<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2016:1394</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-02-24T15:57:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-02-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-02-23</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/492060 / KG RK 15-2431</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2016:1394">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2016:1394</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-02-24T15:55:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-02-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2016:1394 Rechtbank Rotterdam , 23-02-2016 / C/10/492060 / KG RK 15-2431</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2016:1394:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>EET-Verordening (Verordening 805/2004). Weigering waarmerking als EET. Niet voldaan aan de voorwaarde dat de beslissing uitvoerbaar is in het land van oorsprong.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2016:1394:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="18b96b0b-23d8-4ff6-9269-20782ed60c7f" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="1b0684bb-0dad-4795-bd15-06b0d0e7005e" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>beschikking</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>team handel </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rekestnummer: C/10/492060 / KG RK 15-2431</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van de voorzieningenrechter van 23 februari 2016</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoekster]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats 1] ,</para>
      <para>verzoekster,</para>
      <para>advocaat mr. A.A. van den Berg, </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para> Verzoekster zal hierna de vrouw worden genoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- het verzoekschrift van de vrouw van 28 december 2015, met producties,</para>
      <para>- de brief van de griffier van 18 januari 2016 aan de vrouw,</para>
      <para>- het faxbericht van de vrouw van 8 februari 2016.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Tenslotte is de datum voor een beschikking bepaald.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Bij beschikking van de rechtbank Rotterdam van 4 december 2007 is de echtscheiding uitgesproken tussen de vrouw en [persoon1] (hierna: de man). Deze beschikking is op 14 januari 2008 ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand. In deze beschikking is voorts het volgende beslist:</para>
        <para>“<emphasis role="italic">Neemt op in deze beschikking de tussen partijen getroffen regelingen als neergelegd in het door de rechtbank gewaarmerkte en aan deze beschikking gehechte convenant dat partijen hebben ondertekend op respectievelijk 19 oktober 2007 en 23 oktober 2007.</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Met betrekking tot de schuld van de man aan de vader van de vrouw:</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">a. de man betaalt de schuld aan de vader van de vrouw ten bedrage van € 65.000,-- (hoofdsom) af met een maandelijks bedrag van minimaal € 500,--. Over het nog openstaande bedrag betaalt de man een rente groot 5 %. Het af te lossen bedrag wordt jaarlijks per 1 januari verhoogd met het percentage gelijk aan het rentepercentage waarmee de alimentatie wordt geïndexeerd. De eerste indexering vindt plaats per 1 januari 2008.</emphasis>”</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>(hierna te noemen: de gerechtelijke schikking).</para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">3.	Het verzoek en de beoordeling</emphasis>
      </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>De vrouw verzoekt de gerechtelijke schikking te waarmerken als Europese Executoriale Titel (EET). De vrouw stelt daartoe dat de man in [woonplaats 2] woonachtig is en dat haar vader zijn vordering op de man (uit hoofde van de gerechtelijke schikking) aan de vrouw heeft gecedeerd. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Artikel 6 lid 1 van de EET-Verordening stelt als voorwaarde voor waarmerking als EET onder meer, sub a, dat de beslissing in de lidstaat van oorsprong uitvoerbaar is.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is de onderhavige beslissing (de gerechtelijke schikking) niet uitvoerbaar in Nederland, op grond van het volgende. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>De gerechtelijke schikking houdt in dat de man heeft toegezegd tegenover de vrouw om een schuld aan een derde te voldoen. Een dergelijke “veroordeling” kan niet door de deurwaarder worden geëxecuteerd. Dit blijkt ook uit het navolgende.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>Bij een veroordeling tot betaling van een geldsom (aan de wederpartij) is een dwangsomveroordeling niet mogelijk. Indien immers de geldvordering niet vrijwillig wordt voldaan, dan kunnen executiemaatregelen genomen worden, middels inschakeling van een deurwaarder. Een dwangsomveroordeling is wel mogelijk bij een veroordeling (hier: schikking) tot betaling van een geldsom (niet aan de wederpartij maar) aan een derde (vgl. HR 9 april 1949, NJ 1950/595 en BenGH 9 juli 1981, NJ 1982/190). Reden hiervan is dat bij een veroordeling tot betaling aan een derde de eiser niet kan overgaan tot gewone executie door executoriaal beslag. Hieruit volgt dat een veroordeling/ schikking tot betaling aan een derde niet uitvoerbaar is. Daarmee voldoet het verzoek niet aan de onder rov. 3.2 genoemde voorwaarde. Het verzoek zal dan ook worden afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>De cessie van de vordering, door de vader van de vrouw op de vrouw, noopt niet tot een ander oordeel. De vrouw verkrijgt daarmee wel de vordering maar daarmee nog steeds niet de voor een EET vereiste uitvoerbare titel.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para>De voorzieningenrechter</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>wijst het verzoek om waarmerking als EET af.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze beschikking is gegeven door mr. A.F.L. Geerdes en in het openbaar uitgesproken op 23 februari 2016.<footnote-ref linkend="_1100d123-b437-452a-84a9-12071569f62b" /></para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_1100d123-b437-452a-84a9-12071569f62b" label="1">
    <para>2517/676</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>