<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2014:9425</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-11-20T08:47:05</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-11-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-11-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/463772 / KG RK 14-2052</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_burgerlijkProcesrecht">Civiel recht; Burgerlijk procesrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2014:9425">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2014:9425</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-11-20T08:46:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-11-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2014:9425 Rechtbank Rotterdam , 19-11-2014 / C/10/463772 / KG RK 14-2052</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2014:9425:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verzoek ex art. 8:491 BW jo. art. 632c Rv. Toegewezen</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2014:9425:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="81e7bf7b-936a-42b9-b616-cfa8bc5b23db" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="487b3a4b-1f08-4dd6-b549-5f01b78be2b1" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>beschikking</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>team handel </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rekestnummer: C/10/463772 / KG RK 14-2052</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van de voorzieningenrechter van 19 november 2014</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de rechtspersoon naar vreemd recht</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">REDERI AB DONSÖTANK</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Donsö, Zweden,</para>
      <para>verzoekster,</para>
      <para>advocaat mr. M. Wattel en mr. L.A. Deutekom,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">O.W. SUPPLY AND TRADING A/S UNDER KONKURS</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Nørresundby, Denemarken,</para>
      <para>gerekwestreerde,</para>
      <para>niet verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en met als (ter zitting verschenen) belanghebbende de in het cognossement genoemde afzender van de lading</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de rechtspersoon naar vreemd recht</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">POLSKI KONCERN NAFTOWY ORLEN S.A.</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te Płock, Polen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het verzoekschrift,</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de overgelegde producties,</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de mondelinge behandeling ter zitting van 18 november 2014.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De voorzieningenrechter stelt vast dat gerekwestreerde, alhoewel behoorlijk opgeroepen, niet ter zitting is verschenen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Het verzoekschrift (ex art. 8:491 BW jo. art. 632c Rv.) strekt tot verkrijging van toestemming om de in het verzoekschrift genoemde goederen onderhands te mogen verkopen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Artikel 8:491 lid 1 BW bepaalt dat in geval van toepassing van artikel 8:490 BW de vervoerder, de bewaarnemer dan wel hij, die jegens de vervoerder recht heeft op de aflevering op zijn verzoek, door de rechter kan worden gemachtigd de zaken geheel of gedeeltelijk op de door de rechter te bepalen wijze te verkopen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De voormelde, ter zitting verschenen belanghebbende, heeft geen bezwaren geuit tegen toewijzing van het verzoek. Uit het verzoekschrift blijkt voldoende belang van verzoeker bij inwilliging van het verzoek. Het verzoek zal, als gegrond op de wet, worden toegewezen. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzieningenrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>bepaalt dat de goederen, genoemd in het verzoekschrift van verzoekster (namelijk: een lading fuel oil in het schip m.t. “Solero” dat in de haven van Rotterdam is afgemeerd) onderhands mogen worden verkocht aan de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid VAN AMEIDE MARINE B.V. te Rotterdam;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>bepaalt dat verzoekster zich voor de kosten van overslag en verkoop, alsmede de vracht, overliggeld, verhaalkosten, stookkosten en havenkosten kan verhalen op de opbrengst en dat het resterende saldo ter beschikking van de rechthebbenden in de consignatiekas dient te worden gestort;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze beschikking is gegeven door mr. J.W. van den Hurk en in het openbaar uitgesproken op 19 november 2014.<footnote-ref linkend="_30abc835-0c3b-42e9-8d0a-61f0ee143a3e" /></para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_30abc835-0c3b-42e9-8d0a-61f0ee143a3e" label="1">
    <para>2517/427 </para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>