<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBOVE:2025:5001</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-29T10:10:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Overijssel" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Overijssel</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-07-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">84.190948.22 (P)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zwolle</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2025:5001">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2025:5001</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-28T14:05:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBOVE:2025:5001 Rechtbank Overijssel , 28-07-2025 / 84.190948.22 (P)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBOVE:2025:5001:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De rechtbank veroordeelt een 30-jarige man tot een gevangenisstraf van zeven maanden, waarvan drie maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. De verdachte heeft zich samen met zijn medeverdachten schuldig gemaakt aan het voorhanden hebben en opslaan van een grote hoeveelheid onveraccijnsde tabak en het voorhanden hebben van twee tabaksproductieapparaten.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBOVE:2025:5001:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK OVERIJSSEL</bridgehead>
    <para>Team Strafrecht </para>
    <para>Meervoudige kamer</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zwolle</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 84.190948.22 (P)</para>
      <para>Datum vonnis: 28 juli 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1995 in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>wonende aan de [adres 1] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 14 juli 2025.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie en van wat door verdachte naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdenking komt er, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte op 11 mei 2022 in Deventer: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 1:</emphasis> samen met anderen of alleen opzettelijk 571,5 kilogram onveraccijnsde tabak voorhanden en/of in opslag heeft gehad;</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 2:</emphasis> samen met anderen of alleen twee tabaksproductieapparaten voorhanden heeft gehad, zonder een daartoe strekkende vergunning, terwijl verdachte wist of redelijkerwijs kon weten dat de tabaksproductieapparaten werden gebruikt tot de ontduiking van accijns. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>hij op of omstreeks 11 mei 2022 te Deventer, in elk geval in Nederland,</para>
      <para>tezamen en in vereniging met (een) ander(en), en/of alleen,</para>
      <para>opzettelijk (een) grote hoeveelheid accijnsgoed(eren), te weten (ongeveer) 571,5 kilogram (rook)tabak, althans een (grote) hoeveelheid (rook)tabak, voorhanden en/of in opslag heeft/hebben gehad,</para>
      <para>terwijl die/dat accijnsgoed(eren) niet overeenkomstig de bepalingen van de Wet op</para>
      <para>de accijns in de heffing waren betrokken;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij op of omstreeks 11 mei 2022 te Deventer, in elk geval in Nederland,</para>
      <para>tezamen en in vereniging met (een) ander(en), en/of alleen,</para>
      <para>twee tabaksproductieapparaten, althans één of meer tabaksproductieappara(a)t(en), te weten een snijmachine en/of een droogtrommel, voorhanden heeft/hebben gehad,</para>
      <para>zonder een daartoe strekkende vergunning van de inspecteur te hebben verkregen,</para>
      <para>zulks terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s), wist(en) en/of redelijkerwijs kon(den) weten dat het/de tabaksproductieappara(a)t(en) bestemd was/waren of zou worden bestemd om te worden gebruikt tot ontduiking van de accijns.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De bewijsmotivering</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Inleiding</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>In het onderzoek Coates staan twee partijen onveraccijnsde tabak en twee tabaksproductie-apparaten centraal, aangetroffen op locaties in Deventer en Emmeloord. Hierbij zouden vier natuurlijke personen, genaamd [medeverdachte 1] (hierna: [medeverdachte 1] ), [medeverdachte 2] (hierna: [medeverdachte 2] ), [medeverdachte 3] (hierna: [medeverdachte 3] ) en verdachte, en de rechtspersoon [medeverdachte bedrijf] BV (hierna: [medeverdachte bedrijf] ) betrokken zijn. </para>
        <para>Verdachte is alleen de in Deventer aangetroffen tabak en tabaksproductieapparaten ten laste gelegd. Dit vonnis zal zich daarom beperken tot de op deze locatie aangetroffen tabak en tabaksproductiemachines.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van beide ten laste gelegde feiten. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdachte</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte ontkent de ten laste gelegde feiten. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht op grond van de volgende redengevende feiten en omstandigheden, die in de bewijsmiddelen zijn vervat en waarop de bewezenverklaring steunt, wettig en overtuigend bewezen dat verdachte beide ten laste gelegde feiten heeft begaan.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">De feiten en omstandigheden</emphasis>
          <footnote-ref linkend="_8f638089-108a-4684-94b9-fd7df19df154" />
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank stelt op grond van de inhoud van het dossier en het onderzoek ter terechtzitting de volgende feiten en omstandigheden vast.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De aangetroffen tabak</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>In een bedrijfsruimte aan de [adres 2] is op 11 mei 2022 onveraccijnsde tabak aangetroffen, na een melding van getuige [getuige] die een sterke chemische geur had geroken afkomstig van het door verdachte gehuurde deel van de bedrijfsruimte. Bij het betreden van het bedrijfspand via het laad- en losplatform roken verbalisanten voor de roldeur een sterke geur die zij herkenden als de geur van tabak. De tabak was verpakt in zowel 200 kilogram verpakkingen als in doorzichtige plastic zakken en in zakjes met het opschrift ‘<emphasis role="italic">[naam]</emphasis>’.<footnote-ref linkend="_502abb6d-6dd9-4ac2-ba58-50a16b341428" /> Op geen van de verpakkingen, zakken of zakjes werden accijnszegels aangetroffen.<footnote-ref linkend="_11e901ef-0323-44e6-a48a-8948d731694d" /> De verbalisanten hebben foto’s genomen van de hiervoor beschreven aangetroffen situatie.<footnote-ref linkend="_cd894fb0-8c98-4926-aef4-93d7f8aa5606" /> Op het adres in Deventer was op dat moment geen vergunninghouder gevestigd die tabaksproducten voorhanden mocht hebben of mocht bewerken.<footnote-ref linkend="_5157a4ad-36e9-4fcf-83a8-9f2ce496a642" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Na weging bleek er in totaal 1.229,5 kilogram tabak in beslag te zijn genomen.<footnote-ref linkend="_05c5e7de-c04d-4edb-827d-ba7a8bc72c01" /> Hiervan was volgens verbalisanten 658 kilogram verontreinigd. Van de overige 571,5 kilogram zijn steekproefsgewijs monsters genomen en opgestuurd naar het Douane Laboratorium. Hiervan is één monster geïdentificeerd als tabak, goederencode 2401.20 en accijnscode 79, die zonder verdere behandeling niet rookbaar is. Na versnijden van die bemonsterde tabak is deze rookbaar met behulp van een rookmachine. De overige monsters zijn geïdentificeerd als rooktabak, goederencode 2403.1990 en accijnscode 79, die zonder verdere behandeling rookbaar is met behulp van een rookmachine. </para>
        <para>Alle tabaksmonsters kunnen worden aangemerkt als rooktabak als bedoeld in artikel 32 van de Wet op de accijns.<footnote-ref linkend="_48be104e-271f-4334-a3f5-4f3bca4d697e" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Het nadeel aan niet afgedragen accijns is berekend op € 91.960,--.<footnote-ref linkend="_259be8e8-8037-49a4-b070-50ceffce932b" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft verklaard dat hij de huurder is van het bedrijfspand aan de [adres 2] , waarin hij twee transportbedrijven heeft gevestigd. Hij heeft verklaard dat hij opdracht had gekregen om goederen te vervoeren. Hij heeft daartoe in Emmeloord goederen van een chauffeur van [bedrijf 2] in ontvangst genomen die waren vervoerd onder een CMR-vrachtbrief waarop vermeld stond dat het netto 1.200 kilogram <emphasis role="italic">Tobacco</emphasis> betrof.<footnote-ref linkend="_e7613726-df8f-42c2-ba82-4fe5cb7d64f2" /> Bij het uitvoeren van dit laatste transport kreeg hij problemen met zijn verzekering en daarom heeft hij de dozen ongeveer één maand geleden naar zijn bedrijfsruimte gebracht. Hiervan waren volgens verdachte drie dozen kapot gegaan. In deze dozen heeft verdachte verpakkingen met het opschrift ‘<emphasis role="italic">[naam]</emphasis>’ gezien met daarin tabak. Verdachte heeft daarna acht grote dozen open gemaakt, waarin hij grote, doorzichtige plastic zakken met losse tabak zag. Verdachte heeft vervolgens telefonisch contact opgenomen met [medeverdachte 2] , volgens verdachte de eigenaar van de producten. [medeverdachte 2] zou de plastic zakken zelf komen ophalen en voor de 200 kilogram dozen een vrachtwagen sturen, aldus verdachte.<footnote-ref linkend="_77b76b1c-710b-4796-b9d0-b617f3e5c260" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De aangetroffen tabaksproductieapparaten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>In het bedrijfspand te Deventer werden op 11 mei 2022 ook een snijmachine en een droogtrommel aangetroffen, die bestemd zijn voor de verwerking van tabak.<footnote-ref linkend="_2343bcf4-59a7-4227-8b86-b00410c1419c" /> Van de aangetroffen droogtrommel en snijmachine zijn door verbalisanten foto’s gemaakt.<footnote-ref linkend="_20f982f2-c4f5-4183-a2ad-7f58652298ea" /> Op de snijmachine is een bruinkleurige stofaanslag aangetroffen, die volgens verbalisanten gelijk is aan het fijnstof dat zij herkennen als fijnstof aanwezig bij een tabaksfabriek waar tabak wordt verwerkt. Dit fijnstof werd ook aangetroffen aan de buitenzijde van één van de bestelauto’s in de bedrijfsruimte.<footnote-ref linkend="_5e8a0162-3f97-43d1-9866-10cd742ae2a0" /></para>
        <para>In de droogtrommel werden resten van tabak aangetroffen.<footnote-ref linkend="_647d82c9-62e9-4e2d-a43f-0ce74bd72be3" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Tijdens zijn verhoor zijn aan verdachte foto’s van de machines getoond. Verdachte heeft verklaard dat hij deze machines anderhalve maand eerder heeft opgehaald in Emmeloord en dat hij deze machines in opdracht van [medeverdachte 2] moest demonteren. De machines zouden volgens verdachte samen met de tabak naar Turkije worden vervoerd.<footnote-ref linkend="_9b48272c-667c-4f0e-9fa3-edb61ef4022a" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          [medeverdachte 1] heeft verklaard dat hij een brander en versnipperaar heeft gekocht bij een Pools bedrijf. Door [medeverdachte 1] is een factuur in de Poolse taal verstuurd naar verbalisanten, op naam van [bedrijf 1] en gericht aan [medeverdachte bedrijf] met de datum 15 december 2021.<footnote-ref linkend="_2bd61a03-a1b5-4f4c-86c4-82bb95b61f2d" /> De factuur vermeldt een aankoopbedrag van € 19.100,-- voor de gekochte apparaten.<footnote-ref linkend="_a0a8bfe6-3bac-42ea-98bc-81febcc77b2d" /></para>
        <para>Uit onderzoek naar de tekst op die factuur bleek dat de Poolse onderneming een website had met de domeinnaam ‘ [internetsite] ’. Op die website stond onder het kopje ‘<emphasis role="italic">products</emphasis>’ dat het bedrijf onder meer ‘<emphasis role="italic">Tobacco cutting machines'</emphasis> en `<emphasis role="italic">Dryers and steamers</emphasis>’ verkocht. Op de internetsite van [bedrijf 1] werden alleen producten te koop aangeboden die te maken hebben met de verwerking van tabak, en alleen ongebruikte machines werden aangeboden.<footnote-ref linkend="_b7a7c20b-a3e8-4071-88c8-08eb826434a4" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De overwegingen van de rechtbank</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Feit 1</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Met betrekking tot de rooktabak</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op grond van voorgaande feiten en omstandigheden stelt de rechtbank vast dat de in Deventer aangetroffen 571,5 kilogram tabak – mede op basis van de prejudiciële uitspraak van het Hof van Justitie van 6 april 2017, zaak C-638/15 (Eko Tabak-arrest) – kan worden aangemerkt als “rooktabak” en dus aan accijnsheffing onderhevig is. </para>
        <para>Ook stelt de rechtbank vast dat door het ontbreken van accijnszegels op de aangetroffen tabak deze niet in overeenkomstig de Wet op de accijns in de heffing waren betrokken en dat op het adres [adres 2] geen vergunninghouder was gevestigd die tabaksproducten voorhanden mocht hebben of mocht bewerken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Met betrekking tot de betrokkenheid van verdachte</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank ziet zich gelet op het voorgaande eerst voor de vraag gesteld of verdachte de tabak voorhanden heeft gehad in de zin van de Wet op de accijns. Indien die vraag bevestigend wordt beantwoord, dient de rechtbank de vraag te beantwoorden of verdachte opzettelijk heeft gehandeld.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Voorhanden hebben</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Aan verdachte is tenlastegelegd dat hij opzettelijk de onveraccijnsde rooktabak voorhanden heeft gehad als bedoeld in artikel 5, eerste lid onder b, van de Wet op de accijns.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op grond van artikel 5 lid 1 onder b van de Wet op de accijns is het niet toegestaan om accijnsgoederen voorhanden te hebben die niet overeenkomstig de bepalingen van de Wet op de accijns in de heffing zijn betrokken. Het begrip voorhanden hebben moet Unierechtelijk worden uitgelegd, omdat de Wet op de accijns een implementatie is van een EG-richtlijn. Die uitleg is ruimer dan in het gewone spraakgebruik. Niet alleen de persoon die de feitelijke beschikkingsmacht over de accijnsgoederen heeft, maar ook enig ander persoon die bij het voorhanden hebben betrokken is kan worden aangemerkt als degene die accijnsgoederen voorhanden heeft.<footnote-ref linkend="_076b78ab-b5d9-4d7e-a2b5-4d54b5ee4d51" /> Niet vereist is dat de persoon die de accijnsgoederen voorhanden had wist of redelijkerwijs had moeten weten dat voor die goederen accijns was verschuldigd.<footnote-ref linkend="_1056ecf9-37f0-4a9f-ad8c-1d222b773521" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft verklaard dat hij de dozen met tabak ongeveer één maand voor de doorzoeking door de verbalisanten in zijn bedrijfspand heeft opgeslagen, in afwachting van het transport naar Turkije. Daarmee heeft verdachte gedurende deze periode de feitelijke beschikkingsmacht gehad over de tabak. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht bewezen dat verdachte de onveraccijnsde tabak voorhanden heeft gehad en heeft opgeslagen in de zin van artikel 5, eerste lid onder b, van de Wet op de accijns. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Opzet</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Vervolgens ziet de rechtbank zich voor de vraag gesteld of verdachte de onveraccijnsde tabak opzettelijk voorhanden heeft gehad en heeft opgeslagen. Daarvoor is op zijn minst vereist dat verdachte bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat op de locatie Deventer tabak voorhanden was en lag opgeslagen die niet in de accijns waren betrokken (<emphasis role="italic">voorwaardelijk opzet</emphasis>). Voor het beantwoorden van deze vraag overweegt de rechtbank als volgt. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Uit de vastgestelde feiten en omstandigheden volgt dat op de aangetroffen tabak geen accijnszegels zijn aangetroffen. Verdachte heeft verklaard dat hij de tabak heeft gezien, onder meer in grote, doorzichtige plastic zakken en verpakkingen met het opschrift ‘<emphasis role="italic">[naam]</emphasis>’. Verdachte heeft ook verklaard dat hij de grote dozen met tabak heeft opengemaakt, omdat hij het niet meer vertrouwde.<footnote-ref linkend="_6bd4b635-be63-430a-bce1-1b1955ddff55" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Uit de wijze waarop de tabak opgeslagen lag in het bedrijfspand en uit hetgeen de verdachte over het transport, de opslag en het openmaken van de dozen heeft verklaard, leidt de rechtbank af dat hij op zijn minst bewust de aanmerkelijk kans heeft aanvaard dat de in Deventer aangetroffen partij tabak niet in de heffing van de accijns was betrokken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Conclusie</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte op 11 mei 2022 opzettelijk 571,5 kilogram onveraccijnsde tabak voorhanden heeft gehad en heeft opgeslagen in de zin van artikel 5, eerste lid onder b, van de Wet op de accijns.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Feit 2</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op basis van de hiervoor vastgestelde feiten en omstandigheden stelt de rechtbank vast dat op 11 mei 2022 in het bedrijfspand aan de [adres 2] twee tabaksproductie-apparaten zijn aangetroffen, waarvoor geen accijnsvergunning was afgegeven. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft verklaard dat hij niet wist dat de droogtrommel en snijmachine bestemd waren voor de verwerking van tabak. Gelet op de vastgestelde feiten en omstandigheden stelt de rechtbank deze verklaring van verdachte als ongeloofwaardig terzijde. In dit verband overweegt de rechtbank het volgende. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op één van de auto’s aangetroffen in het bedrijfspand van verdachte is fijnstof aangetroffen, die volgens de verbalisanten vergelijkbaar is met fijnstof dat ook wordt aangetroffen bij een tabaksfabriek waar tabak wordt verwerkt. Dit fijnstof is ook aangetroffen op de snijmachine. In de droogtrommel zijn resten van tabak aangetroffen. Uit de door verbalisant gemaakte foto’s van de aangetroffen tabak leidt de rechtbank af dat zowel versneden tabak als onversneden tabaksbladeren aanwezig waren in het bedrijfspand. Verdachte heeft verklaard dat hij de tabak in de dozen en plastic zakken heeft gezien. Tot slot heeft verdachte verklaard dat hij de snijmachine en droogtrommel moest demonteren, zodat deze tegelijkertijd met de tabak konden worden vervoerd naar Turkije. Hij was dus bekend met de functie van de machines. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Gelet op deze feiten en omstandigheden is de rechtbank van oordeel dat verdachte heeft geweten dan wel redelijkerwijs kunnen weten dat deze tabaksproductieapparaten waren bestemd om gebruikt te worden voor het ontduiken van accijns.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Met betrekking tot het medeplegen</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is op basis van de vastgestelde feiten en omstandigheden van oordeel dat verdachte en [medeverdachte 2] op een nauwe en bewuste wijze hebben samengewerkt bij beide ten laste gelegde feiten. Verdachte heeft in overleg met [medeverdachte 2] de tabak opgeslagen in zijn bedrijfs-pand. Ook zou verdachte in opdracht van [medeverdachte 2] de tabaksproductiemachines demonteren. Beide machines zouden samen met de tabak naar Turkije worden vervoerd. </para>
        <para>Gelet hierop acht de rechtbank de betrokkenheid van verdachte van voldoende gewicht om hem aan te merken als medepleger van het voorhanden hebben en opslaan van de in Deventer aangetroffen tabak en het voorhanden hebben van de tabaksproductieapparaten. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">De bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht op grond van de opgegeven bewijsmiddelen wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de ten laste gelegde feiten heeft begaan, met dien verstande dat:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>1.</para>
        <para>hij op 11 mei 2022 te Deventer,</para>
        <para>tezamen en in vereniging met een ander, opzettelijk een grote hoeveelheid accijnsgoederen, te weten 571,5 kilogram rooktabak voorhanden en in opslag heeft gehad,</para>
        <para>terwijl die accijnsgoederen niet overeenkomstig de bepalingen van de Wet op de accijns in de heffing waren betrokken;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>2.</para>
        <para>hij op 11 mei 2022 te Deventer,</para>
        <para>tezamen en in vereniging met een ander, twee tabaksproductieapparaten, te weten een snijmachine en een droogtrommel, voorhanden heeft gehad,</para>
        <para>zonder een daartoe strekkende vergunning van de inspecteur te hebben verkregen,</para>
        <para>terwijl hij, verdachte, en zijn mededader, wisten en/of redelijkerwijs konden weten dat de tabaksproductieapparaten bestemd waren of om te worden gebruikt tot ontduiking van de accijns.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten zijn verbeterd in de bewezenverklaring. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De strafbaarheid van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde is strafbaar gesteld in artikel 5 van de Wet op de accijns, in samenhang met artikel 97 van de Wet op de accijns, artikel 90a van de Wet op de accijns, in samenhang met artikel 99 van de Wet op de accijns, en artikel 47 van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr). Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 1</emphasis>
      </para>
      <para>het misdrijf: <emphasis role="italic">medeplegen van het opzettelijk overtreden van een in artikel 5 van de Wet op de accijns opgenomen verbod;</emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 2</emphasis>
      </para>
      <para>het misdrijf: <emphasis role="italic">medeplegen van het opzettelijk overtreden van een in artikel 90a van de Wet op de accijns opgenomen verbod, terwijl hij weet (of redelijkerwijs kon weten) dat het tabaksproductieapparaat bestemd is of zal worden bestemd om te worden gebruikt tot ontduiking van de accijns, meermalen gepleegd.</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. De rechtbank oordeelt daarom dat verdachte strafbaar is voor de bewezenverklaarde feiten.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De op te leggen straf of maatregel</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld voor een gevangenisstraf voor de duur van zeven maanden, waarvan drie maanden voorwaardelijk gekoppeld aan een proeftijd van twee jaren. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdachte</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft geen standpunt ingenomen over een eventuele strafoplegging.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">De gronden voor een straf of maatregel</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bij de strafoplegging houdt de rechtbank rekening met de aard en de ernst van de gepleegde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en de persoon van verdachte zoals die uit het dossier en tijdens de behandeling ter terechtzitting naar voren zijn gekomen. De rechtbank acht daarbij in het bijzonder het volgende van belang. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Aard en ernst van het feiten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft zich samen met een ander schuldig gemaakt aan het voorhanden hebben en opslaan van een grote hoeveelheid onveraccijnsde tabak en het voorhanden hebben van twee tabaksproductieapparaten. Het voorhanden hebben van deze goederen verstoort de reguliere markt voor tabakswaren, de economische ordening en het fiscale systeem van Nederland. Illegale tabaksproducten worden vaak verkocht voor een prijs die ver onder de reguliere prijs voor zulke producten ligt. Hiermee ontduikt verdachte de accijnsverplichting die op deze producten van toepassing is en ontstaat ten onrechte een significant concurrentievoordeel. Het nadeel voor de Nederlandse staat door het niet afdragen van de verschuldigde accijns op de tabak is vastgesteld op € 91.960,--. </para>
        <para>Tot slot heeft het handelen van verdachte een negatieve invloed op het anti-rookbeleid van de Nederlandse overheid. Met de handel in illegale tabaksproducten wordt dit beleid ondermijnd, nu prijsverhogingen door heffingen en accijns worden ontweken. Dit alles rekent de rechtbank de verdachte aan.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Persoon van de verdachte</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie betreffende verdachte van 14 april 2025. Hieruit blijkt dat hij eerder is veroordeeld voor een strafbaar feit en dat artikel 63 Sr van toepassing is.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De op te leggen straf</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft bij het bepalen van de strafmodaliteit en de strafmaat rekening gehouden met straffen die rechters in soortgelijke strafzaken opleggen en de oriëntatiepunten voor straftoemeting van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS) ten aanzien van fraude. Bij een benadelingsbedrag van tussen de € 70.000,-- tot € 125.000,-- houden de oriëntatiepunten een onvoorwaardelijke gevangenisstraf in van vijf tot negen maanden.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Alles afwegende, waaronder verdachte zijn rol in het geheel van feiten en omstandigheden en de hoeveelheid aangetroffen tabak evenals tabaksproductieapparaten en de aan de medeverdachten opgelegde straffen, is de rechtbank van oordeel dat een gevangenisstraf voor de duur van zeven maanden, waarvan drie maanden voorwaardelijk gekoppeld aan een proeftijd van twee jaren, passend en geboden is.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.4</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">De inbeslaggenomen voorwerpen</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft het standpunt ingenomen dat de beslaglijst onder 1 vermelde pompwagen dient te worden verbeurd verklaard. De op de beslaglijst onder 2 tot en met 34 vermelde voorwerpen, dienen volgens de officier van justitie te worden te worden onttrokken aan het verkeer.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De verdachte heeft geen standpunt ingenomen over de inbeslaggenomen voorwerpen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat de op de beslaglijst onder 1 vermelde pompwagen vatbaar is voor verbeurdverklaring, nu dit een voorwerp betreft met behulp van welke het feit is begaan.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat de op de beslaglijst onder 2 tot en met 34 vermelde voorwerpen vatbaar zijn voor onttrekking aan het verkeer, aangezien met betrekking tot deze voorwerpen de feiten zijn begaan en het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>De toegepaste wettelijke voorschriften</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De hierna te nemen beslissing berust op de hiervoor genoemde wetsartikelen. Daarnaast berust deze beslissing op de artikelen 14a, 14b, 14c, 33, 33a, 36b, 36c en 57 Sr.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>8</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart bewezen dat verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">strafbaarheid feiten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het bewezen verklaarde strafbaar;</para>
    <para>- verklaart dat het bewezen verklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 1</emphasis>
      </para>
      <para>het misdrijf: <emphasis role="italic">medeplegen van het opzettelijk overtreden van een in artikel 5 van de Wet op de accijns opgenomen verbod;</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 2</emphasis>
      </para>
      <para>het misdrijf: <emphasis role="italic">medeplegen van het opzettelijk overtreden van een in artikel 90a van de Wet op de accijns opgenomen verbod, terwijl hij weet (of redelijkerwijs kon weten) dat het tabaksproductieapparaat bestemd is of zal worden bestemd om te worden gebruikt tot ontduiking van de accijns, meermalen gepleegd;</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">strafbaarheid verdachte</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart verdachte strafbaar voor het onder 1 en 2 bewezen verklaarde;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">straf</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- veroordeelt verdachte tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">7 (zeven) maanden</emphasis>;</para>
    <para>- bepaalt dat van deze gevangenisstraf een gedeelte van <emphasis role="bold">3 (drie) maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders mocht gelasten De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de <emphasis role="bold">proeftijd van 2 (twee) jaren</emphasis> de navolgende algemene voorwaarde niet is nagekomen:</para>
    <para>- stelt als <emphasis role="bold">algemene voorwaarde</emphasis> dat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">de in beslag genomen voorwerpen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart verbeurd het in beslag genomen voorwerp, te weten het op de beslaglijst genoemde voorwerp onder nummer 1;</para>
    <para>- verklaart onttrokken aan het verkeer de in beslag genomen voorwerpen, te weten op de beslaglijst genoemde voorwerpen onder de nummers 2 tot en met 34.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. H. Stam, voorzitter, mr. R.P. van Campen en </para>
      <para>mr. L. Kesteloo, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.S. de Bruin, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 28 juli 2025.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Buiten staat</emphasis>
      </para>
      <para>Mr. R.P. van Campen en mr. L. Kesteloo zijn niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_8f638089-108a-4684-94b9-fd7df19df154" label="1">
    <para> Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s zijn dit pagina’s uit het dossier van de Belastingdienst/FIOD met nummer 71587/onderzoek Coates. Tenzij hieronder anders wordt vermeld, wordt steeds verwezen naar bladzijden van een in de wettelijke vorm, door daartoe bevoegde personen, opgemaakt proces-verbaal.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_502abb6d-6dd9-4ac2-ba58-50a16b341428" label="2">
    <para> Het proces-verbaal van bevindingen onderzoek inbeslaggenomen tabak van 24 maart 2023, AMB-005, p. 167, en het proces-verbaal van Forensische Onderzoek – Plaats delict onderzoek [adres 2] , </para>
    <para>IBN-001-03, p. 195 t/m 200.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_11e901ef-0323-44e6-a48a-8948d731694d" label="3">
    <para> Het proces-verbaal van Forensische Onderzoek – Plaats delict onderzoek [adres 2] , </para>
    <para>IBN-001-03, p. 196, laatste alinea, en p. 200, eerste alinea, en het proces-verbaal zaaksdossier van 18 april 2023, ZD-001, p. 76, derde alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_cd894fb0-8c98-4926-aef4-93d7f8aa5606" label="4">
    <para> Het proces-verbaal Fotodossier " [adres 2] ", IBN-001-04, p. 201 t/m 281, zoals beschreven door verbalisanten in IBN-001-03, p. 195 t/m 200, en waargenomen door de rechtbank en besproken tijdens het onderzoek ter terechtzitting.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5157a4ad-36e9-4fcf-83a8-9f2ce496a642" label="5">
    <para> Een schriftelijk bescheid met documentcode DOC-026, inhoudende een proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant] van 27 juni 2022, p. 426, vijfde alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_05c5e7de-c04d-4edb-827d-ba7a8bc72c01" label="6">
    <para> Een proces-verbaal van bevindingen onderzoek inbeslaggenomen tabak van 24 maart 2023, AMB-005, p. 177.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_48be104e-271f-4334-a3f5-4f3bca4d697e" label="7">
    <para> Een proces-verbaal van bevindingen onderzoek inbeslaggenomen tabak van 24 maart 2023, AMB-005, p. 177, in samenhang met en schriftelijk bescheid met documentcode DOC-042, p. 451, 452, 457 t/m 462.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_259be8e8-8037-49a4-b070-50ceffce932b" label="8">
    <para> Een schriftelijk bescheid met documentcode DOC-055, p. 492.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e7613726-df8f-42c2-ba82-4fe5cb7d64f2" label="9">
    <para> Een schriftelijk bescheid met documentcode DOC-020, p. 417.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_77b76b1c-710b-4796-b9d0-b617f3e5c260" label="10">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor van verdachte van 24 mei 2022, V-001-01, p. 39, negende en tiende alinea, p. 40, eerste en laatste alinea, en p. 41, eerste alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2343bcf4-59a7-4227-8b86-b00410c1419c" label="11">
    <para> Een proces-verbaal inzake de doorzoeking van het pand gelegen aan de [adres 2] , IBN-001-01, p. 188 t/m 190. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_20f982f2-c4f5-4183-a2ad-7f58652298ea" label="12">
    <para> Een schriftelijk bescheid met documentcode DOC-006, een schriftelijk bescheid met documentcode DOC-048, een schriftelijk bescheid met documentcode DOC-007 en een schriftelijk bescheid met documentcode DOC-049, zoals beschreven door verbalisanten in IBN-001-03, p. 195 t/m 200, en waargenomen door de rechtbank en besproken tijdens het onderzoek ter terechtzitting.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5e8a0162-3f97-43d1-9866-10cd742ae2a0" label="13">
    <para> Het proces-verbaal van Forensische Onderzoek – Plaats delict onderzoek [adres 2] , </para>
    <para>IBN-001-03, p. 196, onder ‘bestelauto 2’, en p. 197, eerste alinea. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_647d82c9-62e9-4e2d-a43f-0ce74bd72be3" label="14">
    <para> Een schriftelijk bescheid met documentcode DOC-026, inhoudende een proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant] van 27 juni 2022, derde alinea p. 426 en Zaaksdossier ZD-001 p. 80 vijfde alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9b48272c-667c-4f0e-9fa3-edb61ef4022a" label="15">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor van verdachte van 24 mei 2022, V-001-01, p. 41, eerste en tweede alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2bd61a03-a1b5-4f4c-86c4-82bb95b61f2d" label="16">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte 1] van 2 december 2022, V-004-01, p. 67, twee na laatste alinea, in samenhang met een schriftelijk bescheid met documentcode DOC-021, p. 419.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a0a8bfe6-3bac-42ea-98bc-81febcc77b2d" label="17">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte 1] van 2 december 2022, V-004-01, p. 67, twee na laatste alinea, en p. 68, vijfde alinea, in samenhang met een schriftelijk bescheid met documentcode DOC-021, p. 419.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b7a7c20b-a3e8-4071-88c8-08eb826434a4" label="18">
    <para> Het proces-verbaal van bevindingen inbeslaggenomen machines, AMB-006, p. 179 t/m 185. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_076b78ab-b5d9-4d7e-a2b5-4d54b5ee4d51" label="19">
    <para> Gerechtshof ’s Hertogenbosch 2 juli 2024, ECLI:NL:GHSHE:2024:2140, r.o. C; Richtlijn 2008/118/EG.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1056ecf9-37f0-4a9f-ad8c-1d222b773521" label="20">
    <para> Hof van Justitie van de Europese Unie 10 juni 2021, ECLI:EU:C:2021:473, r.o. 28.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6bd4b635-be63-430a-bce1-1b1955ddff55" label="21">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor van verdachte van 24 maart 2023, V-001-01, p. 41, eerste alinea.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>