<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2014:5317</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T13:05:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-07-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-05-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/446575 / HA ZA 14-276</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>Prg. 2014/210</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2014:5317">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2014:5317</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-07-02T12:24:30</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-07-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2014:5317 Rechtbank Rotterdam , 14-05-2014 / C/10/446575 / HA ZA 14-276</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2014:5317:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Betaling griffierecht. Toepassing hardheidsclausule. Verwarrende informatie van de zijde van de rechtbank.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2014:5317:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="179637fa-a634-405b-b9da-6f72213941a4" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="f17bd332-95aa-462b-b0d6-eedfd3b43c4f" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team haven &amp; handel</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/10/446575 / HA ZA 14-276</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 14 mei 2014</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>eiser in conventie,</para>
      <para>verweerder in reconventie,</para>
      <para>advocaat mr. J.M.A. Smits,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">VLM NEDERLAND B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Rotterdam,</para>
      <para>gedaagde in conventie,</para>
      <para>eiseres in reconventie,</para>
      <para>advocaat mr. E.C. van Fenema.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna [eiser] en VLM genoemd worden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het tussenvonnis van de kantonrechter van 7 februari 2014;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de akte van [eiser].</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De verdere beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Op grond van artikel 3 lid 1 Wet griffierechten burgerlijke zaken (Wgbz) is iedere verschenen partij in een civiele procedure een griffierecht verschuldigd. Deze zaak is door de kantonrechter verwezen naar een andere kamer dan die voor kantonzaken. Ingevolge artikel 8 lid 2 Wgbz dient de verhoging van het als gevolg daarvan verschuldigde griffierecht te worden betaald binnen vier weken na de eerste roldatum waarop de zaak na verwijzing staat. In dit geval was dat 12 maart 2014. [eiser] diende er dus voor te zorgen dat de verschuldigde verhoging van het griffierecht binnen vier weken nadien op de rekening van de rechtbank was bijgeschreven. Uit de administratie van de rechtbank blijkt dat op 17 april 2014 een bedrag van € 77,-- is ontvangen. Dat is na ommekomst van de termijn van vier weken.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft bij akte gesteld dat hij al op 21 februari 2014, direct na ontvangst van het vonnis van de kantonrechter, een bedrag van € 4,-- aan de rechtbank heeft overgemaakt. Het gaat hier om het bedrag dat hij blijkens het vonnis van de kantonrechter bij wijze van verhoging van het griffierecht verschuldigd was. Nadat hij een nota had ontvangen ter zake van (nog eens) € 77,-- aan griffierecht, heeft hij ook dat bedrag binnen vier weken na ontvangst van de nota betaald, aldus [eiser].</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De rechtbank heeft geen aanleiding om de stellingen van [eiser] in twijfel te trekken. Zij zal dus van de juistheid daarvan uitgaan. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Moet aangenomen worden dat [eiser] ingevolge de verwijzing door de kantonrechter een verhoging van het griffierecht van € 4,-- verschuldigd was, zoals met zoveel woorden in het vonnis van de kantonrechter is overwogen, dan staat daarmee vast dat hij die verhoging tijdig heeft betaald. Dat die betaling heeft plaats gevonden voordat de zaak voor het eerst na de verwijzing diende doet daar niet aan af.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Zou moeten worden aangenomen dat [eiser] op grond van de Wgbz een hoger bedrag aan griffierecht is verschuldigd, namelijk het later in rekening gebrachte bedrag van € 77,--, dan geldt dat sprake is van verwarrende informatie van de zijde van de rechtbank zelf, als gevolg waarvan aanleiding bestaat om toepassing te geven aan de zogenoemde hardheidsclausule van artikel 127 lid 2 Rv. In het vonnis van de kantonrechter is immers uitdrukkelijk opgenomen dat [eiser] nog slechts een bedrag van € 4,-- verschuldigd was in verband met de beslissing tot verwijzing. Op die overweging mocht [eiser] afgaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Dit betekent dat de rechtbank geen consequenties zal verbinden aan de mogelijk te late betaling van een deel van het griffierecht. De zaak zal verder inhoudelijk worden behandeld. De zaak bevindt zich in het stadium van het wijzen van vonnis. Daartoe zal een roldatum worden bepaald.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>verwijst de zaak naar de rol van <emphasis role="bold">25 juni 2014</emphasis> voor vonnis.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Th. Veling en in het openbaar uitgesproken op 14 mei 2014.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>1980/<emphasis role="italic">1729</emphasis></para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>