<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2013:8370</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T15:43:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-10-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2013-10-16</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C-11-100619 - HA ZA 12-2254</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Dordrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2013:8370">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2013:8370</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-10-30T11:38:37</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-10-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2013:8370 Rechtbank Rotterdam , 16-10-2013 / C-11-100619 - HA ZA 12-2254</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2013:8370:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bewijswaardering - vorderingen afgewezen. Eiser niet geslaagd in bewijsopdracht dat zijn moeder buiten zijn medeweten een aanvullende studiebeurs heeft aangevraagd. Hoewel de door hem voorgebrachte getuigen op overtuigende wijze een zeker patroon in de handelwijze van moeder (lees: oplichting van familieleden) hebben blootgelegd, leveren die verklaringen geen bewijs op.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2013:8370:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="ed190d20-ad19-469f-94cd-fe039e0df30f" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="b3d33d0a-a4b1-432a-8454-6d843da941bb" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team handel</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/11/100619 / HA ZA 12-2254</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 16 oktober 2013</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te Hellevoetluis,</para>
      <para>eiser,</para>
      <para>advocaat mr. A. Maaskant,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te Hellevoetsluis,</para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>advocaat mr. L.M. Baltazar de Seixas.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna [eiser] en [gedaagde] genoemd worden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het tussenvonnis van 20 februari 2013 en de daarin genoemde stukken,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het proces-verbaal van getuigenverhoor van 4 juni 2013,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het proces-verbaal van getuigenverhoor van 30 augustus 2013.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De verdere beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>In het tussenvonnis van 20 februari 2013 is [eiser] toegelaten te bewijzen:</para>
      <para>- dat [gedaagde] buiten medeweten van [eiser] een aanvullende studiebeurs en lening op zijn naam heeft aangevraagd;</para>
      <para>- dat [gedaagde] de bankpas van [eiser] vanaf 1 januari 2006 tot en met eind 2009 onafgebroken in haar bezit heeft gehad;</para>
      <para>- dat [eiser] met [gedaagde] heeft afgesproken dat [gedaagde] zou zorgdragen voor het betalen van de premie ziektekosten en het schoolgeld van [eiser].</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Ter voldoening aan deze bewijsopdrachten zijn aan de zijde van [eiser] vijf getuigen gehoord, te weten [eiser], [gedaagde], [getuige 3], [getuige 4] en [getuige 5].</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [eiser] is partijgetuige en aan de door hem afgelegde getuigenverklaring komt daarom slechts beperkte bewijskracht toe. Zijn verklaring omtrent de door hem te bewijzen feiten kan geen bewijs in zijn voordeel opleveren, tenzij zijn verklaring strekt ter aanvulling van onvolledig bewijs ( artikel 164 lid 2 Rv). Van aanvulling van onvolledig bewijs is sprake als er aanvullende bewijzen voorhanden zijn die zo sterk zijn en zodanig essentiële punten betreffen dat zij de partijgetuigenverklaring voldoende geloofwaardig maken (HR 31 maart 1995, NJ 1997, 592). </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De verklaring van [gedaagde] heeft geen bewijs opgeleverd in het voordeel van [eiser]. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>
        [getuige 3] (broer van [eiser] en zoon van [gedaagde]) heeft verklaard dat [gedaagde] hem in het verleden heeft opgelicht door buiten zijn medeweten een lening op zijn naam af te sluiten en door zich vervolgens het ontvangen leenbedrag toe te eigenen. [getuige 3] heeft aangifte van oplichting gedaan hetgeen heeft geleid tot een strafrechtelijke veroordeling van [gedaagde]. [getuige 5] (zus van [eiser] en dochter van [gedaagde]) heeft verklaard dat [gedaagde], net als bij [eiser], buiten haar medeweten een aanvullende lening op haar studiefinanciering heeft aangevraagd met behulp van een DigiD code die was gelinkt aan het mobiele telefoonnummer van [gedaagde] en dat [gedaagde] zich het geleende geldbedrag heeft toegeëigend. [getuige 4] (zus van [gedaagde]) heeft kort gezegd verklaard dat [gedaagde] al haar hele leven lang familieleden oplicht. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <parablock>
        <para>Hoewel de verklaringen van [getuige 3], [getuige 5] en [getuige 4] op overtuigende wijze een zeker patroon blootleggen van de handelwijze van [gedaagde], leveren zij niet het benodigde bewijs op. De getuigen hebben medegedeeld dat zij niet uit eigen wetenschap kunnen verklaren over de lening van [eiser] en/of een mogelijke afspraak tussen [eiser] en [gedaagde] over het betalen van de premie ziektekosten en schoolgeld. Van aanvulling van de door [eiser] afgelegde getuigenverklaring in de zin van artikel 164 </para>
        <para>lid 2 Rv is geen sprake.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>Bovendien heeft de door [gedaagde] in contra-enquête gehoorde getuige [getuige 6] verklaard dat hij heeft gezien en gehoord dat [eiser] samen met [gedaagde] een aanvullende lening (of beurs) op zijn studiefinanciering heeft aangevraagd, hetgeen het door [gedaagde] gevoerde verweer in deze procedure bevestigt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <para>Gezien het voorgaande is [eiser] er niet in geslaagd voornoemd bewijs te leveren. De vorderingen zullen daarom worden afgewezen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9.</nr>
      <para>
        [eiser] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [gedaagde] worden begroot op:</para>
      <para>- griffierecht	€ 	73,00</para>
      <para>- salaris advocaat	<emphasis role="underline">€ 	2.026,50</emphasis> (3,5 punten × tarief III ad € 579,00 per punt)</para>
      <para>Totaal	€ 	2.099,50</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>wijst de vorderingen af,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>veroordeelt [eiser] in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde] begroot op    € 2.099,50,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. D. van Dooren en in het openbaar uitgesproken op 16 oktober 2013.<footnote-ref linkend="_c2942a15-e335-4479-8f0f-84c6cb8ddcbe" /></para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_c2942a15-e335-4479-8f0f-84c6cb8ddcbe" label="1">
    <para>2457</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>