onder 1 (artikel 2 lid 1) en</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>pepperspray van categorie II onder 6 (artikel 2 lid 1) en35 tot 40 stuks munitie (patronen) van categorie</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>II onder 1 (artikel 2 lid 2);</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>3.</para>
      <para>hij op 19 juli 2016 te Eemnes en Breezand, opzettelijk aanwezig heeft gehad en heeft vervoerd, circa 40 gram amfetamine, zijnde amfetamine, een middel als bedoeld in de</para>
      <para>bij de Opiumwet behorende lijst I.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De overtuiging dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan is gegrond op de redengevende inhoud van het voorgaande en op de inhoud van de wettige bewijsmiddelen, houdende tot bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Het vonnis zal in die gevallen waarin de wet dit vereist worden aangevuld met een later bij dit vonnis te voegen bijlage met daarin de opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>Strafbaarheid feiten</title>
    <para>De bewezen feiten leveren op:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Poging tot handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie II</emphasis>;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Eendaadse samenloop van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">en</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">en</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot munitie van categorie II</emphasis>;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Eendaadse samenloop van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder B van de Opiumwet gegeven verbod</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">en</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. De feiten zijn dus strafbaar.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>Strafbaarheid verdachte</title>
    <para>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.</para>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Motivering straffen</title>
    <bridgehead role="italic">Algemene overweging</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>De straffen die aan de verdachte worden opgelegd, zijn gegrond op de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden en de draagkracht van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Feiten waarop de straffen zijn gebaseerd</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een poging een semi-automatisch vuurwapen te kopen. Ook heeft hij twee boksbeugels, een vlindermes, een busje pepperspray en ongeveer 40 stuks munitie patronen voorhanden gehad en vervoerd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vuurwapens worden steeds meer gebruikt bij het plegen van strafbare feiten en vuurwapens kunnen (ook bij het enkel voorhanden hebben daarvan) tot zeer gevaarzettende situaties leiden. Dit brengt een onaanvaardbaar risico voor de veiligheid van de samenleving met zich. Voorts valt door een toename van wapenbezit een drempelverlaging ten aanzien van het gebruik ervan te vrezen. Het voorhanden hebben van wapens en munitie is daarom aan strenge regelgeving en een verlofstelsel gebonden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte heeft zich ook schuldig gemaakt aan het opzettelijk aanwezig hebben en vervoeren van circa 40 gram amfetamine. Dit is een voor de gezondheid van personen die het gebruiken schadelijke stof. Ook is een dergelijke harddrug bezwarend voor de samenleving, onder meer vanwege de daarmee gepaard gaande criminaliteit. De rechtbank kan derhalve niet voorbijgaan aan het feit dat de aard van dit strafbare feit waaraan de verdachte zich heeft schuldig gemaakt, weer andere vormen van criminaliteit uitlokt en bevordert. </para>
      <para>Bij de bepaling van de strafmodaliteiten wordt het zwaartepunt evenwel gevormd door de poging een vuurwapen te kopen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Straffen en persoonlijke omstandigheden</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gezien de ernst van de feiten kan in beginsel niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf. De rechtbank zal echter afzien van het opleggen daarvan, omdat uit het door Victas (Centrum voor verslavingszorg) over de verdachte uitgebrachte rapport van 21 juli 2016 alsmede uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren komt dat de verdachte zijn leven goed op de rit heeft. Mede gezien het blanco strafblad van de verdachte, betreffen de onderhavige bewezen verklaarde feiten - naar het zich laat aanzien - een éénmalige misstap van de verdachte. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Redelijke termijn</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank constateert dat sprake is van een schending van de redelijke termijn, als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM). Tussen het moment waarop de verdachte in redelijkheid kon verwachten dat hij zou worden vervolgd - 19 juli 2016 (datum inverzekeringstelling) - en het vonnis van de rechtbank, zijn ruim twee jaar en drie maanden verstreken. Daarmee is sprake van een overschrijding van de redelijke termijn met ruim drie maanden. Deze overschrijding is niet aan de verdachte te wijten noch aan de complexiteit van de zaak, maar is kennelijk ontstaan door een weinig voortvarende aanpak van het Landelijk Parket bij het aanbrengen van de zaak bij de rechtbank. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Slotsom</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op de geconstateerde overschrijding van de redelijke termijn en voormelde persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zal de rechtbank volstaan met het opleggen van een voorwaardelijke gevangenisstraf van hierna te melden duur en een geldboete van € 1.555,00. De voorwaardelijke gevangenisstraf dient er tevens toe de verdachte ervan te weerhouden in de toekomst opnieuw strafbare feiten te plegen. </para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>In beslag genomen voorwerpen</title>
    <para>De rechtbank zal een last geven tot teruggave van het geldbedrag ad € 1.555,00 aan de verdachte. Het beoogde doel van de door de officier van justitie gevorderde verbeurdverklaring, namelijk de verdachte in zijn vermogen treffen, is reeds bereikt met het opleggen van een geldboete. </para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>Toepasselijke wettelijke voorschriften</title>
    <para>Gelet is op de artikelen:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>14a, 14b, 14c, 23, 24a, 24c, 45, 56 en 57 van het Wetboek van Strafrecht;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>1, 2, 13, 22, 26 en 55 van de Wet wapens en munitie;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>2 en 10 van de Opiumwet.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>10</nr>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart bewezen, dat de verdachte de onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde feiten, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert de hiervoor vermelde strafbare feiten;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de verdachte strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf voor de duur van 3 (drie) maanden</emphasis>, alsmede tot een <emphasis role="bold">geldboete van € 1.555,00 (vijftienhonderd vijfenvijftig euro</emphasis>), bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal te vervangen door <emphasis role="bold">25 (vijfentwintig) dagen hechtenis; </emphasis><?linebreak?></para>
      <para>bepaalt dat deze gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechtbank later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van de <emphasis role="bold">proeftijd</emphasis>, die hierbij wordt gesteld op <emphasis role="bold">2 (twee) jaar</emphasis>, na te melden voorwaarde overtreedt;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt als algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich vóór het einde van de proeftijd niet aan een strafbaar feit schuldig zal maken;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover deze tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;</para>
      <para>
        <?linebreak?>beslist ten aanzien van de voorwerpen, geplaatst op de lijst van inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerpen, als volgt:<?linebreak?>- gelast <emphasis role="bold">de teruggave aan de verdachte</emphasis> van een <emphasis role="bold">geldbedrag van € 1.555,00</emphasis>; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte, die bij eerdere beslissing is geschorst.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door:</para>
      <para>mr. J.L.M. Boek, voorzitter,</para>
      <para>en mrs. B.A. Cnossen en A. van Luijck, rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. J.A.N. Maat, griffier,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.</para>
      <para>Bijlage</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Tekst tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 17 juni 2016 tot en met 19 juli 2016 te Eemnes en/of Breezand, althans in Nederland,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>ter uitvoering van het door hem, verdachte, voorgenomen misdrijf om een vuurwapen van categorie II (een vuurwapen: Glock 17) voorhanden te krijgen,</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>een of meer e-mailbericht(en) heeft gestuurd over de afname van een vuurwapen, en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>met de verkoper een afspraak heeft gemaakt over de aankoop en/of verkoop van een vuurwapen en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>met de verkoper per e-mail een overeenkomst heeft gesloten om voor 1550 euro een vuurwapen te kopen en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>ter overdracht van het vuurwapen op 19 juli 2016 is verschenen op een afspraak met de verkoper</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>art. 26 lid 1 jo. 55 lid 3 sub a Wet wapens en munitie </para>
      <para>art. 45 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij op of omstreeks 19 juli 2016 te Eemnes en/of Breezand, althans in</para>
      <para>Nederland,</para>
      <para>voorhanden heeft gehad en/of heeft vervoerd</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>twee, althans een of meer boksbeugels van categorie I onder 3 (artikel 2 lid 1) en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>een of meer vlindermes(sen) van categorie I onder 1 (artikel 2 lid 1) en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>pepperspray van categorie II onder 6 (artikel 2 lid 1) en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>35 tot 40 stuks, althans een of meer stuks munitie (patronen) van categorie</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>II onder 1 (artikel 2 lid 2);</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Artikel 1 Wet Wapens en Munitie</para>
      <para>Artikel 2 lid 1 en 2 Wet Wapens en Munitie</para>
      <para>Artikel 26 lid 1 Wet Wapens en Munitie</para>
      <para>Artikel 13 lid 1 Wet Wapens en Munitie</para>
      <para>Artikel 55 lid 1 en lid 3 sub a Wet Wapens en Munitie</para>
      <para>Artikel 22 Wet Wapens en Munitie</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3.</para>
      <para>Hij op of omstreeks 19 juli 2016 te Eemnes en/of Breezand, althans in</para>
      <para>Nederland,</para>
      <para>opzettelijk, aanwezig heeft gehad en/of heeft vervoerd, circa 40 gram</para>
      <para>amfetamine, althans een grote hoeveelheid van een materiaal bevattende</para>
      <para>amfetamine althans amfetamine, zijnde amfetamine, een middel als bedoeld in de</para>
      <para>bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid</para>
      <para>van artikel 3a van die wet;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Art 2 ahf/ond B en C Opiumwet</para>
      <para>Art 10 lid 3 en 4 Opiumwet</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>