<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2026:51</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-01-09T11:41:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-01-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2026-01-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11825516 \ CV EXPL  25-2350</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zwolle</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2026:51">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2026:51</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-01-08T15:35:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-01-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2026:51 Rechtbank Overijssel , 06-01-2026 / 11825516 \ CV EXPL  25-2350</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2026:51:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Betalingsachterstand bij Zilveren Kruis. Zilveren Kruis is niet verplicht om akkoord te gaan met een betalingsregeling (artikel 6:29 BW).</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2026:51:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OVERIJSSEL</bridgehead>
    <para>Civiel recht </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zwolle</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer	: 11825516 \ CV EXPL  25-2350 </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 6 januari 2026</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de naamloze vennootschap <emphasis role="bold">ZILVEREN KRUIS ZORGVERZEKERINGEN N.V.</emphasis>,<?linebreak?>gevestigd en kantoorhoudende te Utrecht,</para>
      <para>eisende partij, hierna te noemen Zilveren Kruis,</para>
      <para>gemachtigde: [gemachtigde],</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>,<?linebreak?>wonende in [woonplaats],</para>
      <para>gedaagde partij, hierna te noemen [gedaagde],</para>
      <para>verschenen in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- de dagvaarding van 15 juli 2025;</para>
      <para>- de schriftelijke reactie van [gedaagde], aangemerkt als conclusie van antwoord;</para>
      <para>- de conclusie van repliek, tevens akte vermeerdering van eis;</para>
      <para>- de schriftelijke reactie van [gedaagde], aangemerkt als conclusie van dupliek.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte heeft de kantonrechter bepaald dat vonnis zal worden gewezen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft een zorgverzekering bij Zilveren Kruis. Zij heeft een achterstand laten ontstaan in de betaling van de premies.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Zilveren Kruis wil – na vermeerdering van eis – dat de kantonrechter [gedaagde] veroordeelt om een bedrag van € 2.466,48 aan Zilveren Kruis te betalen. Dat bedrag bestaat uit € 2.131,50 aan achterstallige premies, € 31,02 aan wettelijke rente tot en met 15 juli 2025 en € 303,96 aan buitengerechtelijke incassokosten. Verder wil Zilveren Kruis dat [gedaagde] wordt veroordeeld om de wettelijke rente vanaf 9 juli 2025 over de (op dat moment openstaande hoofdsom van € 1.674,75 te betalen, en dat [gedaagde] wordt veroordeeld in de proceskosten. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft erkend dat zij een betalingsachterstand heeft. [gedaagde] heeft gevraagd of zij de achterstand in maandelijkse termijnen kan betalen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Omdat [gedaagde] heeft erkend dat zij de bedragen die Zilveren Kruis vordert, verschuldigd is, zal de kantonrechter de vordering van Zilveren Kruis toewijzen en [gedaagde] veroordelen om een bedrag van € 2.131,50 aan Zilveren Kruis te betalen. De kantonrechter kan niet bepalen dat [gedaagde] de achterstand in maandelijkse termijn mag betalen, omdat Zilveren Kruis dat, als schuldeiser, zelf mag bepalen (dat staat in artikel 6:29 van het Burgerlijk Wetboek). [gedaagde] kan natuurlijk wel zelf met Zilveren Kruis contact opnemen om tot een betalingsregeling te (proberen te) komen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Omdat [gedaagde] een betalingsachterstand heeft en daardoor bedragen te laat heeft betaald, moet zij ook de wettelijke rente betalen. De wettelijke rente wordt toegewezen voor een bedrag van € 31,02 tot en met 15 juli 2025, en vanaf 16 juli 2025 over de (op dat moment achterstallige) factuurbedragen van € 1.674,75.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Zilveren Kruis heeft [gedaagde] op 14 mei 2025 voor een achterstallig bedrag van € 1.674,75 een aanmaning gestuurd die aan de wettelijke vereisten voldoet. De buitengerechtelijke incassokosten worden aan de hand van het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten toegewezen voor een bedrag van € 303,96.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>In totaal moet [gedaagde] dus een bedrag van € 2.131,50 + € 31,02 + € 303,96 = € 2.466,48 aan Zilveren Kruis betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 16 juli 2025 tot de dag van volledige betaling over de (op dat moment achterstallige) factuurbedragen van € 1.674,75. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <parablock>
        <para>
          [gedaagde] wordt in deze procedure veroordeeld om de door Zilveren Kruis gevorderde bedragen te betalen. Dat betekent dat zij ongelijk krijgt. [gedaagde] moet daarom de proceskosten van Zilveren Kruis betalen. De proceskosten worden begroot op:</para>
        <para>kosten dagvaarding	€    146,83</para>
        <para>griffierecht		€    385,00</para>
        <para>salaris gemachtigde	€    408,00 (2 punten x salaristarief € 204,00)</para>
        <para>nakosten			<emphasis role="underline">€    102,00</emphasis> (½ punt x salaristarief € 204,00)</para>
        <para>totaal			€ 1.041,83</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De kantonrechter</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] om een bedrag van € 2.466,48 aan Zilveren Kruis te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over een bedrag van € 1.674,75 vanaf 16 juli 2025 tot de dag van volledige betaling;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van Zilveren Kruis begroot op € 1.041,83;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
      <para />
      <para />
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. R.F. van Aalst, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 6 januari 2026. (SB)</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>