<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2018:11090</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T18:19:06</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-02-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-11-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/561299 / HA RK 18-1278</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>S&amp;S 2019/20</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2018:11090">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2018:11090</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-02-08T13:53:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-02-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2018:11090 Rechtbank Rotterdam , 06-11-2018 / C/10/561299 / HA RK 18-1278</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2018:11090:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Verzoek inhoudende dat aansprakelijkheid verzoekster is beperkt op hetzelfde bedrag als bepaald in de beperkingsprocedure van de eigenaar van het ponton 'Sea Camel'.</para>
        <para>Uit het verzoekschrift is gebleken dat huurder van het ponton 'Sea Camel' aan verzoekster opdracht had gegeven om het ponton van Alphen aan de Rijn naar Zierikzee te duwen. Verzoekster had op haar beurt daartoe opdracht aan de eigenaar van de duwboot 'Valk' gegeven. Onderweg moesten ook andere activiteiten worden verricht (zo blijkt uit de overgelegde facturen) waaruit blijkt dat verzoekster de duwboot exploiteerde. Verzoek toegewezen. Artikelen 1, 9 en 11 CLNI 1988.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2018:11090:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <bridgehead>beschikking</bridgehead>
  <section>
    <title>RECHTBANK ROTTERDAM</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team handel en haven</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>duwboot ‘ [naam duwboot] ’</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rekestnummer: C/10/561299 / HA RK 18-1278</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Beschikking van 6 november 2018</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">DUW- EN SLEEPVAARTBEDRIJF TOUWSLAGER B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Rotterdam,</para>
      <para>verzoekster,</para>
      <para>advocaat mr. J. Blussé van Oud -Alblas te Rotterdam.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>1. Het verzoekschrift is op 26 oktober 2018 op de rechtbank ontvangen.</para>
    <para />
    <para>2. Het verzoek strekt tot:</para>
    <para>- bepaling van de bedragen waartoe de aansprakelijkheid van verzoekster ter zake van verlies of schade als gevolg van de aanvaring op 21 april 2015 tussen de duweenheid bestaande uit de duwboot [naam duwboot] en het ponton [naam ponton] en het beweegbare gedeelte van de hefbrug te Waddinxveen is beperkt op hetzelfde bedrag als bepaald in de beschikking van 16 september 2016 in de beperkingsprocedure van [naam 1] met zaak- en rekestnummer C/10/502453 / HA RK 16-413;</para>
    <para>- verklaring dat het namens [naam 1] gestelde beperkingsfonds (zakenfonds) moet worden aangemerkt als mede te zijn gesteld namens verzoekster;</para>
    <para>- voeging van de onderhavige procedure met de reeds namens [naam 1] en [naam 2] en Schotgroep Aannemingsbedrijf B.V. (hierna: Schotgroep) ingeleide beperkingsprocedures met zaak- en rekestnummers: C/10/503622 / HA RK 16-473 en C/10/502452 / HA RK 16-413 en C/10/553303 / HA RK 18-691.</para>
    <para />
    <para>3. Het verzoekschrift is behandeld ter terechtzitting van 6 november 2018. Van het verhandelde ter terechtzitting is proces-verbaal opgemaakt.</para>
    <para />
    <para>4. Uit het verzoekschrift is gebleken dat Schotgroep aan verzoekster opdracht had gegeven om het ponton [naam ponton] van Alphen aan de Rijn naar Zierikzee te duwen. Touwslager had op haar beurt daartoe opdracht aan [naam 1] met diens duwboot [naam duwboot] gegeven. Onderweg moesten ook andere activiteiten worden verricht (zo blijkt uit de overgelegde facturen) waaruit blijkt dat Touwslager de duwboot exploiteerde.</para>
    <parablock>
      <para>De in het verzoekschrift genoemde belanghebbenden hebben verzoekster aansprakelijk gesteld voor de schade die zij door de aanvaring stellen te hebben geleden.</para>
      <para>Verzoekster is op grond van het autonoom uit te leggen artikel 1 lid 2 sub a juncto artikel 1 lid 1 CLNI 1988 gerechtigd om zich op de beperking van haar aansprakelijkheid te beroepen. De door de Provincie Zuid Holland gedane betwisting is tegenover de ruime definitie in dit artikel en de uitleg in de jurisprudentie onvoldoende onderbouwd. Op grond van artikel 9 lid 1 sub a en 11 lid 3 CLNI 1988 dient het door [naam 1] gestelde zakenfonds aangemerkt te worden als mede te zijn gesteld namens verzoekster. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>5. De rechtbank zal het verzoek toewijzen zoals is verzocht.</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat de aansprakelijkheid van Duw- en Sleepvaartbedrijf Touwslager B.V. ter zake van verlies of schade als gevolg van de aanvaring tussen de duweenheid bestaande uit de duwboot [naam duwboot] en het ponton [naam ponton] en het beweegbare gedeelte van de hefbrug te Waddinxveen op 21 april 2015 voorshands is beperkt overeenkomstig het bepaalde in de beschikking van 16 september 2016 in de beperkingsprocedure van [naam 1] met zaak- en rekestnummer C/10/502452 / HA RK 16-413,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart dat het vanwege [naam 1] door middel van storting van het totale bedrag op een rentedragende bankrekening ten name van de rechter-commissaris en de vereffenaar gevormde zakenfonds mede strekt ter beperking van de aansprakelijkheid van Duw- en Sleepvaartbedrijf Touwslager B.V. in verband met de aanvaring tussen de duweenheid bestaande uit de duwboot [naam duwboot] en het ponton [naam ponton] en het beweegbare gedeelte van de hefbrug te Waddinxveen op 21 april 2015,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>voegt de onderhavige procedure met de door [naam 1] ingeleide procedure met zaak- en rekestnummer C/10/502452 / HA RK 16-413 alsmede met de door [naam 2] ingeleide procedure met zaak- en rekestnummer C/10/503622 / HA RK 16-473 en de door [naam 3] ingeleide procedure met zaak- en rekestnummer C/10/553303 / HA RK 18-691.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. P.C. Santema en in het openbaar uitgesproken op 6 november 2018.</para>
      <para>1346/32</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>